Canon betaalt terecht een hoge overnamepremie voor Océ

Fusie arbitrageanten hebben zich beziggehouden met chocolade en olie, maar niet met fotokopieerapparaten. Hoewel er een verwoede biedingsstrijd aan de gang is rond de Britse suikerwarenproducent Cadbury en het aan de Londense beurs genoteerde Dragon Oil, kunnen de arbitrageanten niet goed uit de voeten met het bod van het Japanse hightech concern Canon op het Nederlandse Océ, dat kopieerders en printers maakt.

Canon heeft een overweldigend bod uitgebracht van 730 miljoen euro, dat meer dan 70 procent hoger ligt dan de koers waarop de Océ-aandelen vorige week nog werden verhandeld. De raad van commissarissen en de grootste aandeelhouders hebben er al mee ingestemd. Grote problemen zullen zich dus waarschijnlijk niet voordoen.

Op het eerste gezicht laat de Océ-deal Kraft Foods en Emirates National Oil Company (ENOC) in hun hemd staan. De Amerikaanse voedingswarenproducent en het staatsbedrijf uit Dubai hebben veel bescheidener premies geboden, van respectievelijk 26 en 35 procent. Beleggers die 5 procent van de aandelen van Dragon Oil in handen hebben, hebben het bod van ENOC publiekelijk afgewezen, terwijl de president-commissaris van Cadbury het bod van Kraft „belachelijk” heeft genoemd. Gemeten naar de normen van Canon hebben ze gelijk.

De aandeelhouders van Océ en de raad van commissarissen zouden misschien ook met wat minder genoegen hebben genomen. Premies van 70 procent zijn immers zeldzaam. Maar de prijs kan een redelijke weerspiegeling zijn van wat Océ voor Canon waard is. Het Japanse concern moet zijn printactiviteiten meer gewicht zien te geven, nadat het bij een eerdere consolidatiegolf in de sector buitenspel was blijven staan. En er is duidelijk ruimte voor verbetering van de prestaties bij het verlieslijdende Océ, dat te klein is om te kunnen bloeien in deze kapitaalintensieve bedrijfstak.

Bovendien weerspiegelde de oude Océ-koers de problemen van het bedrijf en niet zijn potentieel. Het bod komt neer op vijf maal de winst, hetgeen alleszins redelijk is. En de hoge premie voorkomt een tegenbod van concurrent Konica Minolta, dat een joint venture met Océ heeft op het gebied van onderzoek en ontwikkeling.

Kraft en ENOC verkeren in een andere positie.

De potentiële synergievoordelen zijn veel minder groot en het is minder waarschijnlijk dat er kapers op de kust liggen. ENOC bezit al 52 procent van Dragon en niemand kan ook maar tippen aan de mate waarin de activiteiten van Kraft en Cadbury elkaar overlappen. De hoge premie die Canon heeft geboden moet de overname soepel doen verlopen. Het Japanse concern wilde graag voorkomen dat een van de grootste uitstapjes van het land op het Europese vasteland een vijandig karakter zou krijgen. Maar Kraft en ENOC kunnen het zich veroorloven minder sensitief en minder genereus te zijn.

Nicholas Paisner