Aanval moskee India was goed voorbereid

De verwoesting van een moskee in Ayodhya, in India in 1992, is nog altijd een motief voor aanslagen. Oud-premier Vajpayee en oppositieleider Advani zouden betrokken zijn.

Geesten uit het verleden achtervolgen India. Morgen is het een jaar geleden dat Pakistaanse terroristen een bloedbad aanrichtten in Mumbai. Maar de aandacht voor die herdenking verbleekt bij het politieke tumult over een gebeurtenis van zeventien jaar geleden die nog steeds de verhoudingen tussen hindoes en moslims ondermijnt.

Het gaat om Babri Mashid, een moskee in het noordoostelijke Ayodhya, die in december 1992 werd verwoest door een menigte hindoefanatici. Volgens hen was de moskee in 1528 gebouwd op de geboortegrond van de hindoegod Ram en stond er vóór die tijd een tempel voor Ram.

Maandag publiceerde The Indian Express uit een rapport dat is opgesteld door een onderzoekscommissie van oud-rechter Liberhan. De (nu openbaar gemaakte) conclusies zijn zeer belastend voor hindoefundamentalistische organisaties, aangeduid met de familienaam Sangh Parivar, en voor de top van de BJP, de belangrijkste oppositiepartij en het politieke gezicht van de Sangh Parivar.

Liberhan schrijft dat Ayodhya geen spontane actie was van hindoes, maar zeer zorgvuldig was voorbereid door de hindoefundamentalistische beweging RSS en verwante organisaties. Oud-premier Vajpayee en de huidige oppositieleider Advani worden aangeduid als ‘pseudo-gematigden’, die ondanks hun ontkenningen zware verantwoordelijkheid dragen voor het aanwakkeren van spanningen tussen hindoes en moslims.

De verwoesting van de moskee was gewelddadig, maar er vielen geen doden. Dat gebeurde wel op grote schaal in de maanden erna. In Mumbai vielen honderden doden, overwegend moslims, toen hindoefanatici huishielden. Later kwamen daar bijna 250 mensen om bij een serie bomexplosies in forensentreinen. Dat was een wraakactie van onderwereldkoning Dawood Ibrahim, die nu in Pakistan woont.

‘Ayodhya’ kwam in 2002 opnieuw in beeld door pogroms in de westelijke deelstaat Gujarat. Daar werden mogelijk 2.000 moslims afgeslacht, nadat een trein met uit Ayodhya terugkerende hindoepelgrims in brand was gestoken en 58 van hen omkwamen. Bij veel aanslagen van de afgelopen jaren verwezen de daders naar ‘Ayodhya’ en ‘Gujarat’ als motief.

Advani, die al jaren campagnes voerde voor de bouw van een Ram-tempel in Ayodhya, heeft steeds volgehouden de verwoesting van de moskee te betreuren. Maar Liberhan oordeelt dat hij zich gewillig voor het karretje van de extremisten liet spannen. Overigens oefent het rapport ook zware kritiek uit op falend leiderschap van moslimzijde.

De vraag is wat de regerende Congrespartij, die geen belang heeft bij polarisatie, met het rapport gaat doen. Per slot van rekening heeft zij haar eigen beladen geschiedenis. Het is deze maand 25 jaar geleden dat in Delhi pogroms werden georganiseerd op sikhs, na de moord op Congres-premier Indira Gandhi door haar sikh-lijfwachten.