Zes jaar voor ex-leider Iran

De Iraanse ex-vice-president Mohammad Ali Abtahi is volgens zijn advocaat tot zes jaar gevangenisstraf veroordeeld wegens onder andere samenzwering tegen de nationale veiligheid en propaganda tegen het islamitisch systeem. Hangende zijn hoger beroep werd hij gisteren op een borgtocht van 700.000 dollar vrijgelaten.

Abtahi, vice-president onder de hervormingsgezinde president Mohammad Khatami, is de hoogste voormalige regeringsfunctionaris onder de meer dan honderd activisten en oppositiepolitici die sinds augustus worden berecht wegens hun rol in het massaprotest tegen de herverkiezing van president Ahmadinejad in juni. Inmiddels zijn vijf verdachten ter dood veroordeeld, onder andere wegens lidmaatschap van monarchistische groepen. Volgens de staatstelevisie zijn 81 beschuldigden tot gevangenisstraffen veroordeeld van zes maanden tot 15 jaar. De televisie noemde geen namen.

De Iraanse autoriteiten beschuldigen de oppositie ervan met haar protestacties op aangeven van buitenlandse mogendheden een ‘fluwelen revolutie’ te hebben willen organiseren. De hoogste leiders van de oppositie, de verslagen presidentskandidaten Mir Hossein Mousavi en Mehdi Karroubi en ex-president Khatami, zijn vooralsnog ongemoeid gelaten.

Weken na zijn arrestatie bekende Abtahi op de televisie onder andere dat hij mensen ertoe had aangezet om de straat op te gaan. Tijdens zijn proces zei hij ook geen enkel bewijs te hebben gezien van verkiezingsfraude. Maar zijn familie en oppositieleiders beschuldigen de autoriteiten ervan zijn bekentenis – evenals die van andere beschuldigden – onder zware druk te hebben afgedwongen. Zij spreken van een ‘showproces’.

Oppositieleider Mousavi zei gisteren dat zijn beweging niet wijkt voor de harde tegenmaatregelen van de regering. „Deze beweging gaat door en we zijn bereid welke prijs dan ook te betalen”, zei hij. De mensenrechtencommissie van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties veroordeelde vorige week Iran wegens de maatregelen tegen de oppositie. De Iraanse ambassadeur had zware kritiek op de resolutie. (Reuters, AP, AFP)