Steeg Afghanistan

Zolang president Karzai (dankzij omvangrijke manipulaties in augustus herkozen) geen einde maakt aan de corruptie, krijgt Afghanistan geen financiële hulp van Nederland. Tot betere tijden zijn aangebroken blijft de 25 miljoen euro in onze staatskas. „We zijn geen gekke Henkie”, zei minister Koenders (Ontwikkelingssamenwerking, PvdA). De Nederlandse soldaten blijven wel in Uruzgan, tot midden volgend jaar, en misschien een kleiner contingent wat langer. Waar dat van afhangt weten we niet. Onwaarschijnlijk dat alle Afghanen dan de corruptie hebben afgezworen. Nederland zou dan hebben toegegeven aan de druk van Amerika en de andere NAVO-bondgenoten. Dat is waarschijnlijker. Maar ook in dat geval blijft de oorlog daar een hoogst riskante onderneming, en of wij dan met onze 25 miljoen over de brug zijn gekomen, weet niemand.

Wij zijn niet het enige land dat worstelt met het Afghaanse dilemma. Obama moet na maanden van overwegen nog steeds zijn beslissing nemen over een eventuele nieuwe benadering. Generaal Stanley McChrystal wil nog steeds zijn 40.000 man versterking. Dat zou de totale kosten met 14 miljard tot 54 miljard dollar verhogen. Binnen dit verband zou het verblijf van één soldaat daar een miljoen dollar kosten. Wat betalen we op het ogenblik in Nederland? Dat weten we niet, althans het kabinet heeft geen cijfers openbaar gemaakt. Geld speelt in een oorlog een andere rol, maar de slotvraag blijft of het een goede investering is.

Ook daarop weet in dit stadium niemand een goed antwoord. Kenmerkend voor de toestand is de mening van ex-generaal Karl Eikenberry. Voor hij in diplomatieke dienst ging was hij opperbevelhebber van de Amerikaanse troepen, nu is hij de Amerikaanse ambassadeur in Kabul. In memo’s aan de president heeft hij zich fel verzet tegen het sturen van extra troepen. Versterking zou ertoe leiden dat Karzai nog afhankelijker van de Amerikanen werd, nog minder de aansporing zou voelen om baas in eigen land te worden. Wel heeft Obama verzekerd dat de Amerikaanse aanwezigheid niet oneindig kan zijn, dat er ook een exit strategy moet worden ontworpen. Maar zo lang hij aarzelt over de versterkingen, blijft zijn dilemma bestaan.

Het gaat allang niet meer uitsluitend over de toekomst van Afghanistan. De Talibaan zijn al een jaar of twee in toenemende mate terug aan het front van de guerrilla. Het wankel evenwicht van Pakistan wordt erdoor bedreigd. Ook daar proberen de Amerikanen het met extra steun, door de hulp aanzienlijk te vergroten. Maar in Islamabad blijven de bommen ontploffen en de strijd in het grensgebied met Afghanistan gaat onverminderd door.

Zo is er een toestand gegroeid waarin de oorlog opnieuw de publieke opinie en de binnenlandse politiek van het Westen heeft bereikt. Premier Brown blijft de Britse aanwezigheid verdedigen, maar intussen heeft hij voorgesteld in januari een topconferentie te beleggen over een plan tot terugtrekking. De aftocht zou dan moeten beginnen in 2010. Een enquête, deze maand gehouden door de BBC, leert dat 64 procent van de Britse kiezers van mening is dat deze oorlog niet valt te winnen en dat de troepen zo vlug mogelijk moeten worden teruggehaald. In Duitsland staat het militaire bedrijf sinds 1945 in het verdomhoekje. ‘De Duitse soldaten vechten deze oorlog alleen’, aldus The International Herald Tribune in een reportage, daarmee aangevend dat de publieke sympathie voor deze expeditie ontbreekt. En in Nederland stelde Geert Wilders in september 2008 voor om onze soldaten uit Uruzgan terug te halen om in Gouda de orde in het openbaar vervoer te herstellen. Wat je daar ook van kunt vinden, zoals blijkt uit de enquêtecijfers heeft hij de PVV daarmee niet benadeeld.

De publieke opinie in Amerika is gespleten. De bestrijding van de crisis heeft enorme sommen gekost. Als de hervorming van de gezondheidszorg volgens Obama’s plannen doorgaat, zal een deel van de meer verdienende belastingbetalers dat ook merken. Er is een dringende economische reden om deze oorlog zo snel mogelijk te beëindigen. Maar dat is niet de overtuiging van de Republikeinse oppositie. „Het is toch de eerste opdracht van de regering, de nationale veiligheid te verzekeren? Als we onze contraterroristische strategie tot het uiterste beperken, komen de Talibaan terug en in hun kielzog de samenzweerders van Al-Qaeda”, zei een Republikeinse senator. Ook dat standpunt heeft zijn talrijke, steeds bozer wordende aanhangers.

In zijn eerste jaar heeft Obama zich geconcentreerd op het herstel van de diplomatie die door zijn voorganger praktisch was afgeschaft. Wat op dit gebied acht jaar consequent was verwaarloosd, kan niet in minder dan een jaar worden goedgemaakt. In de islamitische wereld kan zijn ouverture als voorlopig mislukt worden beschouwd. Zijn toespraak in Kaïro tot ‘alle moslims’ heeft geen reactie van betekenis gekregen. Zijn bemoeiingen met het Israëlisch-Palestijns conflict zijn vruchteloos gebleven. Misschien ligt daar de bron van alle problemen. „We hebben dozijnen kernwapens, tanks, vliegtuigen. We staan tegenover mensen die geen van deze wapens hebben. En toch, diep in ons hart geloven we dat wij de slachtoffers zijn. Deze onmacht om onszelf in relatie tot de anderen te zien, is onze fundamentele zwakte”, stelt de Israëlische schrijver David Grossman vast. Misschien een goede diagnose. Het probleem blijft, die op de praktische politiek toe te passen.

Reageren kan op nrc.nl/hofland (Reacties worden openbaar na beoordeling door de redactie.)