Mohammed Rabbae

Hij verloor in 2002 zijn Kamerzetel in de verkiezingen die de LPF maar liefst 28 zetels opleverden. Daarna was hij nog even wethouder in Leiden. Maar toen dreigde het stil te worden rond Mohammed Rabbae (68), die als twintiger uit Marokko vluchtte en hier namens GroenLinks de politiek in ging.

Maar stil werd het niet. Vooral de laatste tijd duikt Rabbae’s naam weer geregeld op in het nieuws. Als voorzitter van het Landelijk Beraad Marokkanen (LBM) profileert hij zich als uitgesproken tegenstander van Geert Wilders. „Een kleine Hitler”, aldus Rabbae. (Ayaan Hirsi Ali had van hem al het predikaat „moslimracist” gekregen.) Onlangs riep Rabbae alle migranten op hun lidmaatschap van de FNV op te zeggen. Eigen schuld: dan had vakbondsvrouw Agnes Jongerius maar niet met de gedachte moeten spelen een bondgenootschap met Wilders aan te gaan in de strijd tegen de verhoging van de AOW-leeftijd.

Is het gewezen Kamerlid niet een tikje doorgeslagen? „Nee hoor. Ik ben dezelfde gebleven. Het Nederlandse politieke landschap is naar rechts opgeschoven.” Wilders is in dat landschap de extremist, zegt Rabbae, terwijl linkse politici zich steeds rechtser proberen te profileren. „Neem Wouter Bos, typisch een politicus van deze tijd. Hij wil polariseren, zegt hij, maar dan vooral tegen de Nederlandse moslimbevolking, niet tegen Wilders. Bos bekent kleur naar gelang de eisen van het tijdsgewricht.”

En u? „Ik beken voortdurend kleur. En mooier nog: telkens dezelfde.”