Is dit genoeg, één mooie flashback bij Lorrie Moore?

Lorrie Moore: A Gate at the Stairs. Faber & Faber, 322 blz. € 18,95

Het vorige boek van Lorrie Moore, de messcherpe, tragi-hilarische verhalenbundel Birds of America, verscheen in 1999, in wat achteraf de stilte voor de storm bleek te zijn. Haar nieuwe roman speelt in de tijd dat de storm losbreekt, het jaar na de aanslagen van 11 september. Het gaat om de brute volwassenwording van de 20-jarige Tassie Keltjin, de half-Joodse dochter van welvarende boeren in Illinois. Naast haar studie vindt ze een baantje als oppas bij een echtpaar dat een baby adopteert. Haar broer van achttien die zijn draai niet kan vinden, meldt zich aan bij het leger en wordt naar Afghanistan gestuurd. Het jaar loopt uit in verschrikkingen, die reliëf moeten krijgen door de onthechte, ironische verteltrant van Tassie.

Daar gaat het mis. A Gate at the Stairs bevat wonderlijk tragi-komische episodes, zoals de adoptieperikelen van het gemankeerde echtpaar dat Tassie in dienst heeft genomen. Veel zinnen zijn om van te smullen (‘I noticed that when older people got tired they looked a lot older, whereas when young people got tired they just looked tired’). Maar waar in de verhalen van Moore de ironische toon werkte als een weerhaakje, zodat achter alledaagse levens bodemloze tragiek zichtbaar werd, werkt Tassies droge commentaar hier afstand in de hand. Veel van haar grappige opmerkingen zijn raak, maar veel ook niet. Op zulke momenten zie je niet hoe gevat Tassie is, je ziet de schrijfster leuk doen. Dat keert zich tegen de personages en terwijl het onbezorgde bestaan van Tassie doordrenkt raakt van pijn en desillusie, staat de lezer erbij en kijkt ernaar.

Pijnlijk is dat in de scène die uitzinnig en tragisch tegelijk had moeten zijn: tijdens de begrafenis van haar broer, die in Afghanistan door een bermbom uiteen gereten is, gaat Tassie ongemerkt in de kist met stoffelijke resten liggen om dichtbij hem te zijn. Wanneer ze beschrijft wat ze daar aantreft, blijft haar toon even onthecht als altijd. Dat pakt dodelijk uit. Je begrijpt dat Moore sentiment wil vermijden en de verdoving van het verlies harder wil laten aankomen door Tassies hulpeloze verwondering, maar die onaangedaanheid lijkt hier verdacht veel op gevoelloosheid. ‘One was helpless before everything’, zegt Tassie ergens. In A Gate at the Stairs lijkt Moore zich te zeer bewust van wat ze wil overbrengen. Haar stijl wordt een toontje.

Eén episode springt eruit. Het is een flashback, waarin duidelijk wordt hoe het adoptie-echtpaar in een vorig leven een kind heeft verloren door een idiote samenloop van omstandigheden. Die scène is hard, absurd en tragisch. Het is Moore op haar best. Ik ben bang dat het om een oud, zelfstandig kort verhaal gaat, waar Moore deze onevenwichtige roman omheen geschreven heeft.