Onbesuisde Boekestijn is terecht opgestapt

Als het hoofdredactioneel commentaar van 19 november over het vertrek van Arend Jan Boekestijn halverwege was geëindigd met de constatering dat Boekestijn zijn jongensachtige onbesuisdheid had moeten intomen, dan was het voldragen geweest. Maar dan vliegt de commentator tezamen met Jan Dirk Snel elders op dezelfde pagina uit de bocht. Bijeenkomsten met het staatshoofd hebben niets van doen met het al dan niet functioneren als volwaardig volksvertegenwoordiger als daarover wordt gezwegen. Dat is geen achterhaalde hofetiquette. Een van de zeer slechte kenmerken van ons door de media beïnvloede politieke bestel is het misverstand dat alles op tafel moet worden gegooid zonder vertrouwelijkheid te respecteren. In deze opvatting kunnen bewindslieden of Kamerleden straffeloos en schaamteloos klappen uit vertrouwelijke bijeenkomsten of stukken die hun als geheim zijn toevertrouwd doorgeven. Dat leidt overigens in zeer veel zaken tot minder openbaarheid en meer overleg binnenskamers, de zogeheten achterkamertjespolitiek, zoals gebleken is bij het vooroverleg tussen de coalitiegenoten bij de AOW-kwestie.

Ik ben bijzonder verheugd dat Boekestijn is opgestapt na geklapt te hebben uit een bijeenkomst die door zijn D66-collega Van der Ham als „zeer zinnig” is gekwalificeerd. Zijn aanblijven zou als een Tang op een varken hebben geslagen.

Prof. H.J.L. Vonhoff

Erelid VVD, Hilversum