Een frisse Haagse binnenstad

Minder vervuiling, meer ruimte voor fietsers en een prettiger verblijf in de stad.

Dat zijn de doelen van een Haags plan. Maar bewoners zijn niet blij.

Warme kleuren domineren de decoratiewinkel van Caroline van der Linde in de Haagse Vondelstraat. Op de achtergrond klinkt rustgevende muziek. Buiten raast het verkeer voorbij. Vanaf vandaag, wanneer het verkeerscirculatieplan (VCP) in werking treedt, wordt het waarschijnlijk drukker in de straat. Een deel van de Haagse binnenstad wordt ontlast, maar andere straten krijgen juist meer verkeer te verduren. Wat levert het per saldo op, vraagt Van der Linde, die ook in de straat woont, zich af. Ze vreest dat haar Vondelstraat een racebaan wordt.

Het VCP heeft ingrijpende gevolgen voor het verkeer in het centrum van Den Haag. Straten waar nu nog doorheen gereden kan worden, waaronder het Spui, zijn vanaf nu niet langer toegankelijk voor doorgaand verkeer. Slechts bewoners of bezoekers met een ontheffing kunnen op gezette tijden de ‘pollers’, automatische paaltjes, passeren.

Het VCP kent een roerige voorgeschiedenis. Begin 2007 leek het college van B en W te vallen over het plan. Pas na een lijmpoging kon het stadsbestuur van PvdA, VVD en GroenLinks verder. Voor de VVD was het oorspronkelijke plan te ingrijpend, herinnert verkeerswethouder Peter Smit (VVD) zich. Hij trad aan na de bestuurscrisis, met als een van de belangrijkste taken het VCP vlot te trekken. Het huidige plan telt minder wegafsluitingen dan de versie van een paar jaar geleden.

Maar het huidige VCP is volgens de wethouder geen slap aftreksel van het aanvankelijke plan. Hij somt de voornaamste doelen van het plan op. De Amsterdamse en Stille Veerkade, die behoorden tot de smerigste straten van het land, worden voortaan ontzien. Fietsers en voetgangers krijgen meer ruimte. En de luchtkwaliteit in het Haagse centrum gaat er gemiddeld genomen op vooruit.

Dit betekent wel dat sommige straten juist meer verkeer te verwerken krijgen, waardoor de luchtkwaliteit daar verslechtert. Vooral de straten aan de randen van het centrum zullen zwaarder worden belast. „Het VCP lost niets op, het verplaatst alleen het probleem”, zegt raadslid Rachid Guernaoui van D66, dat tegen het plan stemde. Maar die suggestie is „aantoonbaar onjuist”, zegt Bert van Wee, hoogleraar transportbeleid aan de TU Delft. Door autowerende maatregelen worden mensen geprikkeld met openbaar vervoer of fiets te reizen.

Critici vrezen voor een toename van sluipverkeer in straten die niet worden afgesloten met pollers. Een daarvan is de Boekhorststraat, in een vergeten hoek van het Haagse centrum. Peter Oudemans, eigenaar van een tabakswinkel, juicht extra verkeer juist toe. Hij hoopt dat mensen die in de file staan even snel uit hun auto schieten voor een pakje shag.

Oudemans denkt dat mensen de Boekhorststraat alleen de eerste maanden zullen gebruiken als sluiproute. „Als ze merken dat ze hier telkens vaststaan, kiezen ze waarschijnlijk toch voor de rondweg.” Het VCP moet het autoverkeer zo veel mogelijk naar de ‘centrumring’ dirigeren. Al is dat geen echte rondweg, menen critici, maar eerder een reeks toevallig op elkaar aangesloten straten.

Een ander argument voor invoer van het VCP is de verbetering van het „verblijfsklimaat” van de binnenstad. Mensen moeten door het centrum kunnen slenteren zonder dat ze worden gehinderd door auto’s en uitlaatgassen.

Veel ondernemers en bewoners van de Haagse binnenstad zijn sceptisch over de veranderingen. Bert van Wee merkt dat vooraf meestal veel weerstand bestaat tegen verkeerswerende plannen, maar als ze eenmaal zijn ingevoerd, neemt het draagvlak vaak toe. De hoogleraar wijst op het verkeerscirculatieplan in Groningen, dat begin jaren zeventig werd ingevoerd. „Als je nu aan mensen daar zou vragen of ze de oude situatie terug willen, denken ze waarschijnlijk dat je gek bent.”

Het VCP is geen aanzet tot een compleet autovrij centrum, benadrukt wethouder Smit. „De binnenstad moet bereikbaar blijven met de auto”, zegt hij. Maar voor sommige bewoners is het huidige plan al veel te ingrijpend. Winkeleigenaar Caroline van der Linde zegt dat ze voortaan „kilometers” moet omrijden als ze de stad uit wil.

Smit spreekt van „overdrijving”. „Mensen zijn gewoontedieren, ze zullen even een nieuw paadje moeten zien te vinden.” De wethouder belooft dat de gemeente ingrijpt als zich aanhoudende problemen voordoen. „Alles klopt op papier, maar het moet zich in de praktijk bewijzen.”