Bonnetjes hielpen Daily Telegraph de zomer door

Robert Winnett en Gordon Rayner: No Expenses Spared. Bantam Press, 360 blz. € 18,-

In Engeland is nog nooit zoveel over politiek gepraat en geschreven als in de laatste vijf maanden. Het ging daarbij niet zozeer om pensioenen of belastingtarieven als wel om de declaraties van de volksvertegenwoordigers, voor onder meer bloembakken, kattenvoer, Kitekat- reepjes, pornovideo’s, breedbeeldtelevisies, tampons en spookhypotheken.

De onthullingen in The Daily Telegraph hebben geleid tot het roemloze aftreden van kamervoorzitter Michael Martin en bijna tot de val van de regering-Brown. Het imago van politici is thans vergelijkbaar met dat van handelaren in tweedehands Vauxhalls, zo niet beroerder.

Over de achtergronden van de scoop hebben de betrokken journalisten van ’s lands best verkochte kwaliteitskrant The Daily Telegraph het boek No Expenses Spared geschreven. De bron van de bonnetjesaffaire blijkt te liggen in het Iraakse Basra, waar Britse soldaten met afgunst naar de uitrusting van hun Amerikaanse wapenbroeders keken. Na hun terugkeer naar Engeland besloten enkele soldaten wat bij te verdienen om fatsoenlijke vesten en laarzen te kunnen kopen. Ze vonden een betrekking op The Stationary Office, een geprivatiseerde overheidsdienst waar ze declaraties en bijbehorende bonnetjes van kamerleden moesten anonimiseren. Dat deden ze met stijgende woede.

Een diskette met ongecensureerde gegevens kwam in handen van ex-commando John Wick die enkele kranten benaderde. Uit angst voor rechtszaken durfde The Times deze heilige graal van de journalistiek niet te kopen. De schandaalspecialisten van The Sun toonden wél interesse, maar wilden alleen publiceren over bekende politici. Wick verlangde dat álle sjoemelende kamerleden aan bod kwamen, en ondanks zijn conservatieve kleur, beloofde The Daily Telegraph een evenwichtige verslaggeving. Een voordeel van deze krant bleek zijn klassieke formaat te zijn, die ruimte zou bieden aan foto’s en kaders.

Hoe er op de burelen van The Times achteraf is gereageerd op het missen van deze scoop, kunnen Winnett en Rayner helaas niet weten. Hiermee is meteen een nadeel van het boek aangegeven: het geeft weliswaar een kijkje in de keuken van de Telegraph, maar onafhankelijk en neutraal is het niet. Het zou mooi zijn geweest als de auteurs een rondje hadden gemaakt langs de concurrentie.

Wick eiste dat binnen tien dagen zou worden begonnen met publiceren. Snel formeerde de hoofdredacteur een team van negen redacteuren die in een aparte kamer aan de slag ging met de anderhalf miljoen documenten. De rest van de redactie had geen idee wat er gaande was. Een huisjurist had tien advocaten geregeld voor als de politie zou binnenvallen, al had de nieuwe politiecommissaris van Londen een paar weken eerder aangekondigd dat zijn korps zich niet langer zou bezighouden met politieke zaken.

Op vrijdag 7 mei begon men met de publicatie van dubieuze declaraties van het kabinet, de premier voorop. Wekenlang zou de krant dagelijks gemiddeld twaalf pagina’s besteden aan de onkosten, met thema’s als ‘Home Sweet Homes’ en ‘Flower Power’. De sfeer in Westminster leek op die tijdens terroristische aanval. Opvallend was dat maar één politicus met een grap reageerde. De luchtige uitleg van Austin Mitchell – met passages als ‘Money spent on ginger crinkles and Branston Pickle shocks me [...] I am instituting immediate enquiries in my household to see who could possibly be responsible for introducing such dangerous substances’ – leverde applaus van de redactie op, en publicatie.

Uiteraard waren bij dit schandaal de klassenscheidslijnen zichtbaar. Conservatieve parlementariërs declareerden een eendeneiland, paardenmest en het verschonen van de slotgracht, terwijl bij Labour veel Ikea voorkwam, onder meer een draagtas van vijf pence. Als regeringspartij heeft Labour uiteindelijk het meeste geleden. Pijnlijk was dat een staatssecretaris van Justitie goedkoop huurde van een bevriende huisjesmelker, dat de minister van Financiën zijn eigen belastingaangifte niet kon invullen en dat een onderminister voor Toerisme tienduizenden ponden vergoed wilde zien voor de beveiliging van haar huis in het centrum van Londen.

De bonnetjesaffaire is een nederlaag is voor de gevestigde orde in de politiek, maar een overwinning voor de gevestigde pers, in het bijzonder de ouderwetse Telegraph die gaandeweg zélf het nieuws zou worden. Geen website had het schandaal, door een bezoekende New York Times-journalist omschreven als ‘The Best Show in Town’, zo grondig kunnen uitmelken.