Alles voor een gezonde plek

Het aantal slachtoffers van ongelukken of risico’s op het werk is te hoog, vindt de EU.

Brussel kwam voorheen met wetgeving, nu moeten de lidstaten het zelf doen.

Elke drieënhalve minuut overlijdt in de Europese Unie iemand aan de gevolgen van zijn of haar werk. Een bedrijfsongeval, of een ziekte die bijvoorbeeld is ontstaan door langdurige blootstelling aan gevaarlijke stoffen.

Dit zijn de cijfers: het jaarlijkse aantal dodelijke ongelukken ligt in de EU op 8.900. Rond de 142.000 mensen overlijden door een aan werk gerelateerde ziekte, zoals longvlieskanker, bijvoorbeeld als gevolg van blootstelling aan asbest.

Te veel ongelukken en te veel gezondheidsproblemen op het werk, vindt de Europese Commissie. Zij heeft zich daarom als doel gesteld om tegen 2012 het aantal arbeidsongevallen in de EU met een kwart te verminderen.

De doelstelling komt uit Brussel, maar lidstaten moeten zelf hun verantwoordelijkheid nemen, schrijft de Commissie. Brussel geeft wel subsidies, maar doet verder vooral aan bewustwording. Tot gisteren was er de Europese campagne ‘Een gezonde werkplek’. Experts en politici hielden de voorbije dagen een top in het Spaanse Bilbao, waar het Europees agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk is gevestigd. Dat organiseerde de campagne het voorbije jaar; daarnaast doet het in opdracht van de Commissie onderzoek naar risico’s voor werknemers.

Die rol was vroeger wel anders. Een tiental jaar geleden kwam Brussel juist met veel concrete wetgeving. In 2001 bijvoorbeeld besloot de EU dat werken op een ladder te veel ongelukken veroorzaakte onder glazenwassers en schilders. Werken in de hoogte moest veiliger, dus kwamen er strikte regels voor het gebruik van ladders.

Nog eerder, in 1990, bepaalde de EU dat bij werk op een laptop een extern toetsenbord beschikbaar moet zijn, om vermoeidheid in armen of handen te voorkomen. In de praktijk kwam er weinig van terecht omdat de naleving van de wetgeving niet werd gecontroleerd. Verder bepaalde de EU dat de werkstoel in hoogte verstelbaar moet zijn en de werkgever een voetenplankje beschikbaar moet stellen, „aan iedereen die er een wenst”.

De laatste jaren is de EU teruggekomen van die regeldrift. Of zoals Gerard Zwetsloot, onderzoeker bij de afdeling Kwaliteit van leven van onderzoeksinstituut TNO het zegt: „Moet de EU voorschrijven wat voor toetsenbord iemand gebruikt?” Nee dus, vindt Brussel nu – lidstaten moeten vooral hameren op de uitvoering van minder verstrekkende wetgeving.

Daarom heeft bijvoorbeeld de Nederlandse Arbeidsinspectie besloten bedrijven volgend jaar extra te controleren op valgevaar bij het werk op daken en het gebruik van onveilige machines. In Nederland vinden jaarlijks zo’n 80 werknemers de dood bij bedrijfsongelukken – het aantal ernstige ongevallen ligt rond de 2.000.

Het aantal mensen met beroepsziekten ligt veel hoger: naar schatting jaarlijks rond de 20.000. Zij overlijden niet allemaal aan die aandoening, maar alleen al aan asbestziekten overlijden volgens Zwetsloot nog 500 à 600 Nederlanders per jaar.

Bovendien bemoeilijkt het ontstaan van ‘nieuwe’ bedrijfsziekten de doelstelling om het aantal mensen met beroepsziekten terug te brengen. Zwetsloot: „Arbeidsongelukken zijn een klassieke vorm van onveiligheid op het werk. Werkgerelateerde stress en psychosociale problemen die bijvoorbeeld bij agressie op de werkvloer optreden, zijn nieuwe thema’s die steeds belangrijker worden.”

Nederland doet het op het veiligheidsgebied in Europa goed – de problemen voor de Europese doelstelling liggen in Oost- en Zuid-Europa. Zwetsloot geeft Griekenland als voorbeeld: „Daar zijn in het hele land maar een stuk of tien bedrijfsartsen.” En in Oost-Europa is het bij stressklachten nog helemaal niet gangbaar om de link met werkdruk te leggen.

En, haast onvermijdelijk, speelt ook de economische crisis een rol bij het belang dat lidstaten hechten aan de veiligheid van hun werknemers. Erik de Gier, hoogleraar comparatief arbeidsmarktbeleid aan de Radboud Universiteit Nijmegen, legt uit dat nu niet de werkomstandigheden het belangrijkst zijn, maar of werknemers überhaupt wel aan de slag kunnen blijven: „De lidstaten willen nu werkloosheid beperken en zijn minder gericht op de kwaliteit van het werk.”

Op langere termijn blijven veiligheid en gezondheid op de werkvloer zeker van belang, denkt De Gier. De EU houdt zich er al tientallen jaren mee bezig, omdat het thema niet bijzonder controversieel is: „Niemand kan ertegen zijn dat werknemers op een gezonde manier werken.”