De vrouw is bij Roth een detail

Twee weken geleden opende Boeken de discussie over The Humbling (De vernedering), de nieuwe roman van Philip Roth. Pieter Steinz vond het boek een mislukking, Elsbeth Etty en Stine Jensen niet. Op deze pagina een reactie van schrijfster Kristien Hemmerechts en een keuze uit lezersreacties. De hele discussie is te volgen via nrcboeken.nl

Het is – met alle respect voor Pieter Steinz – een beetje onzinnig om de seksscènes in een roman van Philip Roth ‘onzinscènes’ te noemen, zoals Steinz doet in zijn recensie van Philip Roths korte nieuwe roman De vernedering, om de eenvoudige reden dat seks in Roths werk nooit een detail is. Lust staat gelijk aan leven, en het tanen van de lust aan de naderende dood. Zijn mannelijke hoofdpersonages belijden dit mantra: Ik neuk dus ik ben. In The Dying Animal (2001) heet het: ‘Seks is de weerwraak op de dood.’

Roths roman The Human Stain (2000) opent met een tirade tegen de hypocrieten die de arme Bill Clinton aan de schandpaal nagelden. In The Dying Animal brengt hij een eresaluut aan een vroege Amerikaanse kolonie die het genot in het vaandel schreef. Helaas hebben schijnheilige puriteinen het overwicht gekregen op deze hedonistische club. Ook in De vernedering duikt de gedachte op dat oer-instincten begraven liggen onder lagen beschaving en redelijkheid. In een ritueel neuken bevrijdt seksgodin Pegeen de zinnelijkheid. ‘Er ging nu iets primitiefs van uit, […] alsof Pegeen een magisch amalgaam van sjamaan, acrobaat en dier was.’ Simon Axler, die toekijkt, voelt even in zich de god Pan ‘met zijn glurende wellustige blik’. Even.

Met deze scène wordt Pegeen op een voetstuk geplaatst. Simon noemt haar ‘the ringmaster’ (‘spreekstalmeester’, maar die vertaling drukt minder haar soevereiniteit uit). Háár oerdrift wakkert Simons levenslust aan. Met haar aan zijn zij, zo beeldt hij zich in, zal hij opnieuw de draad van zijn carrière kunnen opnemen. In zijn fantasie vraagt zij hem zelfs of hij haar wil bezwangeren. En ze wil ook hem bemoederen. Even koestert Simon de illusie dat Pegeen voortaan voor hem zal leven. Even.

In het werk van Roth is het bed het toneel van een heftige machtsstrijd. Liefhebben is onderwerpen of onderworpen worden. In The Dying Animal zegt David over zijn mooie Consuela: ‘Ik ben de auteur van haar heerschappij over mij.’ Met andere woorden: als zij de baas is, dan is dat omdat híj haar tot baas heeft gekneed. Ook in De vernedering kneedt Simon dat het een lust is. Hij koopt dure kleren voor Pegeen en stuurt haar naar een trendy kapper. Pegeen, die al heel haar leven lesbisch is, wordt op deze manier getransformeerd tot een heteroseksuele vrouw. Dat is althans de bedoeling. Pegeen laat het zich gewillig aanleunen. Voor haar is het allemaal nieuw en verrassend. Gebiologeerd kijkt ze naar Simons penis. ‘Het vult je heel anders op dan een dildo of vingers. Het leeft. Het is een levend ding.’ Pegeens kneedbaarheid is van korte duur. Nauwelijks een alinea verder bindt ze een dildo voor en eist een radicale gelijkheid in bed: zij zal hém penetreren en híj moet haar dildo pijpen. Simon bedankt voor de eer. En beseft hij dat hij als verliezer uit de strijd komt. Toch blijft hij hopen dat zijn hoer in bed zich zal transformeren tot een moeder aan de haard, die trots applaudisseert als híj schittert op het podium. Hij is als de pyromaan die omkomt in de brand die hij zelf heeft aangestoken. Of aangewakkerd.

Moeten we nu zeggen: lang leve deze roman want de vrouw laat zich niet kooien? Hoera voor Roth want de man krijgt een koekje van eigen deeg, zoals Stine Jensen en Elsbeth Etty betogen?

Je kunt De vernedering zo lezen als je wilt, al onderschatten Jensen en Etty Simons potentie. Maar eigenlijk wordt hier een verhaal verteld dat zo oud is als de Bijbel: de vrouw is het noodlot van de heteroseksuele man, ze is zijn achillespees, zijn femme fatale; hij kan niet zonder haar, maar ze brengt hem ten val. In The Dying Animal heet het: ‘ze is de vrouwelijke magie waaraan mannen niet kunnen ontsnappen’.

De vernedering zegt veel over mannen – over hun angst voor de dood, voor impotentie, voor aftakeling, voor afwijzing, én over hun gemengde gevoelens voor vrouwen – maar helemaal niets óver vrouwen. Pegeen dumpt Simon, maar waarom ze dat doet komen we niet te weten. Nooit worden we deelgenoot van háár gedachten. Als personage wordt ze gebruikt om Simons tragedie te ontwikkelen. Díé is het onderwerp van het boek. Pegeen komt onverwachts opduiken en verdwijnt abrupt wanneer haar functie is vervuld. Ook Simons vrouw Victoria verdwijnt geruisloos uit de roman zonder een woord van uitleg. Louise, Pegeens gedumpte minnares, wordt nooit meer dan een karikatuur. Sybil, die haar man vermoordt, dient in de eerste en laatste plaats als rolmodel voor Simon. Pegeen bedenkt een fantasiemeisje Lara om Simon op te hitsen. Kortom: alles en iedereen in deze roman staat in functie van Simons hellevaart.

Simon slaagt er niet in een relatie met mensen aan te gaan. Hij neemt ze mee uit eten, hij koopt cadeaus voor ze, hij heeft seks met ze, maar daarmee houdt het op. Mensen blijven objecten waarop hij zijn verlangens en angsten projecteert. Het vernieuwende van De vernedering is dat Simon dit op de valreep beseft. Hij ziet in dat hij de verantwoordelijkheid niet in Pegeens schoenen kan schuiven. En zo blijft hij, en hij alleen, de auteur van zijn ondergang. Het aandeel van de vrouw blijkt uiteindelijk een detail. Zelfs die rol wordt haar niet gegund.

Philip Roth: The Humbling. Vintage, 160 blz. € 20,-. Vert. Babet Mossel (‘De vernedering’) bij De Bezige Bij, 143 blz. € 16,90.