Streef eerder naar minder kernwapens dan naar geen

Niet alle punten in het pleidooi van de vier Ministers van Staat voor een kernwapenvrije wereld zijn steekhoudend (Opiniepagina, 23 november). Het argument dat wij een uitspraak van het Internationale Hof van Justitie (van 1996) moeten helpen nakomen, kan worden weerlegd: als gastland moeten wij ons juist neutraal opstellen. Maar belangrijker is dat die uitspraak gekoppeld was aan „strikte en effectieve internationale controle”. En die is ver te zoeken, getuige Iran. Zonder die controle heeft niemand vertrouwen in nucleaire ontwapening.

Het pleidooi van de oud-gedienden gaat ook niet in op de rol die kernwapens nu nog hebben: niet als tegenwicht tegen een massale conventionele aanval van de Sovjet-Unie op West-Europa, maar nog wel als wereldwijde afschrikking van andere kernwapenstaten om die wapens te gebruiken. Dat kan met veel lagere aantallen en daarop zouden wij ons moeten richten.

Ten slotte: de koppeling aan het Verdrag van Lissabon doet naïef aan. Dat verdrag verandert niets aan het intergouvernementele karakter van het Europese buitenlands- en veiligheidsbeleid. Frankrijk en Engeland piekeren er niet over om hun wapens op te geven, die zij zien als legitimatie van hun permanente zetel in de Veiligheidsraad. De nieuwe Hoge Vertegenwoordiger zal haar vingers daaraan niet branden.

Dr. W.F. van Eekelen

Oud-minister van Defensie (VVD), Den Haag