'Geld verdienen is niet pervers'

Drie kwartalen winst noteert de bank NIBC inmiddels. Bestuurders Drost en Van Dijkhuizen zijn tevreden, maar „de markten zijn nog zeer volatiel.”

De Haagse bank NIBC boekt voor het derde kwartaal achter elkaar winst. Na een grondige hervorming van de bank staan advieswerk en gespecialiseerde financieringen nu centraal in de strategie.

Dat leverde de bank een nettowinst op van 13 miljoen euro in het derde kwartaal, tegenover 1 miljoen in het tweede kwartaal en 45 miljoen in dezelfde periode in 2008, vlak voor het ineenstorten van de financiële markten.

Bestuursvoorzitter Jeroen Drost: „De markten trekken weer aan. Het bedrag aan opgenomen kredieten lag in de vier maanden tot en met oktober ruim 40 procent hoger dan in de gehele eerste helft van 2009.”

Financieel bestuurder Kees van Dijkhuizen vult aan: „Onze kapitaalratio’s zijn erg sterk. We hebben dus ruimte om nieuwe kredieten te verstrekken.”

De inkomsten uit advies en commissies zijn fors gedaald van 14 miljoen in het tweede kwartaal naar 4 miljoen nu. Hoe komt dat?

Van Dijkhuizen: „In het tweede kwartaal hebben we de overname van Nuon door Vattenfall gedaan, die telt zwaar mee. Omdat we een betrekkelijk kleine bank zijn, schommelen de inkomsten fors als we een keer een grote klant hebben. Er zit voor het vierde kwartaal ook weer aardig wat in de pijplijn, waaronder de verkoop van NRC Media uit PCM, en in het derde kwartaal hebben we Super de Boer en Vroon Groep als belangrijke transacties gehad.”

Drost: „Omdat we vroeg in de crisis geraakt werden en ons huis op orde hebben gebracht, zijn we inmiddels alweer 1,5 jaar open voor zaken. Dan ben je erbij als in de markt de transacties weer beginnen te komen.”

Toch daalden ook de inkomsten uit de handel van 68 miljoen in het tweede kwartaal naar 43 miljoen.

Van Dijkhuizen: „Daar geldt inderdaad hetzelfde, de markten zijn nog zeer volatiel. We moeten daar onze beleggingen tegen dagwaarde in de boeken zetten. Daardoor moesten we in het verleden grote maar ongerealiseerde verliezen noteren. Nu zie je dat diezelfde beleggingen weer wat hoger gewaardeerd worden. We hadden een portefeuille van 7 à 8 miljard euro voor eigen rekening, die is teruggebracht tot 2 miljard nu. We zijn veel stabieler geworden.”

Grote zakenbanken maken weer winsten terwijl de rest van de sector en het bedrijfsleven nog achterblijven. Is dat niet pervers?

Drost: „Dat geldt niet voor ons. Ten eerste: wij zijn geen zakenbank zoals Goldman Sachs. Wij hebben zakelijke klanten, maar handelen niet meer grootschalig voor eigen rekening.”

Van Dijkhuizen: „In het verleden hebben we dat wel gedaan, voor ongeveer 20 tot 30 procent. Nu is dat teruggebracht tot 10 procent. Echte zakenbanken zoals Goldman Sachs handelen veel meer voor eigen rekening.”

Drost: „En dat een bank als Goldman Sachs weer forse winsten maakt, dat is niet pervers. Zij hebben maar heel even overheidssteun nodig gehad en het verder helemaal alleen opgelost. Wij hebben ook nooit kapitaalssteun gekregen van de staat. Als je dan weer normaal geld verdient, wat is daar dan pervers aan?”

Een vijfde deel van de financiering van de bank komt nu uit spaargeld van NIBC Direct. Dat is snel gegaan, maar bestaat daarbij niet het risico dat het ook weer snel weg is?

Drost: „Dat is een misverstand, het spaargeld is stabiel. Voor elke bank geldt dat het met één muisklik opvraagbaar geworden is, dus ook bij ons. We hebben de rentes al tien keer verlaagd in lijn met de markt. Ten opzichte van het hoogtepunt zijn de tarieven gehalveerd. Maar we zitten nog steeds in de top met de huidige rente.”

Van Dijkhuizen: „Daarbij is een deel van het geld ook vastgezet in langjarige deposito’s. Als iemand zijn geld voor tien jaar vast heeft staan voor 4,5 procent, en de rente op de kapitaalmarkt is 3,5 procent, dan hebben we langjarig geld beschikbaar voor 100 basispunten (1 procentpunt, red.). Dat is interessante financiering voor ons.”

Voordat de crisis uitbrak, speelde NIBC met de gedachte naar de beurs te gaan of zichzelf te verkopen. Hoe staat het daar nu mee?

Drost: „We kijken overal naar, maar er speelt nu niets concreets.”