Een koe is geen auto

Kalfsvlees is meestal blank, doordat kalveren te weinig ijzerhoudend voedsel krijgen en te weinig bewegen.

Bleek of blank kalfsvlees is iets dat je eigenlijk niet moet willen, de kalveren worden er echt voor mishandeld in hun toch al niet overdreven lange leven – officieel mag in Nederland ‘kalfsvlees’ alleen afkomstig zijn van een dier dat minder dan 8 maanden oud is geworden.

Met biologisch kalfsvlees van een 11 maanden oud dier, doe je, ik raadpleegde de vleeswijzer, relatief weinig kwaad. Wat dierenwelzijn betreft zit het wel goed, en zo’n kalf krijgt geen oerwoudverwoestende, bestrijdingsmiddelenrijke soja te eten. Het is natuurlijk zélf een bron van broeikasgassen, zo is dat tegenwoordig met koeien, maar omdat het maar kort leeft valt dat wel mee.

Ik heb daar toch iets tegen trouwens, tegen dat beschuldigend wijzen naar koeien als broeigasproducenten. Alsof koeien niet zouden moeten bestaan. We moeten geen abnormale hoeveelheden koeien houden, maar dat geldt voor zo ongeveer alles: te veel van iets is niet goed. Maar om het broeikaseffect nu zo ongeveer op conto van de koe (en dus van de yoghurteters) te schuiven in plaats van op auto's en industrieën is wat overdreven.

Ja van de yoghurteters. Of de kaaseters of de melkdrinkers. Natuurlijk zijn er ook vleeskoeien en doen de vleeseters volop mee. Maar de meeste koeien, in ieder geval in Nederland, zijn melkkoeien. Het vlees van zo’n oud geworden koe – melkkoeien leven langer dan vleeskoeien – komt niet, of als gehakt op de markt.

Regulier kalfsvlees is meestal afkomstig van de stierkalveren van melkkoeien: stiertjes zijn voor de melkveehouderij niet interessant en die gaan dus naar een mestbedrijf.

De manier waarop kalveren behandeld worden, stemt de dierenbescherming over het algemeen niet vrolijk. Kalveren uit de reguliere sector worden vroeg bij de moeder weggehaald en krijgen kunstmelk. Het ijzergehalte in hun bloed wordt kunstmatig laag gehouden of tegen het einde van de mestperiode weer verlaagd om dat mooie blanke kalfsvlees te krijgen.

Eet dus biologisch kalfsvlees of vlees van een jong rund wil ik maar zeggen.

Dat heb ik dan weer gezegd.

Maken we een soepig Grieks gerecht met biologische kalfsgehaktballetjes: joevarlakia.

Meng gehakt, zout en peper, ui, lente-ui, rijst, peterselie en munt met één ei goed door elkaar en vorm er kleine balletjes van (walnootgroot).

Breng in een soeppan de bouillon aan de kook. Draai het vuur lager en voeg de gehaktballetjes toe, laat ruim een half uur net niet koken en neem de pan van het vuur.

Scheid 2 eieren en klop de eiwitten 2 minuten in een kom tot ze schuimig zijn. Neem 2,5 dl van de warme gehaktballenbouillon en giet die, al kloppend, bij de eiwitten. Klop de eierdooiers los en voeg ze ook al kloppend aan de saus toe, giet er het citroensap bij. Voeg nu de saus aan de soep toe en verhit die eventueel nog eventjes : niet laten koken, dan schiften de eieren. Het ei-citroenmengsel moet de soep heel licht binden. Serveer de soep bestrooid met dille.