Beschermd door het hakenkruis

Komende week gaat de film ‘John Rabe’ in première, over een Duitser die na de val van Nanking in 1937 zijn leven waagde om Chinezen te redden. Regisseur Florian Gallenberger: ‘Ik toon Nanking door de ogen van Rabe.’

Toen Japanse troepen op 12 december 1937 de Chinese stad Nanking binnentrokken, begon een van de gruwelijkste moordpartijen van de vorige eeuw. Binnen enkele weken was de stad grondig geplunderd en waren naar schatting tweehonderdduizend burgers vermoord en tienduizenden vrouwen verkracht. Chinezen werden gemitrailleerd of met bajonetten doorstoken, hun lijken gebruikt om bomkraters te egaliseren. Japanse officieren poseerden trots met de oogst van onthoofdingswedstrijden.

Een groep van 22 westerlingen – Amerikaanse missionarissen en artsen, 3 Duitsers – boden ruim tweehonderdduizend Chinezen in die bloedige weken enige veiligheid door een half gerespecteerde ‘neutrale zone’ in te stellen. Het internationale comité van die zone stond onder leiding van John Rabe, de Duitse directeur van Siemens in Nanking. Hij stelde zijn leven in de waagschaal voor ‘zijn’ Chinezen, maar stierf in 1950 berooid en vergeten in Berlijn.

En toch had regisseur Florian Gallenberger (37) tien jaar geleden in Duitsland nog geen film kunnen maken over deze ‘Oskar Schindler van het Oosten’, denkt hij. Zelfs vier jaar geleden, toen hij begon aan John Rabe, raadden vrienden hem dat af. Want Rabe was ook een vurige nazi, blijkt uit zijn in 1997 gepubliceerde dagboek, in Nederland verschenen als De goede nazi van Nanking.

Rabe verschilt daarin van Oskar Schindler, de opportunist wiens geweten opspeelde toen hij de gruwelen van de Holocaust zag. Rabe was een romantisch nationaal-socialist die rotsvast geloofde dat Hitler zou ingrijpen als hij hoorde van het wangedrag van zijn bondgenoot Japan. Dus schreef Rabe brandbrief op telegram naar Berlijn, die nooit werden beantwoord. „De Führer zal me niet in de steek laten”, hield hij vol. Hitler was immers „oprecht en simpel, van graniet”, een man „wiens ziel langs de sterren is gestreken”. Nazisme is de bron van zijn humanitaire activisme, denkt Rabe. „Ik ben partijlid van de NSDAP. Ik ben Amtswalter, ik ben zelfs tijdelijk waarnemend hoofd van de plaatselijk afdeling van de partij geweest.”

In de film zien we Rabe een grote hakenkruisvlag uitspreiden om Japanse bommenwerpers te waarschuwen. Chinezen schuilen onder die swastika, een symbool dat meer bescherming tegen bommen biedt dan de schuilkelder. Hij wordt voorzitter van de neutrale zone omdat hij als nazi een streepje voor heeft bij de Japanners en blijkt van enorme waarde door zijn inzet, organisatievermogen en fysieke moed. Meermalen marcheerde Rabe met hakenkruis op de mouw op moordende militairen af, ‘Sieg Heil’ blaffend. Het Rode Kruis heette in Nanking het Rode Hakenkruis.

„Uiteraard is dat paradoxaal, een hakenkruis als humanitair symbool”, zegt Gallenberger. „Maar ik wil in deze film niet het punt maken dat er goede en slechte nazi’s waren. Was Rabe een nazi? De enige die dat werkelijk geloofde, was John Rabe zelf. Hij vertrok in 1908 uit Duitsland, woonde 27 jaar in China, was nog nooit in het Derde Rijk geweest. Zijn waarden waren eerder uit het Duitsland van keizer Wilhelm.” In Hitler zag Rabe een beschermer van de kleine man. Gallenberger: „Het was 1937. Je kon Hitler nog zien als staatsman die met harde hand de sociale vrede herstelde en Duitsland een gelijkwaardige positie onder de volkeren wilde geven.”

Wat trok u in John Rabe?

„Ik las zijn dagboek en werd verliefd.”

Op een kalende zakenman van in de vijftig?

„Ik mocht Rabe eerst helemaal niet. Een pompeuze, ijdele man die denkt dat hij humor heeft. En dan stijgt zo’n doorsneeman boven zichzelf uit als het ertoe doet. Dat valt ook samen met die hevige discussie in Duitsland over civiele moed, naar aanleiding van mensen die door agressieve jongens werden vermoord of mishandeld omdat ze hen op hun gedrag aanspraken. Waarom zet iemand zijn leven op het spel? Politiek is dan niet zo interessant.”

Waarom heeft u zijn lotgevallen na Nanking buiten de film gelaten?

„We hebben dat lang overwogen: Rabe in 1945 tussen de ruïnes van Berlijn bladerend door zijn Chinese dagboeken. Fade-out, flashback naar Nanking. Maar ik wilde een film over Nanking maken door de ogen van Rabe. We hebben al zoveel films over Duitsers die worstelen met hun nazisme.”

Rabe is een held en, o ja, ook nog nazi. Dat kan nu dus in Duitsland

„Ik ben van 1972, de Tweede Wereldoorlog is voor mijn generatie verder weg. Vroeger was alles zwart-wit, wij zien de grijstinten. Verhalen die buiten het patroon vallen, dat boeit.”

Het Duitse schuldcomplex vervaagt?

„Filmmakers gaan anders met het verleden om. Dat begon met Der Untergang, over de laatste dagen van Berlijn. Een enorm succes, ook commercieel. Daarop volgde een reeks films over Duits slachtofferschap. Anonyma over de massaverkrachtingen door de Russen, over Dresden, de ondergang van de Gustloff, Heimatvertriebenen. Ik ben geen fan, het is toch een emotionele backlash. Decennia moest je zwijgen over Duits lijden, omdat je dader bent. En nu praten we over niets anders.”

Hoe zit het met uw schuldgevoel?

„Ik voel geen persoonlijke schuld, maar toch. Ik ben een Duitser, kom uit een gewone familie: geen nazi’s, geen vrijheidsstrijders. Maar als ik op een filmfestival in Israël ben voel ik me vreselijk, vreselijk beschaamd.”

Het bleek voor Gallenberger niet eenvoudig Japanse acteurs voor John Rabe te vinden. „Zo snel het woord Nanking viel, haakten ze af.” Het lukte pas toen ze de castingagent inhuurden van The Sun, de film van Aleksandr Sokoerov over keizer Hirohito. „Hij bracht hen in contact met liberale acteurs die juist wel aandacht wilden voor deze beschamende episode.” De film heeft nog geen distributeur in Japan. „Maar The Sun bleef ook twee jaar liggen omdat je de keizer niet mocht tonen, tot een kleine distributeur het aandurfde. En met succes.”

In China liep het eveneens stroef: pas na twee jaar lobbyen kreeg Gallenberger groen licht om in Nanking te draaien. „Japan is China’s grootste handelspartner, zo’n film is een stoorzender. Toen ik als toerist China bezocht om locaties te verkennen, kreeg ik een telefoontje op de simcard die ik net op het vliegveld had gekocht. Een dame van het ministerie van Propaganda die me inpeperde dat ik nooit toestemming zou krijgen. Ze hielden me in de gaten.” Het project deinde mee op de stormachtige ontwikkelingen in de Japans-Chinese relatie, uiteindelijk lukte het door interventie van „een zeer hooggeplaatste dame”. Toch zint de teneur van John Rabe de autoriteiten niet, vermoedt Gallenberger. „Chinezen als hulpbehoevende slachtoffers, niet het sterke, grote, onafhankelijke China dat nu wordt geprojecteerd.” Men besloot de jonge Chinese regisseur Lu Chen een tegenfilm over Nanking te laten maken. Zijn City of Life and Death ging in september in première in Toronto. „Pure propaganda. Westerlingen hebben Chinese assistenten die het echte werk doen, zelf zijn ze lafbekken, idioten of, in het geval van Rabe, een machteloos jammerende man die de Chinezen op zijn knieën om vergiffenis smeekt. Lu Chen is niet voor niets de benjamin van de partij.”

Dat was eruit voordat hij er erg in had, verontschuldigt Gallenberger zich. „Zo praat je niet over collega’s.” Toch is hij blij met het gedoe. „Kan je in Europa nog een film maken die een debat losmaakt? Antichrist van Lars von Trier een beetje, maar dat is meer een relletje om de verveling te verdrijven.”

Wilt u controverse, dan moet u als Duitser maar eens een film over de Blitzkrieg maken.

(Schatert) „Wat een absurd idee! We zijn nu in de fase dat we slachtofferschap benoemen, daar heb ik al moeite mee. En dan een film over zegevierende nazi’s? Overigens denk ik dat we in Duitsland even klaar zijn met zware, epische films en voor een cyclus lichte komedies staan.”