Palestijns zelfbestuur stort langzaam in

De Palestijnse Autoriteit is een kleine kliek corrupte oude mannen, zegt een analist.

Er zouden verkiezingen zijn in januari, maar die werden eind vorige week afgeblazen.

„Kunt u me verstaan? Geen verkiezingen!”, roept Hanna Nasser in de microfoon tijdens een chaotische persconferentie. „Het lukt ons niet”, zegt de voorzitter van het centrale verkiezingscomité in Ramallah, op de bezette Westelijke Jordaanoever. „We hebben gedaan wat we konden, maar we krijgen Hamas niet zover dat het met Fatah wil samenwerken. Ik lever mijn opdracht in.”

Op 24 januari zouden de Palestijnen in de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever een nieuw parlement en een nieuwe president kiezen. President Abbas schreef de verkiezingen uit om zijn rivalen van Hamas, die de Gazastrook besturen, voor het blok te zetten: in januari doen jullie weer met ons mee. Hamas gaf geen krimp, en Abbas’ opzet mislukte. En de impasse duurt voort.

Het gezag van de Palestijnse president Abbas is tanende. Abbas’ termijn was al in januari verstreken. Van een functionerende democratie is geen sprake meer. De PLC, het Palestijnse equivalent van een parlement, is ontbonden. Abbas verloor de greep op de Gazastrook in 2007, toen Hamas er de macht veroverde. Abbas regeert de Westelijke Jordaanoever per decreet.

Zijn positie begint onmogelijk te worden. Gesteund door de VS en Israël, omdat hij geweld afzwoer als middel om vrede met Israël te bereiken. Gefrustreerd en vernederd door diezelfde partijen, die hem als een windvaan laten meebuigen.

„Verkeerspolitie. Dat is de Palestijnse Autoriteit”, zegt Ramzi Khader (21), Fatah-aanhanger en computerprogrammeur. Hij wijst naar de talloze agenten die het drukke verkeer in Ramallah regelen. „Onze president heeft geen principes. Er komt nooit een Palestijnse staat als hij blijft zitten.” Zijn vriend Mustapha (21): „De bezetting gaat door. De nederzettingen. De vernederingen. En wat doet Abbas? Die gaat met [de Israëlische premier] Netanyahu op de foto.”

Een vriend van Abbas, onderhandelaar Saeb Erekat, sneed eerder deze week een taboe aan. De Palestijnse Autoriteit, zei hij, staat op het punt van instorten. Als Abbas echt vertrekt, zoals hij heeft aangekondigd, dan houdt de Palestijnse Autoriteit feitelijk op te bestaan. „Dit alles gaat niet over de vraag wie hem dan vervangt. Het betekent dat wij allemaal vertrekken. Denk je dat iemand achterblijft als hij weggaat?”

Erekat heeft gelijk als hij zegt dat de Palestijnse Autoriteit niet veel meer voorstelt, zegt Abbas’ voormalige vertrouweling Diana Buttu, nu politiek analist. Wat in de jaren negentig bedoeld was als de kern van een toekomstige Palestijnse staat, is volgens haar een kleine kliek corrupte oude mannen geworden. „Omdat het politieke doel, een Palestijnse staat, onhaalbaar lijkt, houdt deze groep alleen zichzelf in stand.”

Abbas, zegt Buttu, weet inmiddels ook dat het zogenaamde vredesproces nergens toe leidt. „De Palestijnse Autoriteit is verworden tot een levenloos geheel. Abbas dient alleen nog het belang van zijn partijgenoten die hem steunen, al zijn dat er steeds minder.” Volgens Buttu was Abbas oprecht toen hij zijn terugtreden aankondigde. „Zijn ogen staan dof, hij voelt zich door iedereen verraden.”

Twee ministers zijn onlangs uit onvrede met Abbas teruggetreden, minister Hatem Abdel Kader van Jeruzalem-zaken en Basem Khoury van Economische Zaken. Khoury zei deze week dat hij verbitterd is geraakt. „We zitten op een dood spoor. De Palestijnen zijn verdeeld en Israël heeft op korte termijn belang bij deze status quo. Het kan doen wat het wil.”

Maar de vooruitzichten voor Israël zijn op lange termijn somber, zegt Buttu. „Als de groep rond Abbas de greep op de gebeurtenissen verliest, kan er van alles gebeuren. Niemand heeft een scenario voorhanden. Maar waarschijnlijk staan er Palestijnse leiders op die niet langer actie tegen de Israëlische bezetting afzweren.”