In Jakoetië bloeit nog het kapitalisme

Diep in Siberië ligt een diamantindustrie onaangetast door de crisis. Een fenomenaal staaltje van Russische staatshulp.

De oprijlaan is niet meer dan een hobbelig en glibberig pad door de sneeuw. Halverwege dat pad, middenin Siberië, tussen bouwvallige loodsen en boerenhuisjes, steekt de nieuwe fabriek van EPL Diamond boven een hoog ijzeren hek uit. Schijnwerpers verlichten de poort. Prikkeldraad glinstert in de ijskoude avondlucht. Strenge bewakers weren pottenkijkers. Er hangt een sfeer als in de Goelag Archipel.

In het drie verdiepingen hoge, geel geschilderde pand, waar diamanten juwelen worden vervaardigd, is de spanning groot. Want ieder moment kan president Vjatsjeslav Styrov arriveren voor de opening van het gebouw. De rode loper is voor de president van de republiek uitgerold en in de hal staan ter gelegenheid van zijn komst billboards waarop de succesvolle geschiedenis van het bedrijf te bestuderen is. Foto’s van de olijk lachende eigenaar van EPL Diamond, Pjotr Fjodorov, te midden van zijn personeel in hun werkplaatsen, cijfers van de almaar groeiende omzet, gehandicapte arbeiders die bij EPL een baan hebben gevonden. De bloeiende toekomst van kapitalistische ondernemingslust lijkt hier in de republiek Sacha (Jakoetië), geholpen door de staat, werkelijkheid geworden.

Fjodorov is een 43-jarige arts die vijftien jaar geleden de geneeskunde inruilde voor de handel in juwelen. Met succes. Want sindsdien is zijn bedrijf uitgegroeid tot de grootste van Jakoetië. In de nieuwe fabriek, die 200 man personeel heeft, kan jaarlijks 660 kilogram goud worden verwerkt in exclusieve juwelen, de specialiteit van EPL.

Meteen achter de stalen toegangshekken in de smalle hal begint de nijverheid al, want ondanks de naderende ceremonie draait de fabriek al een aantal dagen op volle toeren. „Vanuit de kluis in de kelder worden de diamanten hierheen gebracht”, zegt bedrijfsleider Nadezjda Prokovjeva op de eerste verdieping bij twee loketten waarachter serieus kijkende Jakoetse meisjes diamantjes uit zakjes halen en administreren. „Hier worden de edelstenen aan de edelsmeden uitgeleverd en later weer in ontvangst genomen.”

In een belendend zaaltje zijn een paar edelsmeden bezig om plastic vormpjes te maken van de op papier ontworpen sieraden, die vervolgens in siliconenpasta worden geperst. In die mal wordt goud gegoten, en klaar is de basis van het juweel. Op een belendende afdeling worden ze vervolgens gegalvaniseerd en gepolijst, waarna in een volgend zaaltje zo’n tien man aan kleine werkbankjes met splinternieuwe minuscule boortjes, vijltjes en hamertjes de diamantjes erin zetten. „Ik krijg de zakjes hier op mijn werkbank bezorgd en volg de instructies die erop staan”, zegt edelsmid Pavel. „Iedere diamant die ik hier voor me heb liggen is anders geslepen en heeft een andere grootte.”

Dan wijst marketingdirecteur Nikita Potapov op een dennenboompje van zo’n 25 centimeter hoog. „In dit miniatuurboompje zit bijvoorbeeld een halve kilo goud”, zegt hij. „Aan de onderkant worden straks diamanten in de takjes aangebracht. Het is een sierobject voor onze hoofdwinkel in (de hoofdstad) Jakoetsk, maar je kunt het ook kopen.”

In een hok achter het laatste zaaltje worden de meest exclusieve juwelen vervaardigd. „Niemand eruit”, roept Potapov ineens, als hij enkele edelsmeden over de grond ziet kruipen. Er heerst paniek, want een van hen heeft een diamant op de grond laten vallen, die nu onvindbaar is. „We vinden hem altijd wel, hoor”, zegt Potapov geruststellend.

Dan komt president-directeur Fjodorov binnen, in zijn zondagse pak. Behalve eigenaar van ELP Diamond is hij als afgevaardigde in het parlement van Jakoetië verantwoordelijk voor de economische ontwikkeling en de industrie in zijn republiek, wat hem tot een machtig man maakt. Fjodorov glimt van trots en heeft ook alle redenen om tevreden te zijn. Want ondanks de crisis gaat het met de diamantindustrie nog altijd heel goed. Bij EPL is van een dalende omzet geen sprake. „In 2007 hadden we een omzet van 120 miljoen roebel (2,8 miljoen euro)”, zegt Fjodorov lachend. „In 2008 was dat 400 miljoen roebel (9,3 miljoen euro), voor dit jaar verwachten we zelfs 800 miljoen roebel (18,5 miljoen euro) en voor 2015 hopen we we een omzet van 10 miljard roebel (231 miljoen euro) te draaien.”

EPL Diamond is in Jakoetië een van de zes grote zelfstandige juwelenondernemingen waar in totaal ruim 300 mensen werken. Behalve zes winkels in Rusland heeft EPL filialen in China, de Verenigde Staten en Israël. In dat laatste land is het aan de beurs genoteerd. „EPL is de grootste exporteur van juwelen in Rusland”, zegt directielid Toejara Gavriljeva. „En we staan op de derde plaats wat de verkoop van geslepen diamant in Rusland betreft.”

EPL is een van de systematisch ontwikkelde ondernemingen die in de jaren negentig in Jakoetië zijn opgezet met hulp van de staat. Bij de opening zal president Styrov even later nog eens herhalen dat EPL op die staatssteun kan blijven rekenen. Dat is een belofte die niets kost, want Fjodorov heeft bewezen geen staatssteun meer nodig te hebben sinds hij zich zonder hulp van de Jakoetse overheid op de internationale markt heeft begeven.

In 2009 zullen de zes Jakoetse juweliersbedrijven een totale omzet van 23,4 miljoen euro behalen (waarvan dus ruim tweederde voor rekening van EPL). De diamantindustrie in Jakoetië wordt beheerst door de onderneming Alrosa, deels eigendom van de federale staat, deels van de republiek en deels van andere aandeelhouders. De vicepresident van Jakoetië, Gennadi Aleksejev, is voorzitter van de raad van toezicht en woont vrijwel permanent in Moskou, waar het hoofdkantoor van Alrosa is gevestigd.

Volgens een overeenkomst met de federale regering in Moskou uit 1992, toen Alrosa werd opgericht, mag Jakoetië zelf beschikken over 20 procent van alle ruwe diamanten, die het aan de zes juwelenondernemingen en de twaalf diamantslijperijen in Jakoetië verkoopt.

Alrosa haalt de ruwe diamant uit de grond en verkoopt het aan de diamantfabrieken, zegt een woordvoerder van de president van Jakoetië in het Huis van de Regering in de Kirovstraat. „Dat gebeurt vooral in de stad Mirnyj, in het westen van onze republiek, op 850 kilometer van Jakoetsk. De 35.400 inwoners werken er vrijwel allemaal in de diamantontginning. Alrosa betaalde er in de jaren negentig voor alles: ziekenhuizen, scholen, winkels, maar inmiddels doen we dat uit ons eigen budget.”

De ruwe diamant in Mirny werd decennialang gewonnen uit een grote, open mijnschacht van 525 meter diep en met een diameter van 1,25 kilometer. Maar die schacht is zo langzamerhand leeg en nu moet naar alternatieven ontginningsgebieden worden gezocht.

„In augustus is de eerste diamantmijn geopend, die 800 meter de grond in gaat”, zegt de woordvoerder. „We moeten dus steeds dieper graven op zoek naar nieuwe diamant. Binnenkort gaan er nog twee andere diamantmijnen open.”

In de Ojoenski-straat bevindt zich een van de drie juwelierswinkels van ELP Diamond in Jakoetsk, Diamond House genaamd. Op de twee verdiepingen van het gebouw, waar tot voor kort ook de fabriek was gevestigd, glinstert het van de juwelen in alle prijscategorieën, die oplopen tot vijf miljoen euro. Nu is het stille seizoen aangebroken, door winterse koude die vandaag de min 28 heeft bereikt en nog verder kan dalen tot min 50. „Maar in de zomer komen de toeristen weer”, zegt hoofdverkoopster Xenia Boertseva. „Uit Amerika, China, Australië, Japan en ook uit Moskou.” Ze haalt verschillende dure juwelen uit de vitrines en laat ze extra glitteren in het licht van de halogeenspots.

Directeur Toejara Gavriljeva onderstreept het belang van de diamanthandel voor Jakoetië. „Het is belangrijk dat er een industrie is opgekomen die niet alleen maar grondstoffen verkoopt, maar er ook zelf iets mee doet”, zegt zij. „Want tot 1992 werden in Jakoetië geen edelstenen verkocht en was alle ruwe diamant die hier werd gedolven bestemd voor de export. En dan nog valt er terrein te winnen. Want Jakoetse diamanten zijn weliswaar in heel Rusland bekend, maar in het buitenland weten niet veel mensen van de hoge kwaliteit.”

In de nieuwe fabriek drentelt de hele staf nog altijd zenuwachtig heen en weer. Mobiele telefoons gaan af. De president komt eraan. Fjodorov is de enige die ontspannen is. Over de stralende toekomst van zijn fabriek maakt hij zich geen zorgen. „Als je zoals wij in Jakoetië hebt gewonnen”, zegt hij, „dan is het een makkie om daarna in de rest van Rusland te winnen.”