'Niet opgelucht ademhalen dat ons geen blaam treft'

Accountants zijn in het debat over de kredietcrisis behoorlijk buiten schat gebleven. Roger Dassen, topman van Deloitte in Nederland, ziet hun rol wel veranderen.

Bankiers, toezichthouders, aandeelhouders, kredietbeoordelaars en overheden. Allemaal zijn ze in het afgelopen jaar aangewezen als schuldig of medeschuldig aan de financiële crisis. Maar de accountants lijken dit keer buiten schot te blijven.

Hoe anders was het in de vorige recessie, aan het begin van deze eeuw. Het was de tijd van de boekhoudschandalen. Bij Enron en Worldcom in de VS, bij Parmalat en Ahold in Europa. Morgen komen de Nederlandse accountants bijeen voor hun jaarlijkse Nationale Accountantsdag. Een jaar nadat de financiële crisis op zijn hoogtepunt was, reflecteren ze op hun eigen rol in de crisis. En komt beroepsorganisatie Nivra met het voorstel om een commissie waarin kennis gedeeld moet worden. „Daar ben ik blij mee, accountants moeten hun maatschappelijke verantwoordelijkheden nemen”, zegt Roger Dassen. „De accountant kan niet meer volstaan met te zeggen dat hij de jaarrekening goed gecontroleerd heeft. Door onze waarnemingen bij individuele klanten bij elkaar te brengen, kunnen we meer inzichten in het systeem krijgen. Wat hier op een microniveau gebeurt kan aan de andere kant van de wereld dramatische gevolgen hebben. ”

Dassen is bestuursvoorzitter van Deloitte in Nederland. Hij is ook hoogleraar aan de Vrije Universiteit. En hij was de controlerende accountant bij Ahold onmiddellijk na het losbarsten in 2003 van het boekhoudschandaal bij het supermarktconcern.

Hoe kan het dat de accountants in deze crisis buiten schot bleven?

„Als je alleen kijkt naar de traditionele rol van het controleren van de jaarrekening, dan kun je niet zeggen dat de accountants grote steken hebben laten vallen. En dat is afwijkend van een paar eerdere crises, waarin dat wel het geval was. Dat wil niet zeggen dat dit keer alles perfect voor elkaar was en dus zijn we met toezichthouders bezig om de kwaliteit van de controle nog verder omhoog te krijgen. Ook moeten we als accountants nu niet opgelucht ademhalen dat ons geen blaam treft en daaruit concluderen dat de crisis voor ons niet relevant is geweest. Wij hebben ook de verantwoordelijkheid om te kijken wat er mis is gegaan en of wij niet onze maatschappelijke rol anders moeten invullen.”

Wat kan er beter?

„Wij als accountants opereren op een microniveau. We controleren de jaarrekening van de klant en dat is het dan. Je ziet wellicht signalen dat er iets niet goed zit, maar handelt het af op het niveau van die klant. Een voorbeeld: stel je bent accountant van een Amerikaanse hypotheekverstrekker en ziet dat er geld wordt geleend aan mensen die rente en aflossing nooit kunnen betalen en dat het onderpand er ook niet best uitziet. Als je vervolgens constateert dat die lening in een pakketje wordt doorverkocht aan een volgende partij en het risico weg is bij die klant van jou, dan kun je het daarmee afdoen. Puur geredeneerd vanuit de jaarrekening van die ene klant is dat juist. De uitdaging is nu dat je dat soort signalen, met alle klanten die wij zien en ondanks alle afspraken over geheimhouding, toch kunt vertalen naar een macro-inzicht.”

Maar nu hadden accountants toch ook al kunnen waarschuwen dat zeker de Amerikaanse banken gevaar liepen met grote pakketten hypotheekobligaties waarvan niet alle risico’s waren afgedekt?

„Dat is op zich waar, maar je kreeg er toen nog prachtige ratings bij van de kredietbeoordelaars als Moody’s, Standard & Poor’s en Fitch, die nog een uitstekende reputatie hadden. Hoever ga je dan om je eigen inschattingen te maken? Hoeveel meer deskundigheid kun je zelf dan nog meebrengen? Veel betere of objectievere informatie was niet beschikbaar.”

Bij banken bleek er behoorlijk wat te schorten aan de interne controles en het risicomanagement. Hadden accountants dat niet moeten zien?

„De waarschuwende taak van de accountant ligt vooral op het vlak van de financiële rapportage en welke controles op dat vlak binnen een onderneming worden uitgevoerd. Dat is na de Sarbanes-Oxleywet die je na de boekhoudfraudes in de VS kreeg bijna tot in het oneindige doorvertaald. Het heeft de controls heel robuust, maar ook heel eng gedefinieerd gemaakt. Ik vind dat eigenlijk een verkeerde keuze. Controles binnen ondernemingen moeten veel verder gaan. Ook gaan over risicobeleid bijvoorbeeld.”

Ook zijn er dit keer bij banken weer vehikels buiten de balans toegestaan. Van Enron en Parmalat was toch geleerd hoe gevaarlijk die offbalance-vehicles zijn?

„Een belangrijke voorwaarde om dingen van je eigen balans te halen is dat je daadwerkelijk zelf geen risico meer loopt. In een aantal gevallen, vooral in de VS, hebben we gezien dat het leek of het risico overgedragen was, maar dat het uiteindelijk door de complexiteit toch niet het geval was.”

In de VS controleerde Deloitte onder meer de boeken van Bear Stearns, Merrill Lynch en Washington Mutual die de crisis niet als zelfstandige partij hebben overleefd. Evalueert u in uw internationale organisatie wat u daarvan kunt leren?

„We staan nog steeds achter het werk dat we hebben gedaan als het puur gaat om het controleren van de jaarrekening bij die banken. Maar als je een niveau hoger kijkt, dan is het de vraag of je niet meer vragen moet stellen. Accountants moeten met bestuurders en commissarissen meer de discussie aangaan of belangen van anderen dan aandeelhouders wel genoeg worden meegewogen.”