Rekentruc: elke auto goedkoper

Nieuwsanalyse

Lagere lasten zijn het belangrijkste argument voor de kilometerheffing. Klopt dit, en is het een verstandige redenering?

Het klinkt bijna te mooi om waar te zijn. Met de kilometerprijs zijn de meeste mensen minder geld kwijt. In het nieuwe stelsel gaat 59 procent van de automobilisten erop vooruit.

Onder die vlag kondigde het kabinet vrijdag zijn besluit aan om een nieuw systeem van autoheffingen te introduceren. Een opvallende boodschap. Want was het niet juist de essentie van de heffing om het autoverkeer met behulp van een prijsmechanisme te ontmoedigen? Automobilisten pakken in de toekomst minder snel de auto omdat het duurder is. Met de kilometerheffing moet het autogebruik worden ontmoedigd en een slimmer gebruik van de schaarse hoeveelheid asfalt worden bevorderd.

Hoe kan minister Eurlings (Verkeer, CDA) dan toch zeggen dat meer de helft van de automobilisten straks goedkoper uit is?

Allereerst door er op voorhand van uit te gaan dat het verkeer met 15 procent daalt. Als autorijden 10 procent duurder wordt, maar de automobilist rijdt 15 procent minder, gaat hij er financieel inderdaad op vooruit. Dát is de kern van de belofte dat het straks goedkoper wordt. Die 15 procent verkeersafname is geen doel meer. Het is een aanname geworden.

Dat levert vervolgens alle andere positieve argumenten voor een kilometerheffing. De files halveren, de uitstoot van fijnstof en kooldioxide daalt, de geluidsoverlast neemt af, het aantal verkeersdoden gaat met 7 procent naar beneden – allemaal statistische waarheden die direct samenhangen met minder verkeer.

Met de kilometerheffing wordt de automobilist niet meer voor het bezit van een auto aangeslagen, maar voor het gebruik ervan. De kilometerheffing vervangt straks de wegenbelasting en de BPM-aanschafbelasting.

De automobilist wil vooral weten wat dit nieuwe abstracte systeem concreet voor hem betekent. Daartoe heeft het ministerie van Verkeer en Waterstaat samen met de autolobby een indicatieve tarievenlijst gepubliceerd. Daar kan iedereen lezen dat de bezitter van een Toyota Aygo die 20.000 kilometer per jaar rijdt er in de toekomst op vooruit gaat. Maar dat kan alleen bij de gratie van de geschrapte provinciale „opcenten”, de belasting die via de wegenbelasting wordt geïnd. De alternatieve taks die provincies van het kabinet mogen invoeren – er wordt vooral gedacht aan een „ingezetenenbelasting” – telt Eurlings niet mee. Ook het nog onbekende spitstarief zit niet in de gepubliceerde tabellen. Juist dat tarief, dat gaat gelden op de drukste wegen van ons land en waar veel automobilisten mee te maken zullen krijgen, zal fors hoger zijn dan het basistarief van 6,7 cent per kilometer. Door het weglaten van de nieuwe provinciale belasting en het spitstarief gaat zelfs de bestuurder van een BMW X5, een SUV, er straks op vooruit.

De exactheid waarmee Eurlings de financiële voordelen voorspelt, strookt niet met de vele onzekerheden in het model en de kosten die niet worden meegerekend. Maar de minister heeft een belangrijke reden om de kilometerheffing op deze manier uit te venten. De afgelopen jaren heeft hij de steun verworven van de belangrijkste lobbygroepen: de ANWB, de BOVAG, werkgeversorganisaties en milieugroeperingen als Natuur en Milieu. Alle voorgangers van Eurlings die een vorm van rekeningrijden probeerden te introduceren, misten uiteindelijk deze brede steun in de samenleving.

Daarbij heeft Eurlings een belangrijke belofte moeten doen: de automobilisten mogen gezamenlijk niet meer gaan betalen dan ze nu doen, en het Rijk mag niet meer verdienen. Dat is nodig om de autolobby binnenboord te houden, net als zijn eigen partij, het CDA.

Eurlings is zelfs verleid tot de belofte dat de tarieven omlaag gaan, in plaats van omhoog, als het verkeer gelijk blijft. In dat geval krijgt de overheid meer inkomsten, doordat meer mensen betalen, en wordt autorijden duurder. Dat is ook niet de bedoeling. Maar als je autorijden goedkoper maakt, zou dat weer meer verkeer kunnen opleveren. Dan moeten de tarieven nog verder omlaag. Het complexe systeem zou weleens in zijn eigen staart kunnen bijten: in 2018 rijden er dan 9 miljoen auto’s met het kastje van Camiel en staan er nog evenveel files als voorheen.