Mumbai berust in kwetsbaarheid

De terreuraanvallen op Mumbai begonnen vandaag een jaar geleden. Er zijn veiligheidsmaatregelen getroffen, maar volgens inwoners is er niets wezenlijk veranderd.

Een beetje op haar hoede is ze wel, zegt mevrouw Gulnar Karanjar (73). Ze wacht op haar chauffeur voor haar appartement in een lommerrijke straat in het zuiden van Mumbai. Tegenwoordig belt ze de politie als ze iets verdachts ziet. Maar echt bang is ze niet. Verhuizen heeft ze nooit serieus overwogen.

„Mijn man zegt: Waarom zouden wij ergens anders derdeklas burgers worden als we hier een eersteklas leven leiden? We hebben hier altijd gewoond. We hebben het hier goed. Waarom zouden we dat opgeven?”

Mevrouw Karanjar woont een paar straten achter ‘de Taj’, het statige Taj Mahal Hotel dat vandaag een jaar geleden voor het oog van de wereld het symbool werd van dood en verderf, gezaaid door Pakistaanse terroristen. Veel pijnlijker nog legden de chaotische taferelen in Mumbai, de financiële en economische metropool van India, de eigen machteloosheid bloot om terreurdreiging te onderkennen en om burgers te beschermen.

Een jaar later overheerst in India de berusting dat, ondanks nieuwe veiligheidsmaatregelen, geen echte cultuuromslag heeft plaatsgevonden. Het land, misschien iets beter voorbereid, is nog steeds kwetsbaar voor terreur, zeggen de meeste analisten. „De politie kan nu eenmaal niet alles, zegt Karanjar. En textielondernemer en activist Nitai Mehta, die ook in Zuid-Mumbai woont, zegt dat er niets wezenlijk is veranderd. „Iedereen bouwt muren om zich heen en hoopt dat hij niet wordt getroffen”, verzucht hij.

Zuid-Mumbai is misschien wel de duurste buurt van India, afgezien van de visserstrook waar op de avond van 26 november tien uit Karachi afkomstige terroristen aan wal kwamen voor een met militaire precisie voorbereide slachting. Ze kwamen slechts om te doden, niet om eisen ingewilligd te krijgen, zei het hoofd van de Nationale Veiligheidsgarde, toen na afloop de balans werd opgemaakt en 166 slachtoffers waren geteld.

Onder de aangevallen doelen waren, naast het Taj Mahal Hotel, de monumentale Chhatrapati Shivaji Terminus (het vroegere Victoria-station), het trendy Leopold Café, een joods centrum in het Nariman House en het luxe Oberoi Trident Hotel. De gijzeling in de Taj duurde het langst, pas na zestig uur hadden de veiligheidstroepen het brandende gebouw onder controle. Het proces tegen de enige overlevende dader is nog bezig.

De herdenkingen vandaag zijn ingetogen. Premier Manmohan Singh, die de natie een jaar geleden met een verbeten trek om de mond toesprak, is in het buitenland. Misschien herdenken India en Mumbai slechts op kleine schaal, omdat ze al zo vaak doelwit waren van terreur. Bovendien geldt: wie naar de stad komt, komt om te werken en kan het zich niet veroorloven lang bij iets stil te staan. „Er is geen andere keuze dan weer naar kantoor te gaan”, zeiden inwoners daags nadat drie jaar geleden 250 doden vielen bij aanslagen op forensentreinen. Wie nu op zoek gaat naar het geheim van Mumbais veerkracht, hoort hetzelfde: een dag niet werken is een dag geen inkomen.

Er is natuurlijk nog een andere reden voor terughoudendheid. India blijft doelwit van terreurdreiging uit Pakistan – in Indiase ogen een mislukte staat. De autoriteiten waarschuwen geregeld dat Pakistaanse terroristen nieuwe aanvallen voorbereiden. Singh verwijt de Pakistaanse regering Laskhar-e-Taïba, de terreurorganisatie die verantwoordelijk wordt gehouden voor ‘26/11’, met rust te laten. Gisteren maakte Pakistan alsnog bekend zeven verdachten te zullen berechten, maar India betwijfelt of die aankondiging serieus is.

De wetenschap van Pakistaanse dreiging maakte vorig jaar het falen van de Indiase inlichtingen- en veiligheidsdiensten, inclusief het politiekorps in Mumbai, des te wranger. Daags na 26/11 nam minister Chidambaram de verantwoordelijkheid voor de binnenlandse veiligheid op zich. Chidambaram, tot dan op Financiën, wordt beschouwd als doortastend. Hij richtte een nieuw nationaal bureau voor onderzoek op, zoiets als de FBI in de VS. De inlichtingendiensten kregen opdracht nauwer samen te werken. Eenheden van de Nationale Veiligheidsgarde zijn nu in verschillende steden gelegerd zodat ze sneller ter plekke kunnen zijn. De kustbewaking wordt versterkt. En de politie van Mumbai, met nieuwe hoofdcommissaris, wordt beter uitgerust.

Dat klinkt allemaal geruststellend, maar de vraag is of het afdoende is. Veel analisten menen van niet, hoewel er dit jaar geen nieuwe grote aanslagen waren. De nieuwe hoofdcommissaris in Mumbai, D. Sivanandan, zei tegen persbureau Reuters een nieuwe aanval niet te kunnen uitsluiten. Maar als er iets gebeurt, zullen we sneller en beter reageren, belooft hij. Dat neemt niet weg dat agenten die het Taj Mahal Hotel bewaken, tot afgelopen week buiten moesten slapen, onder de monumentale boog van de Gateway of India. Pas na krantenpublicaties kregen ze een tent.

Julio Ribeiro (80), een oud-hoofdcommissaris in Mumbai en actief in de burgerbeweging voor harmonie tussen de gemeenschappen, juicht de ingrepen toe. Maar ook hij waarschuwt dat er geen garantie is. „Ook de goedgetrainde tegenstanders bedenken steeds nieuwe methoden om toe te slaan”, zegt hij. En hij betwijfelt of er werkelijk een cultuuromslag zal plaatsvinden bij de politie, volgens hem de belangrijkste voorwaarde voor beter functioneren.

„In het begin is iedereen alert. Maar na verloop van tijd leunt men weer achterover”, zegt hij. „Het grote probleem is dat wij in India geen onafhankelijk, professioneel geleid politieapparaat hebben. Politiemensen zijn loyaal aan lokale politici, niet aan de topleiding. Vroeger had je ook te maken met politieke beïnvloeding en corruptie, maar het is de laatste jaren veel erger geworden.”

Even leek het erop dat de schok van 26/11 zou leiden tot de cultuuromslag waarover Ribeiro spreekt. Bij voorgaande aanslagen werden vooral gewone mensen getroffen. Hoewel vorig jaar ook treinreizigers en toevallige passanten werden gedood, waren de aanvallen vooral gericht op de symbolen van het welgestelde Mumbai, op de buitenlandse gasten in het Taj en het Oberoi, en op de joden in het Nariman House. Verontruste burgers riepen op tot echte veranderingen. Ze eisten meer veiligheid, politiehervormingen, bestrijding van corruptie en betere dienstverlening van de overheid.

„Inmiddels is alles weer bij het oude”, zegt textielondernemer Mehta, medeoprichter van Praja (Burger), een actiegroep voor beter bestuur in Mumbai. „Dezelfde politici die altijd de dienst uitmaakten zitten nu op het pluche, ook degenen die tijdelijk aftraden”, zegt hij. Ook in het rijke Zuid-Mumbai stemden de mensen bij de parlementsverkiezingen afgelopen voorjaar massaal op de kandidaten van de oude garde.

„Hier wonen de mensen die veranderingen tot stand kunnen brengen. Maar niemand wil echte veranderingen”, zegt Mehta. „We hebben het hier immers goed.”