Biopas?

Het internationaal sporttribunaal bevestigde de schorsing van Claudia Pechstein. Zij werd door schaatsfederatie ISU voor twee jaar uitgesloten. Wat voor waarde heeft de biopas in de strijd tegen doping?

Douwe de Boer, voormalig directeur van dopinglaboratoria: „Een probleem van het biologisch paspoort is dat er meer soorten zijn. Normaal gesproken zorgt het Wereldantidopingagentschap WADA voor een uniform beleid, voor het biologisch paspoort hebben ze daar nog geen concrete stappen in gezet. Dat betekent dus dat alle spelers in het veld hun gang kunnen gaan. Verschillende bonden hebben verschillende biologische paspoorten. Wielrenners hebben een heel ander paspoort dan schaatsers. Het paspoort van de schaatsbond is nu juridisch getoetst en geldig bevonden. Dat wil niet zeggen dat alle biologische paspoorten juridisch geldig zijn. Verder heeft Pechstein een aantal dingen aan de kaak proberen te stellen. Verschillende meetapparaten geven verschillende uitslagen over hetzelfde bloedmonster. Het CAS heeft dat niet ontkend. Daar zit nog een probleem. In het geval van Pechstein hebben ze daarom de uitslagen van één apparaat onder de loep genomen en de rest laten vallen. Toch viel het oordeel niet in haar voordeel uit. Niet alle details van de zaak Pechstein zijn naar buiten gekomen, vooralsnog spreken de feiten niet in haar voordeel. Ik ben een voorstander van het biologisch paspoort, maar ik vind wel dat we voorzichtig moeten blijven met een oordeel vellen op basis van alleen het biologisch paspoort.’’

Jac Orie, coach Control schaatsploeg: „Ik vind het bloedpaspoort een goed wapen tegen het misbruiken van verboden middelen. Ik denk dat het van grote waarde kan zijn in de strijd tegen doping. Het is voor het schaatsen wel vervelend dat nu zo’n groot icoon wordt gepakt.”

Erben Wennemars, professioneel schaatser: „Ik vind het biologisch paspoort een goed middel om doping te bestrijden. Alle mogelijke manieren om doping op te sporen, moeten worden gebruikt. Dopingcontroleurs moeten op dezelfde manier kunnen denken als dopingzondaars om ze te kunnen betrappen. Alle middelen moeten worden ingezet om de sport schoon te maken en te houden.”

Berend Nikkels, voormalig arts TVM-wielrenners en Spaar Select-schaatsers: „Als het biologisch paspoort wordt gebruikt voor een dopingveroordeling, is er sprake van oneigenlijk gebruik. Het paspoort is in het leven geroepen voor de gezondheid van de sporters. Daarbij zijn de onderzoeken naar Pechstein niet goed uitgevoerd. Ze kunnen nooit met honderd procent zekerheid zeggen dat de afwijkingen in de bloedwaarden op doping wijzen. Ik weet dat schommelingen en afwijkingen ook zonder dopinggebruik kunnen voorkomen.’’

Hein Verbruggen, ex-voorzitter van de Internationale Wielerunie UCI: „In 1997 begonnen wij met het afnemen van bloed bij renners voor hematocriet metingen. Dokter Schattenberg wilde de data opslaan, waaruit de voorloper van het biologisch paspoort ontstond. Ik denk dat een groot deel van de dopingcontroles meer en meer zullen plaatshebben naar aanleiding van de biopas. Misschien moet er nog een aantal data aan het paspoort worden toegevoegd. Ik denk dat het biologisch paspoort nu de meest adequate manier is om het dopingprobleem te bestrijden.”

Cor Hellingman, advocaat: „Het biologisch paspoort kan en mag niet als bewijs worden gebruikt. De privacy van de sporter is namelijk in het geding. Voor een biologisch paspoort moet een sporter toestemming geven. Die toestemming geeft hij of zij onder dreiging van sancties. Daarbij mogen sporters niet deelnemen aan wedstrijden wanneer zij geen toestemming geven voor het registreren van hun persoonsgegevens voor dopingcontroles. Pechstein en andere sporters worden gedwongen om een verregaande mate van inzicht in hun gezondheidsgegevens te geven. Als er geen andere juridische grondslag is dan toestemming, moet de toestemming in vrijheid zijn gegeven. Dat is niet het geval, dus het bewijs is onrechtmatig verkregen. Het hele dopingproces kan daardoor nietig worden verklaard.”