Unieke atmosfeer

Bernhard Kohl gaat een racefietsenwinkel openen in Wenen. En niet zo’n kleintje ook. De totale oppervlakte zal 1.100 vierkante meter bedragen. Fitstore 24-Bike Palast Kohl komt naast een dealer van Harley-Davidson. Bernhard wil een „unieke atmosfeer” creëren zoals „nog nooit eerder vertoond in Oostenrijk”. Alsof dat niet genoeg is kondigt hij aan zelf twaalf uur per dag aanwezig te zijn om de klanten te adviseren.

Ik zal hem een plant sturen bij de opening, met een kaartje eraan.

Hopelijk heeft Bernhard niet al het zuurverdiende geld in het project gestoken. Zijn populariteit in Oostenrijk is tot het nulpunt gedaald. Kohls voormalige manager, hormonenkoerier en transfusiedoe-het-zelver Stefan Matschiner veilde onlangs een door Bernhard gesigneerde bolletjestrui. Het tricot bracht 71 euro op.

Ik zie een toekomst met een egaal grijs wolkendek en ladingen antidepressiva.

Waarom vinden Oostenrijkse sportliefhebbers Bernhard Kohl niet meer dan 71 euro waard? Is het omdat hij gesnapt werd op cerasnoeperij in de Tour van 2008, of is het omdat hij door de gretige samenwerking met de Oostenrijkse narcoticabrigade andere atleten erbij heeft gelapt?

Er is nog een derde mogelijkheid. Misschien vertelde Bernard iets te openhartig over zijn medische strapatsen. In Der Kurier gaf hij in een zevendelig feuilleton tekst en uitleg bij het armetierig geklieder met bloed en het mens-erger-je-nieten met hormonen. Zoals het sportmilieu de schaamte verbergt achter de omertà, zo verbergt de liefhebber in de straat de schaamte soms liever achter het niet weten.

Ik houd nog steeds van Bernhard Kohl. Om de cumulatieve waanzin, de sneue doortraptheid en de verstikte dromen. De biecht van Bernhard doet een beetje denken aan de educatieve bekentenis van Jörg Jaksche zoals die twee jaar geleden verscheen in Der Spiegel onder de zeer romantische kop Bellas Blut.

„Ich bin Bella”, zei Jaksche. Daarmee gaf hij de codenaam (zijn intussen ingeslapen zwarte labrador Bella) prijs waarmee de zakken met zijn bloed gemerkt waren in de koelkast van de legendarische Spaanse gynaecoloog Eufemiano Fuentes. Dan volgt een van de aangrijpendste wielerverhalen die ik ken. In de armen van drie Duitse journalisten loopt Jörg Jaksche aarzelend leeg. Een lach en een traan. De slappe lach en de illusie.

Der Kurier gaat iets grover te werk. Dat Bernhard Kohl een betaalde trofee is, ligt er te dik bovenop. Twee journalisten van de krant ontvingen een prijs in de onderzoeksjournalistiek voor hun onthullingen in het Oostenrijkse dopinguniversum. „Onze dank gaat uit naar al degenen die bereid waren zich te uit te spreken, plechtige verklaringen hebben afgelegd, en die met ons de route tot in de rechtszaal willen voltooien”, zegt een van de prijswinnaars.

Dit stukje gaat niet over doping en niet over recht of rechtvaardigheid. Het gaat over de gedisciplineerde dreumesen waarvan de wereld van de topsport nu eenmaal vergeven is.