Leider kerk tijdens oorlogen Milosevic

De Servische Patriarch Pavle sprak zich uit voor vrede in Joegoslavië. Maar hij nam nooit echt afstand van het Servische nationalisme.

Patriarch Pavle, hoofd van de Servisch-orthodoxe Kerk, is gisterochtend aan een hartstilstand overleden in het ziekenhuis van Belgrado. Dat heeft een hoge functionaris van de kerk bekendgemaakt. Pavle werd 95 jaar. Sinds 2007 lag hij in een militair ziekenhuis in Belgrado met ouderdomsklachten.

Pavle leidde de Servisch-orthodoxe kerk sinds 1990, in een periode waarin Joegoslavië na bloedige burgeroorlogen uiteenviel en het Servische nationalisme onder president Slobodan Milosevic een vlucht nam. Hij werd geboren in 1914 in het dorp Kucanci in Slavonië, tegenwoordig Kroatië. In 1957 kreeg hij als bisschop de geestelijke leiding over Kosovo.

Pavle, een bescheiden, in zichzelf gekeerde man, was geliefd bij gelovigen en gerespecteerd bij niet-gelovigen in Servië. De Servische president Boris Tadic prees Pavle voor zijn pogingen het Servische volk te verenigen. Hij noemde diens dood gisteren „een groot verlies voor Servië”.

Pavle sprak zich uit tegen het etnische geweld tussen orthodoxe Serviërs en katholieke Kroaten en Bosnische moslims in Joegoslavië in de jaren negentig. Critici verwijten hem echter dat hij zich niet openlijk uitsprak tegen het regime van Milosevic en dat hij te weinig deed om het Servische nationalisme in te dammen.

Pavle zegende publiekelijk paramilitairen die oorlogsmisdaden hadden gepleegd in Kroatië en Bosnië. Hij liet zich pas na de oorlogen die leidde tot het uiteenvallen van Joegoslavië van zijn politieke kant zien. Pas na de Kosovo-crisis van 1999 nam Pavle openlijk afstand van Milosevic. Pavle probeerde later, tevergeefs, te voorkomen dat Kosovo onafhankelijk werd.

Pavle’s opvolger is nog niet bekend. Favoriet is de invloedrijke bisschop Amfilohije, een hardliner die bekend staat om zijn anti-westerse en ultranationalistische retoriek. (VIP, AP, Reuters)