JPB aangeschoten wild? Nee, wisselgeld

Als Balkenende had gezegd niet beschikbaar te zijn, had hij geen wisselgeld kunnen opstrijken. Want zo werkt dat in de carrousel van Europa, meent J.M. Bik.

Volgens velen in Nederland, zowel in de parlementaire oppositie als in veel media, heeft premier Balkenende vorige week donderdag een nederlaag geleden en is zijn politieke positie behoorlijk beschadigd, omdat hij door zijn EU-collega’s niet is aangewezen als eerste nieuwe vaste voorzitter van de Europese Raad. Menigeen noemt de premier nu ‘aangeschoten wild’. En dat heeft hij volgens zijn critici vooral aan zichzelf te wijten. Want, zoals de vroegere PvdA’er Marcel van Dam het vorige week donderdagavond bij Pauw & Witteman zei, wanneer hij twee maanden geleden in de Tweede Kamer niet alleen had gezegd dat hij „geen kandidaat” was, maar daaraan had toegevoegd dat hij ook werkelijk „niet beschikbaar” was, had hij alle speculaties in Den Haag en Brussel al bij voorbaat de kop ingedrukt.

Daar lijkt op het eerste gezicht iets voor te zeggen. Maar de vraag is of er over deze kwestie niet toch iets langer mag worden nagedacht. Omdat in het ‘benoemingenbeleid’ binnen de Europese Unie bij de toewijzing van posten steeds informele afwegingen worden gemaakt van het gewicht en de belangen van de afzonderlijke landen, en de politieke kleur en het geslacht van hun kandidaten. Dat leidt in de praktijk vaak tot een soort ‘uitruil’ tussen de landen die kandidaten hebben voor hoge functies als het nieuwe vaste voorzitterschap van de Europese Raad, de Hoge Vertegenwoordiger voor het buitenlands beleid of een lidmaatschap van de 27-koppige Europese Commissie. Zelfs de nationaliteit van hoge Europese ambtenaren speelt een rol bij de verdeling van EU-posten. Het komt bijvoorbeeld zelden voor dat iemand een bepaalde portefeuille in de Commissie krijgt wanneer op zijn of haar gedachte werkterrein een landgenoot de hoogste ambtelijke positie heeft.

Een praktisch voorbeeld. Waarschijnlijk wordt met recht aangenomen dat de Britse premier Brown zich van enig wisselgeld voor dat Europese ruilverkeer heeft voorzien door tot in de allerlaatste fase aan de kandidatuur voor het voorzitterschap van de Europese Raad van oud-premier Blair vast te houden. Natuurlijk wist Brown allang dat Blair om allerlei redenen eigenlijk niet aanvaardbaar was voor Duitsland en Frankrijk en daarom geen kans had. Maar door Blairs kandidatuur pas op de beslissende dag in te trekken, vorige week donderdag op de EU-top, wist Brown als mooie ‘beloning’ voor de Britse Catherine Ashton de post van Hoge vertegenwoordiger annex een vicevoorzitterschap van de Commissie binnen te halen.

De Portugees Barroso, die al zeker is van zijn herbenoeming als voorzitter van de Europese Commissie, kan sinds afgelopen donderdagavond met spoed aan het werk om de nieuwe Commissie en de portefeuilleverdeling tussen haar leden samen te stellen. Neelie Kroes (VVD), die sinds 2004 in Europa naam heeft gemaakt met de zware portefeuille Mededinging, geldt opnieuw als Nederlands kandidaat. Haar kandidatuur mag rekenen op warme steun in de nationale media. Dat is mooi maar ook eigenaardig, want nog maar enkele jaren geleden berichtten die media geregeld met smaak over haar connecties met omstreden figuren in de vastgoedsector.

Dat haar partij nu in Den Haag in de oppositie zit is voor het kabinet geen reden haar niet te kandideren, zei minister Verhagen (Buitenlandse Zaken, CDA) onlangs. Een probleem is wél dat op het terrein van het mededingingsbeleid begin dit jaar een Nederlander is benoemd als hoogste ambtenaar, wat kan inhouden dat mevrouw Kroes met een andere portefeuille zou moeten instemmen. Zij het dan een zware, heeft zij van haar kant duidelijk gemaakt. Mocht dat gelukken, dan zou dat iets te maken kunnen hebben met het feit dat Balkenendes naam tot vorige week donderdag nog steeds heeft meegedraaid in de Europese carrousel rond de benoeming van de nieuwe voorzitter van de Europese Raad. Die hoofdprijs is uiteindelijk gegaan naar de Belg Van Rompuy, een andere christen-democraat uit een klein land.

Aannemelijk is dat Balkenende door pas in de laatste ronde af te vallen wat wisselgeld heeft opgedaan voor de samenstelling van de Europese Commissie. Dat wisselgeld had hij, waar zijn eigen ambities dan ook precies lagen, niet kunnen verdienen wanneer hij twee maanden geleden in de Tweede Kamer hardop had gezegd dat hij „niet beschikbaar” was. Meer nog: mocht mevrouw Kroes dadelijk opnieuw een zware portefeuille in de Commissie krijgen, dan heeft zij dat vermoedelijk mede te danken aan Balkenendes nederlaagje van vorige week.

J.M. Bik is oud-redacteur van NRC Handelsblad.