Een succesvolle toekomst als voorwaarde

Het moet voor kansarme migranten lastiger worden om naar Nederland te komen. Daarom wil het kabinet de eisen voor toelating aanscherpen.

Rotterdam, 18 nov. - Minister van der Laan zegt het in zijn integratiebrief glashelder: „Het aanpakken van integratieproblemen vereist dat er grenzen worden gesteld aan de komst van migranten die onvoldoende zijn toegerust voor een succesvolle toekomst in Nederland.” De brief, die hij gisteren presenteerde, bevat de visie van het kabinet op integratie. Het kabinet wil het aantal kansarme migranten die naar Nederland komen zoveel mogelijk beperken.

Daar is reden toe, stelt Van der Laan. Want de spankracht van een samenleving die de immigranten moet opvangen, kent grenzen. Dus voert het kabinet een zogenoemd selectief migratiebeleid. Dat betekent dat het moeilijker is geworden voor migranten om Nederland binnen te komen en nog moeilijker om te blijven.

En het migratiebeleid wordt nog wat strenger. De toelatingseisen en de inburgering worden, als het aan het kabinet ligt, verzwaard. Vanavond debatteert de Kamer over de voorstellen. Migrantenorganisaties hebben al ernstige bezwaren laten horen.

Sinds 2006 moet een immigrant in het land van herkomst inburgeringsexamen doen. Pas als de immigrant daarvoor is geslaagd, kan een machtiging tot voorlopig verblijf worden aangevraagd. Dat staat in de Wet inburgering buitenland.

Al in 2004 zijn de inkomens- en leeftijdseisen verhoogd: de partner in Nederland moet ten minste 120 procent van het minimumloon verdienen en 21 jaar zijn. Per maand worden zo’n 650 examens afgelegd, ergens in de wereld.

De Wet had vooral tot doel de komst van laagopgeleide huwelijkspartners (meestal vrouwen) te bemoeilijken. Ze komen niet meer alleen uit Marokko of Turkije maar steeds vaker uit Afghanistan, Somalië of Irak. In de anderhalf jaar na invoering van de scherpere regels in 2004 daalde de ‘gezinsvormende migratie’ met ruim eenderde. Invoering van het examen in het buitenland, twee jaar later, droeg bij aan een verdere daling. Vorig jaar steeg het aantal weer, tot ruim 15.330 (2007: circa 11.000). Van hen is 70 procent vrouw. De cijfers maken geen onderscheid tussen gezinsvorming (nieuwe partner) en gezinshereniging.

„Een deel van deze huwelijksmigranten komt in Nederland in een ondergeschikte en afhankelijke positie terecht”, schreef Van der Laan vorig maand aan de Kamer. Er zijn geen cijfers beschikbaar, schrijft hij ook (mede omdat de vrouwen moeilijk bereikbaar zijn), maar er zijn veel voorbeelden van vrouwen die na hun komst naar Nederland bewust thuis worden gehouden. De kinderen van die vrouwen zullen het extra lastig krijgen, stelt Van der Laan.

Om die ellende te voorkomen, wil het kabinet gezinsmigratie lastiger maken door de taaltoets in het buitenland te verzwaren. Het kabinet wil ook gedwongen huwelijken, polygamie en fraude (naar Nederland komen via sluipwegen) strenger aanpakken. Neef-nichthuwelijken wil het kabinet niet langer accepteren als reden voor toelating.

Een aantal organisaties en wetenschappers die zich inzetten tegen huiselijk geweld, gedwongen huwelijken en achterlating is fel tegen de plannen. Zij vinden dat het recht op vrije partnerkeuze ernstig wordt beperkt. „Wanneer de staat zulke vergaande voorwaarden stelt aan de keuze van een huwelijkspartner, is er sprake van inmenging van de staat in het privéleven van burgers”, schrijven ze aan de Tweede Kamer.

Daarnaast geloven zij niet dat tegengaan van gezinsmigratie gedwongen huwelijken voorkomt. Het is lastig te zien of het een gedwongen huwelijk is. Het verbieden van neef-nichthuwelijken noemen ze symboolpolitiek.

Marianne Vorthoren van Stichting Platform Islamitische Organisaties Rijnmond in Rotterdam: „Het wekt de suggestie dat neef-nichthuwelijken altijd gedwongen huwelijken zijn en dat klopt niet.”

Joke Verkuijlen, bestuurslid van de Stichting Steun Remigranten, vindt het verbod in strijd met de rechten van de mens. „Mensen moeten tenslotte zelf kunnen kiezen met wie ze trouwen.”

Ook VluchtelingenWerk Nederland heeft bezwaren tegen verzwaring van het inburgeringsexamen in het buitenland. Volgens VluchtelingenWerk wordt het niet alleen lastiger voor laagopgeleide ‘importbruiden’ om binnen te komen, maar ook voor een deel van de vluchtelingen die na een jarenlange procedure vrouw en kinderen willen laten komen. De organisatie pleit voor een vrijstelling van het inburgeringsexamen bij gezinshereniging.

Commentaar: pagina 7