Advies over foute ondernemer weinig waard

Om te voorkomen dat een crimineel een horecavergunning krijgt, mag een gemeente diens integriteit beoordelen. Maar de wet die dit regelt voldoet niet.

Burgemeesters krijgen meer bevoegdheden bij het screenen van ondernemers. Door een wijziging van de wet Bibob mogen burgemeesters straks zelf vertrouwelijke registers van de fiscus en politie en justitie inzien. Dat is het belangrijkste punt in de aankomende reparatiewet van de ministers Ter Horst (Binnenlandse Zaken,PvdA) en Hirsch Ballin (Justitie, CDA).

De Wet-Bibob, die integriteitsonderzoek van coffeeshophouders, bordeelexploitanten en de vastgoedbranche mogelijk maakt, moet voorkomen dat foute ondernemers met een vergunning van de overheid geld witwassen of andere criminele activiteiten faciliteren. Maar de wet is aan slijtage onderhevig. Dat werd de afgelopen weken duidelijk na een serie uitspraken waarbij eerder geweigerde seksondernemers bij de rechter aan het langste eind trokken.

Probleempunt is de kwaliteit van de adviezen van het Landelijk Bureau Bibob (LBB), een onderdeel van het ministerie van Justitie. Dit bureau moet gemeenten adviseren bij de beoordeling van complexe Bibob-zaken. De adviezen van het LBB zijn niet zelden de basis voor een afwijzing van een vergunningsaanvraag. Maar het huiswerk van het LBB is de afgelopen weken niet betrouwbaar gebleken, zo ondervond burgemeester Piet Bruinooge van Alkmaar.

Hij is er twee weken na een harde uitspraak van de Alkmaarse rechtbank nog steeds teleurgesteld over en voorziet het einde van de Bibob. Omdat die wet niet werkt, zegt hij. Hij werd op de vingers getikt door de rechtbank omdat hij ten onrechte een vergunning weigerde aan een grote bordeelexploitant op de Achterdam, de Alkmaarse rosse buurt.

Bruinooge baseerde zich op advies van het landelijk bureau. „We zijn er twee jaar mee bezig geweest en ik vind dat ik moet kunnen vertrouwen op de kwaliteit van het werk van dat landelijk bureau. Het ging mis omdat tussentijds de jurisprudentie veranderd is en de rechter anders toetst. Toen wij begonnen, was het aantonen van een redelijk vermoeden voldoende. Nu moet je bijna het strafrechtelijk bewijs met daadwerkelijke veroordelingen kunnen overleggen. Daarmee is die wet uitgehold.”

Bruinooge voorspelt dat burgemeesters het niet nogmaals durven proberen. „Dat zijn de geluiden die ik hoor van collega’s. Het OM spoort me aan om beroep aan te tekenen. Omdat anders de Bibob-wet uitgehold wordt. Maar ik betwijfel of dat zin heeft.” Ook over het plan van Binnenlandse Zaken en Justitie om burgemeesters meer bevoegdheden te geven, is hij kritisch. „Dat is de verkeerde koers. Ik wil als burgemeester er blind op kunnen vertrouwen dat het werk van dat landelijk bureau deugt en voor de rechter standhoudt. Dat moet in de reparatiewet geregeld worden.”

De Alkmaarse burgemeester is niet de enige die twijfelt aan de kwaliteit en de bruikbaarheid van de adviezen van het landelijk bureau. Amsterdam negeerde twee weken geleden een advies van dit bureau om Jan Otten, eigenaar van sekstheaters Casa Rosso en de Bananenbar, geen vergunning te geven. De stelling dat Otten indirect betrokken zou zijn geweest bij het witwassen van crimineel geld, kon niet hard worden gemaakt, zo concludeerde Amsterdam zelf nadat het landelijk advies eens goed onder de loep was genomen.

In Amsterdam hebben ze ruime ervaring met de Bibob-wetgeving. Vorig jaar werd het bestuur van de hoofdstad in het ongelijk gesteld bij weigering van bouwvergunningen. De bestuursrechter wees dat van de hand omdat het landelijk bureau zijn advies vooral gebaseerd had op krantenknipsels uit internationale media waaruit zou blijken dat de aanvrager zich ophield in het internationale drugscircuit. Onvoldoende betrouwbaar, oordeelde de rechter.

Ook Groningen kent het feilen van de Bibob-wetgeving. Vorig jaar werd het Groningse gemeentebestuur door de Raad van State op de vingers getikt na weigering van prostitutievergunningen. Ook die was gebaseerd op adviezen van het landelijk bureau. Toenmalig burgemeester Jacques Wallage beklaagde zich bij minister Hirsch Ballin met dezelfde argumenten als nu Bruinooge. Met de huidige Bibob-wet kunnen criminele bordeel- en coffeeshophouders onvoldoende worden aangepakt.

„Het is allemaal slordigheid van het landelijk bureau”, aldus advocaat Rob IJsendijk, die de Alkmaarse zaak van Koos Nool en de Amsterdamse zaak van Jan Otten heeft gedaan. De raad van toezicht van het landelijk bureau Bibob functioneert niet meer sinds 2007. En de directeur werd pas onlangs met terugwerkende kracht benoemd. IJsendijk vindt dat illustratief: „Voor een overheidsorgaan dat de integriteit van burgers moet beoordelen zijn dat heel ongelukkige fouten.”

Professor A. de Moor, hoogleraar bestuursrecht aan de Universiteit van Amsterdam en ‘Bibob-watcher’, zegt het wat diplomatieker. „Het landelijk bureau doet aan feitenonderzoek en verzamelt daarvoor brokjes informatie. Maar het is louter dossieronderzoek, er wordt met niemand gesproken. En daarop baseren burgemeesters weer hun weigeringen. Zonder de mogelijkheid om dat feitenonderzoek te controleren, terwijl de wet die verplichting wel oplegt.”

Volgens De Moor en Bruinooge is dat de achilleshiel voor burgemeesters. „Ze moeten verifiëren, maar hebben geen inzage in de oorspronkelijke bronnen”, aldus De Moor. Bruinooge wil die ‘vergewisplicht’ helemaal uit de wet schrappen. „Uitgaande van de trias politica ben ik als burgemeester verantwoordelijk voor de uitvoering, ik wil niet op de stoel zitten van de rechter of de wetgever.”

Alkmaar wacht de reparatiewet niet af. „We hebben nog andere mogelijkheden”, aldus Bruinooge. De wet gaat over het wel of niet verlenen van een vergunning. Er is nog een derde weg. Die van vergunningen onder strikte voorwaarden. Zoals Amsterdam heeft gedaan met Casa Rosso. Bruinooge: „Als andere gemeenten de Casa Rosso-route nemen, schiet de wetgever zichzelf in de voet met die reparatiewet. Dan is het de vraag of er nog iemand is die er gebruik van maakt.”

Eerdere artikelen op nrc.nl/binnenland