'We willen ons niet aan een stroming verbinden

De Britse folkrockband Mumford & Sons werd zondag in Doornroosje laaiend enthousiast ontvangen. Zaterdag staan ze op Crossing Border.

Verwacht hadden ze het niet; verdiend hebben ze het zeker. De Britse folkrockband Mumford & Sons werd afgelopen zondag met laaiend enthousiasme ontvangen, bij hun eerste Nederlandse concert in het Nijmeegse Doornroosje. Een verrassend succes in de uitverkochte zaal waar het publiek de liedjes van het recente debuutalbum Sigh No More al kon meezingen. De wonderschone samenzang, het overwegend akoestische instrumentarium met banjo en staande bas, de zelfgeschreven folksongs met een tijdloze uitstraling: alles klopte aan Mumford & Sons.

Zanger en gitarist Marcus Mumford was eerder in Nederland als begeleider van zangeres Laura Marling. Samen werden ze gerekend tot de nieuwe Londense indie-folkscene die twee jaar geleden de kop op stak. Daar wil Marcus van af zijn. „Inderdaad hebben we aanvankelijk veel in Londen gespeeld, maar we willen ons onderscheiden met een persoonlijk, niet aan een stijl of stroming verbonden geluid. De Britse en Amerikaanse folkhistorie is belangrijk voor ons, net als alle andere muziek die ons ter ore komt. We luisteren evengoed naar dubstep als traditionals.”

Marcus Mumford had het merendeel van de liedjes van het debuut al af, toen hij zijn band formeerde met bassist Ted Dwane, toetsenman Ben Lovett en banjospeler Winston Marshall. De bandnaam moet de indruk van een oud familiebedrijf wekken. Allemaal kunnen ze zingen, liefst vierstemmig, en Mumford zelf bedient in veel nummers tijdens het spelen het bassdrumpedaal. „Dat lijkt ingewikkeld, maar het voelt na wat oefening alsof je de maat tikt met je voet. Wij zijn geen puristen; een keyboard hoort er ook bij. Alles om de liedjes het juiste gevoel mee te geven.”

Bijzonder aan Mumfords teksten is dat hij zich in belangrijke mate laat inspireren door William Shakespeare. Titelnummer Sigh no more begint met de woorden „Serve God, Love Me, and Mend,” zoals gesproken door Benedick tot Beatrice in Much Ado About Nothing. „Op Engelse scholen kom je er niet onderuit dat je ruimschoots geconfronteerd wordt met Shakespeare”, zegt Marcus. „Veel medescholieren kregen daarom juist een hekel aan zijn werk, maar voor mij is hij een groot inspirator. Door hem letterlijk te citeren, krijgen onze songteksten een statige, tijdloze lading. Zijn verzen en toneelstukken hebben nog niets aan hun universele betekenis verloren. Bovendien is het een groot voordeel dat je hem mag citeren, omdat er geen auteursrecht meer op rust. Ik jat liever van Shakespeare dan van mindere goden.”

Terwijl Mumford & Sons live veel gemeen hebben met de opzwepende folk van The Pogues, wordt de muziek van hun cd regelmatig vergeleken met de Amerikaanse folkpop van Fleet Foxes. „Een groot compliment,” zegt Marcus, „want voor mij behoren ze tot de beste popgroepen ter wereld. Ik kende hun muziek nog niet toen ik de liedjes van ons album schreef. Vorig jaar hoorde ik hen voor het eerst op het Amerikaanse popfestival South By South West waar wij ook speelden, en ik voelde een verwantschap. De puurheid van hun muziek, en het vermogen om mensen in hun hart te raken, zijn kwaliteiten die ik ook nastreef.”

Mumford & Sons zijn 21/11 op Crossing Border, Den Haag. ‘Sigh No More’ verschijnt bij COOP/V2.

Crossing Border t/m 21/11. Zie crossingborder.nl