Pijnlijk klimaatbeleid

De eerste overeenkomst tussen de gemeenten Barendrecht en Urk is dat zij, als het aan het kabinet ligt, een belangrijke bijdrage gaan leveren aan het klimaatbeleid in Nederland. De tweede overeenkomst is dat beide gemeenten fel protesteren tegen de rol die hun is toebedeeld.

Een leeg gasveld onder een woonwijk in Barendrecht moet als proeftuin dienen voor de ondergrondse opslag van het broeikasgas CO2. Voor de kust van het voormalige eiland Urk komen tachtig windmolens van bijna tweehonderd meter hoog. De CO2-opslag wordt noodzakelijk geacht ter reductie van de vervuilende uitstoot en in de verwachting dat het gebruik van fossiele brandstoffen, de belangrijkste oorzaak van emissies, nog jaren nodig zal zijn om in de energiebehoefte te voorzien. De windmolens komen er om toch al zoveel mogelijk over te gaan op duurzame energiebronnen.

Dit is klimaatbeleid in de praktijk, dit is wat steeds meer aan de orde zal komen als er volgende maand in Kopenhagen op de klimaattop concrete en bindende afspraken worden gemaakt. Als woorden in daden moeten worden omgezet.

Opvallend zijn de emotionele bewoordingen waarmee de gemeentebesturen zich tegen de plannen van de ministers Van der Hoeven (Economische Zaken, CDA) en Cramer (Milieu, PvdA) keren. Twintig jaar na de val van de Muur in Berlijn stelt het gemeentebestuur dat Urk achter een „IJzeren Gordijn” komt te liggen. En de Barendrechtse wethouder Zuurbier (VVD) beweert zonder schroom dat „het kabinet zich heeft laten gijzelen door Shell”. Dit klinkt als de taal van boze actievoerders, maar het is een zware beschuldiging van een medeoverheid, zoals gemeenten tegenwoordig in Den Haag worden aangeduid. De ministers zouden zo’n aantijging niet onweersproken moeten laten, ook al heeft Shell onmiskenbaar een rol gespeeld in de keuze voor Barendrecht.

Het lege gasveld daar (en bij buurgemeente Albrandswaard) kwam om allerlei redenen als het meest geschikte uit de bus voor de proef met de CO2-opslag. Het is de bedoeling dat straks veertig jaar lang veertig megaton koolstofdioxide in Nederland zowel onder de zeebodem als onder land wordt geborgen, 20 procent van de jaarlijkse uitstoot.

De protesten vormen de ‘nimbyfactor’ in het klimaatbeleid: voor een schoner milieu, maar niet ten koste van de eigen achtertuin. Zoals de bezwaren in Urk tegen de horizonvervuiling langs het IJsselmeer door reusachtige windmolens invoelbaar zijn, is de angst van de bewoners van Barendrecht begrijpelijk. Toch hebben de woorden van wethouder Zuurbier op zijn geestverwanten in de Tweede Kamer geen doorslaggevende indruk gemaakt: de VVD-fractie steunt voorlopig het kabinet, met de terechte kanttekening dat dit dan ook meer werk moet maken van kernenergie.

De ministers Cramer en Van der Hoeven bezoeken morgenavond een speciale raadsvergadering in Barendrecht. Ze zullen al hun overtuigingskracht nodig hebben. Want klimaatbeleid zonder pijnlijke maatregelen bestaat niet.