Het huzarenstuk van de globalisering

Let op Venlo. Daar komt het nieuws van de week vandaan.

Morgen vinden er ingelaste verkiezingen voor de gemeenteraad plaats, waaraan de PVV, de partij van de landelijk bekendste Venlonaar, niet deelneemt. Gisteren bereikte de uitverkoop van Nederland de Noord-Limburgse gemeente. Océ, het 132 jaar oude kopieer- en printerbedrijf, kondigde een vriendelijke overname aan door het Japanse Canon.

Een stukje Nederlandse industriële hightech komt daarmee in buitenlandse handen.

Océ behoort tot het nationale industriële erfgoed. Midden 19-de eeuw opgericht door een apotheker, Lodewijk van der Grinten, die een recept ontwikkelde om margarine de kleur van boter te geven. Vervolgens bleken kleurstoffen geschikt voor grafische toepassingen om blauwdrukken en, weer later, kopieën te maken. De stap naar de eerste kopieermachines werd in de jaren dertig gezet en het recept voor boterkleursel verkocht Van der Grinten aan Unilever.

Océ, zoals het bedrijf sinds 1996 heet, hield stand tussen de Japanse en Amerikaanse giganten als Canon, Nashua, HP en Xerox. Het Venlose bedrijf bleef kleiner, maar compenseerde dat met innovatie en specialisatie op nichemarkten.

Tien jaar geleden trad Rokus van Iperen – techneut, hardloper en carrière gemaakt bij de printerfabrikant – aan als topman.

Onder zijn leiding maakte Venlo kennis met het verschijnsel globalisering. Océ werd afgeslankt, banen verdwenen, er werd samenwerking met concurrenten gezocht en productie verplaatst naar Azië.

En nu doet Van Iperen enthousiast over de verkoop aan de Japanners. De naam Océ blijft bestaan, er komen meer investeringen in research & development in Nederland. Dat klinkt als een opsteker voor het sluimerende Platform Kenniseconomie van premier Balkenende.

Maar politiek is het brisant, want de overname in Venlo is een bewijs te meer dat de industriële hightech-economie zich niets aantrekt van nationalistische sentimenten. Voorbij de grens begint de wereld. Dat is de geografische ruimte waar de concurrentieslag plaats vindt.

Nationalisten kunnen hoop putten uit een berichtje uit Losser. Losser ligt, net als Venlo, vlak bij de Duitse grens.

Jaren geleden maakten Johan en Marie Schreur daar smakelijke salades. Daarna werd Johma verkocht, eerst aan Heinz, toen aan Britse private equity. En nu is het terug in Nederlandse handen: investeringsfonds Gilde dat ook Bakker Bart en Heiploeg garnalen bezit, koopt Johma op.

Hightech gaat naar de Japanners, maar wij krijgen de huzarenslaatjes terug.

Roel Janssen