Voetballen blijft mensenwerk, scheidsrechteren ook

Het bedrog van Thierry Henry (hands!) is moeilijk te accepteren. Maar met videobewijzen schiet het voetbal weinig op, betoogt Auke Kok.

De opwinding over de handsbal waardoor het nationale voetbalelftal van Frankrijk zich kwalificeerde voor de eindronde van de wereldkampioenschappen, is begrijpelijk. De bal niet met de hand raken is een van de weinige belangrijke regels van het spel, dat niet voor niets voetbal heet. De dader, Thierry Henry, controleerde de bal met zijn hand, trapte hem naar William Gallas die inkopte. Zonder het doelpunt zou niet Frankrijk, maar Ierland zich hebben geplaatst.

Henry gaf zijn ‘misdaad’ achteraf volmondig toe. Daar had hij groot gelijk in, want zijn handsbal was door camera’s vastgelegd. Dat laatste verhoogde de commotie nog verder: in het digitale tijdperk suist zo’n voorval eindeloos de wereld over, in close-up, telkens weer voeding gevend aan verontwaardiging over de daad zelf en het uitblijven van straf. Met een handsbal toegang krijgen tot het belangrijkste toernooi op aarde: het zou niet moeten kunnen. Maar het kan dus wel – kijk maar.

Opmerkelijk was de snelheid waarmee de wereldvoetbalbond FIFA een verzoek van Ierland om de wedstrijd te mogen overspelen, naast zich neerlegde. Vrijwel onmiddellijk klonk ‘nee’. Terwijl je enig beraad had verwacht, rekening houdend met de woede bij de Ieren. Met de korte uitleg was overigens weinig mis: beslissingen van scheidsrechters worden naderhand niet gewijzigd. Anders zou het gezag van de scheidsrechters drastisch afnemen – en die mensen hebben het al moeilijk genoeg met al die korte lontjes in het voetbalstadion.

De vrees bij de FIFA voor het scheppen van een precedent lijkt op z’n plaats – hoe vervelend dat voor de Ieren ook is. Want waar leg je de grens? Scheidsrechters maken aan de lopende band fouten, en aan welke criteria zou een verkeerde beoordeling moeten voldoen om een wedstrijd te laten overspelen? Iedere wedstrijd is een op zichzelf staand verhaal dat Hier en Nu wordt geschreven. Dat maakt het ook zo spannend. Alles wordt besloten waar je bij staat.

Valt er dan toch niet wat aan te doen? Bijvoorbeeld de scheidsrechters tijdens de wedstrijd ondersteunen met videobeelden. De kwestie-Henry heeft de roep om elektronische hulpmiddelen weer eens versterkt. In toenemende mate wordt de FIFA behoudzucht verweten.

Het lijkt ook zo simpel: zet een functionaris achter een tv-toestel en laat hem de scheidsrechter corrigeren via een microfoontje. Of maak gebruik van computers – die zijn tenminste neutraal.

Maar zo simpel is het niet. Voetbal moet het hebben van de voortgang. Worden veel andere sporten in ‘brokjes’ opgediend, voetbal moet vloeien. Hoe minder onderbrekingen, hoe beter. Het invoeren van ‘video referees’ (zoals bij hockey en rugby) en ‘hawk eyes’ (tennis) staat daar haaks op.

Ook voor een ander principe van de FIFA: voetbal moet vooral mensenwerk blijven, valt veel te zeggen. Op het foutenfestival dat zelfs de beste wedstrijd is, kun je immers van alles projecteren, je kunt er oeverloos over fantaseren en napraten. De blunders van de ‘scheids’ horen daarbij. Met video’s en computers tast je het menselijk karakter en daarmee de kern van het spel aan. Accepteren en doorgaan, dat is voetbal.

Daarom is het te hopen dat het experiment met de vijfde en zesde official in de Europa League een succes wordt. In dit toernooi voor clubteams krijgt de scheidsrechter niet alleen steun van twee grensrechters langs de zijlijnen, maar ook van officials bij de achterlijnen. Het voordeel van deze uitbreiding is dat situaties van meerdere kanten worden beoordeeld, zonder dat het menselijk tekort wordt uitgewist. Dikke kans dat een dergelijke official de handsbal van Henry had gezien. Maar zeker is dat niet – en die onzekerheid is precies wat we in stand moeten houden. Dat hebben die zo bekritiseerde bobo’s toch goed gezien.

Auke Kok is journalist en sportcolumnist voor NRC Handelsblad en Vrij Nederland.