Ter Horst: 'verplicht' bonnen schrijven mag

Politiekorpsen mogen agenten verplichten een bepaald aantal bonnen te schrijven. Minister Ter Horst (Binnenlandse Zaken, PvdA) ziet geen reden daaraan een einde te maken, zoals oppositiepartijen SP, VVD en PVV willen. Dat zei ze gisteren tegen de Tweede Kamer.

Het bonnenquotum is twee jaar geleden, op aandringen van de Kamer, uit de landelijke prestatieafspraken met de politie gehaald. Tot ongenoegen van de oppositiepartijen is de „verplichte bonnenschrijverij”, zoals Kamerlid Van Raak (SP) dat quotum noemt, op korpsniveau niet verdwenen.

Ter Horst benadrukt dat dit hoort bij de beleidsvrijheid van de korpsen. Bovendien, zegt zij, kan het bonnen schrijven het gezag van de politie vergroten. „Het gaat om één proces-verbaal per agent per dag”, zegt de minister. „Waar hebben we het nou over?”

In het debat reageerde Ter Horst enthousiast op een CDA-voorstel om „irritant, gezagsondermijnend gedrag” tegen agenten, zoals uitjoelen en nafluiten, strafbaar te stellen. Zij zal dit voorstel aan haar collega Hirsch Ballin (Justitie, CDA) voorleggen, beloofde zij.

Ook liet Ter Horst weten dat zij nog dit jaar 25 miljoen euro wil uittrekken voor noodlijdende politiekorpsen, „los van de bezuinigingen”. De korpsen moeten 190 miljoen euro bezuinigen. Volgens de minister gaat dit niet ten koste van de operationele politiesterkte, het „blauw op straat”. Sommige Kamerfracties twijfelen daaraan. Gisteren bleek dat de regeringspartijen Ter Horst steunen bij haar bezuinigingsplannen.