En 'pats' zei de bubble

Joris Luyendijk speelt met nieuwe journalistiek. Maar begrijpen de lezers hem wel?

Het was vrijdagavond na tienen in boekhandel Wilbro te Tegelen, gemeente Venlo, toen uw correspondent aan zijn goedlachse Limburgse gesprekspartner moest toegeven: touché mon frère. Je deed het niet eens expres, maar ‘pats’ zei mijn bubble.

Ik schets de situatie. Uw correspondent had twee uur verteld en gepraat over zijn werk ooit in het Midden-Oosten, over hoe je de kloof tussen beeld en werkelijkheid kan verklaren, tonen en dichten. Het was geen moeilijk verhaal omdat ik parallellen kon trekken tussen beeldvorming over moslims, en over Venloënaren. De stad komt dezer weken veel in de media omdat het woensdag gemeenteraadsverkiezingen hield, en de thuisbasis is van dhr. Wilders – die niet meedeed omdat hij geen goede kandidaten kon vinden. Tussen twee haakjes: goede gewoonte vind ik dat in Amerikaanse kranten! Altijd mr. schrijven, ook al gaat het over Stalin en Charlie Chaplin. Moeten wij ook doen.

Terug naar Tegelen. Na afloop ga je dan als au-teur signeren, een archaïsche bezigheid want het enige waarvoor ik nog een handtekening nodig heb, is... signeren! De girobetaalkaart is weg, de fax, facturen mogen digitaal...

Nou ja, ik stond te signeren, en hoorde hoe schrijversavonden in boekhandels worden weggespeeld door bibliotheken, kunstpodia etcetera. Boekhandels zijn immers ‘commercieel’ en grijpen naast de subsidies. Ze krijgen ook klappen van nieuwe spelers als de boekenafdeling van NRC. „Je betaalt honderden euro’s om in een krant piepklein te adverteren, en dan pakt diezelfde krant uit met een hele pagina voor een eigen boek.”

Het was miniatuur-antropologie – uw correspondent was tenslotte onder de rivieren en dus strikt gesproken in Afrika. Zo’n detail dat de mevrouw die mij ophaalde van het station de Duitse radio had aanstaan. Dat het Venlose dialect opvallend veel Jiddische woorden bevat, en prikkelende citaten als „wij volgen de Duitse politiek meer dan de Nederlandse”. Over de concurrentie met Roermond en Maastricht, die werden gespaard in de oorlog en nu toeristische attracties zijn. Venlo moet het hebben van Duitse shoppers... „Het wil toch wat zeggen”, zei iemand die dhr. Wilders geen kwaad hart leek toe te dragen: „We kennen hem hier, zijn familie. En als je dan, in je eigen stad, niemand kunt vinden van enig kaliber die voor jou op de lijst wil…. Hij trekt de verkeerde mensen aan en stoot de juiste mensen af.”

A propos. We waren bezig met een verhaaltje dat uitloopt op het busten van de bubble van uw correspondent. Deze signeerde 54 boeken (niet zelf geteld) en raakte toen aan de praat met voornoemde goedlachse Limburger. Hij zei: is dit leuk om te doen? Ik zei: het is werk waarvan ik mijn rekeningen betaal, maar boeiend. Ik hoor nieuwe dingen, en kom in contact met de mensen voor wie ik het doe.

Wat ontdek je dan, vroeg de man, goedlachs. Nou, zei ik, „bij binnnenkomst zei de boekhandelaar: ‘We snappen dat je over die elektrische auto wil praten, maar de mensen komen voor je boeken.’ Het was niet: vertel ons alles wat je weet, want het gaat helemaal mis met economie en milieu. Het was: jij hebt een nieuwe hobby. Leuk voor jou.” Uw correspondent vervolgde – en ik citeer: „Passief klagen over ‘de’ media is aangenamer dan nadenken over wat jij zelf aan duurzaamheid kan doen. Drink jij bijvoorbeeld biologische melk?”

De man schudde, goedlachs, nee. Zag hij dan niet de noodzaak de werkelijke prijs te betalen voor melk? Ach, nu ik dat zo zei misschien wel, verzuchtte de Limburger. Maar hoe weet je zeker dat er niet gewone melk in die groene pakken zit? Tja, zuchtte ik, niet meer goedlachs. Zouden die samenzweringstheorieën daarom populair zijn; ze legitimeren passiviteit?

Toen jij besloot hierheen te gaan, heb je mij gegoogled, zei ik hoopvol tegen de Limburger. Wat viel je op? Hij keek betrapt. „Ik heb een paar van die columns van je gelezen, op de site, en wat mij opviel... Nou, eeh. Ik begrijp er eigenlijk niks van. Waar gaat het over? Waar ben je mee bezig?”

En daar, pats!, ging mijn bubble. Waar was ik die week mee bezig geweest?

Het expertpanel, nieuwe stappen rond de elektrische scriptieprijsvraag (zegt het voort!), mysterieuze uitslagen bij de lezersstemming voor elektrische scooters... Een achtergrondgesprek ergens, een Q&A (dat is Engels voor ‘interview’) met de Israëlische pionier Shai Agassi („als u het wil zijn we voor 2020 van de olie af”)… Maar de belangrijkste vraag was ik vergeten: begrijpen nieuwe lezers waar dit over gaat?

Erg nuttig.

Zie nrc.nl/nrcweekblad voor het weblog van Joris Luyendijk.