Advies over docenten is wereldvreemd

Uren schrijven voor uren waarvan iedereen kan zien dat ik ze voor de klas doorbreng, is overbodig en kost alleen maar geld, schrijft docent Marijke Breeuwsma.

De Onderwijsraad bracht vorige week een advies uit aan het kabinet over het efficiënter maken van het onderwijs.

De Raad stelt voor dat leraren hun uren gaan bijhouden. Dat lijkt mij geen handig advies: de meeste leraren die ik ken, maken stelselmatig meer klokuren dan waarvoor zij worden beloond. Een reële meting van de gewerkte tijd per leraar zou de staat dus wel eens een heleboel geld extra kunnen gaan kosten.

Bovendien brengt juist een leraar een groot deel van zijn uren voor iedereen volkomen transparant voor de klas door. Wat hij ervoor moet doen om die uren ook daadwerkelijk in zijn klaslokaal door te brengen, is daarmee ook binnen redelijke marges gegarandeerd. Anders wordt hij namelijk door zijn leerlingen naar buiten gedragen, of prijken er bij de rapportvergadering erg lelijke cijfers op de leerlingenlijsten. Daar worden leraren heus ook nu al op aangesproken, door collega’s, schoolleiding, ouders en leerlingen.

Uren schrijven voor uren waarvan iedereen kan zien dat ze gemaakt worden, is een overbodige activiteit die alleen maar geld kost. Je hoeft geen econoom te zijn om dat te kunnen bedenken.

Het tweede punt van het advies van de Onderwijsraad betreft een bonus: een variabele beloning al naar gelang een leraar in de ogen van leerlingen, ouders, schoolleiding en collega’s beter of minder goed presteert.

Om te beginnen is die beoordeling er, zoals gezegd, nu al elke dag en bij elke les. Het enige verschil is dat wij daar nu per maand en niet per dag voor betaald krijgen. Dat scheelt iedereen overbodige administratieve rompslomp. Want hoe wil de Onderwijsraad dit nobele voornemen eigenlijk in de praktijk brengen? Verwacht hij in zijn wereldvreemdheid een eensluidend oordeel van al die verschillende groepen met verschillende belangen waar de leraar in zijn werk mee te maken heeft? En verwacht de Raad nu echt dat zo’n beoordeling op inhoudelijke gronden gemaakt zal worden? Wil je een dergelijk beoordelingssysteem invoeren zonder het te laten verzanden in tomeloze willekeur en koeioneringspraktijken, dan zul je een ‘profiel’ moeten maken van de ideale leraar. Het punt is dat je dan weer leraren krijgt die naadloos aan het profiel voldoen en dus recht hebben op meer salaris, maar niet noodzakelijkerwijze ook degenen zijn die iets van hun werk terecht brengen. Ook dat lijkt mij geen verbetering van de efficiëntie.

Ten slotte wil de Onderwijsraad de klassen vergroten en meerdere leraren op één klas zetten. De vraag die rijst, is: worden die leraren dan minder betaald? Wat heeft het anders voor zin om in plaats van twee klassen van dertig leerlingen met twee leraren nu één groep van zestig leerlingen te maken met diezelfde twee – naarstig hun uren schrijvende – leraren?

Hebben de mensen van de Onderwijsraad zelf wel eens een klaslokaal betreden? Was de eensluidende conclusie niet juist dat schaalvergroting van klassen én scholen de efficiëntie van het onderwijs doorgaans beslist níét bevordert?

Ik zie in dit scenario alleen maar extra kosten opdoemen: minder presterende leerlingen, verbouwingen van schoollokalen die later teruggedraaid moeten worden en veel ziekte-uitval van leraren die aan een onwerkbare lessituatie bezwijken. Om nog maar te zwijgen over de gevolgen voor het lerarentekort.

Als wij de maatstaven voor behoorlijk functioneren zoals de Onderwijsraad die aan leraren wil opleggen op zijn eigen functioneren toepassen, zou hij wegens een dergelijk advies naar goed antiek gebruik met verbeurdverklaring van goederen het land uitgezet moeten worden. Vooralsnog zou ik er in deze moderne tijd genoegen mee nemen als de Raad wegens wanprestatie werd ontslagen.

Overigens heb ik al jaren mijn gedachten laten gaan over de moeilijkheden in het onderwijs en daar – evenals vermoedelijk veel van mijn luie, ongeschoolde collega’s – wel wat zinniger oplossingen voor verzonnen dan de Onderwijsraad nu weer presenteert.

Die mag de minister gratis komen ophalen, maar als er geen uren voor geschreven zijn en als er geen tonnen gemeenschapsgeld aan besteed hoeven te worden, kan het nooit wat wezen, nietwaar?

Marijke Breeuwsma is lerares klassieke talen.

Het advies van de Onderwijsraad staat op de siteonderwijsraad.nl.