'Kopenhagen is geen alles-of-niets-situatie'

Een verdrag over CO2-reducties zit er tijdens de klimaatconferentie in Kopenhagen niet in. ‘Rijke landen moeten met ambitieuze doelstellingen komen.’

De doelstellingen voor de grote klimaatconferentie van volgende maand in Kopenhagen zijn naar beneden bijgesteld. Ook volgens Yvo de Boer, de Nederlander die als hoofd van het klimaatbureau van de Verenigde Naties het onderhandelingsproces coördineert, is er niet meer genoeg tijd om tot een afgerond, juridisch bindend verdrag te komen. „Er is nog veel te veel tekst”, zegt De Boer, die even in Den Haag is, onder andere om Tweede Kamerleden bij te praten.

„Die tekst kan onmogelijk in zo’n korte tijd omgetoverd worden in een verdrag. Maar het is in Kopenhagen geen alles-of-niets-situatie. Ik denk nog steeds dat er een sterk akkoord komt. Ik denk nog steeds dat we doelstellingen krijgen van industrielanden, helderheid van de grote ontwikkelingslanden en duidelijke afspraken over de financiering. En ik denk dat we afspraken krijgen waardoor het nieuwe raamwerk onmiddellijk operationeel wordt. Het vertalen daarvan in een juridisch kader zal iets meer tijd vergen – een maand of zes.”

Zullen de Verenigde Staten ooit bereid zijn een akkoord te ondertekenen dat lijkt op het Kyoto-protocol?

„Waarom niet? Ze hebben ook het klimaatverdrag [uit 1992 in Rio de Janeiro, red.] ondertekend. Dat waren vagere afspraken, die gingen over inspanningsverplichtingen van de industrielanden als geheel. Nu is het veel specifieker. Het Kyoto-protocol is niet door Amerika afgewezen omdat het een internationaal verdrag was, maar omdat ontwikkelingslanden geen doelstellingen hadden en omdat men bang was dat dit schadelijk was voor de eigen economie.”

Maar ook aan een nieuw verdrag zijn grote kosten verbonden en de financiële pijn zal nog steeds niet gelijk verdeeld worden?

„Dat is waar. Maar de klimaatagenda staat niet langer op zichzelf. Een van de belangrijkste recente impulsen voor klimaatbeleid in Europa was denk ik dat Rusland de gaskraan naar Oekraïne heeft dichtgedraaid. Daardoor zijn drie vraagstukken bij elkaar gekomen: zekerheid over de energievoorziening, concurrentiekracht en klimaat. Dat is een gemeenschappelijke agenda geworden.

„Na de oliecrisis begin jaren tachtig werd in de VS al geroepen: wij moeten van onze olieverslaving af. Kijk naar het economisch herstelprogramma van Obama, dan is dat voor een belangrijk deel ingegeven door het creëren van banen in een nieuw deel van de Amerikaanse economie.

„Landen zullen zeker op de korte termijn kosten maken en het zal tijd kosten om de imperfecties op de internationale markt op te heffen. Maar in India hebben zeker 400 miljoen mensen geen toegang tot elektriciteit. Wat je niet hebt, kun je ook niet reduceren.

„Ontwikkelingslanden willen daarom kijken naar emissies per hoofd van de bevolking en de historische emissies. We hebben klimaatverandering dankzij de wetenschap een jaar of vijftien geleden ontdekt als serieus probleem. Maar toen had het Westen al honderd jaar van industriële ontwikkeling en vervuiling achter de rug. Wij zijn rijk geworden terwijl het probleem nog niet bestond. Dan kunnen we niet tegen ontwikkelingslanden zeggen: nu moeten jullie arm blijven om het probleem op te lossen.”

Waar zitten de grootste knelpunten voor Kopenhagen?

„Die hebben met geld te maken. Op twee manieren. De rijke landen zijn bang dat zij dure dingen doen om broeikasgassen terug te dringen, terwijl de industrie vlucht naar ontwikkelingslanden, waardoor er per saldo niks wordt opgelost. Verder bestaat de vrees dat het geld dat gemobiliseerd wordt om ontwikkelingslanden te helpen gebruikt wordt om de concurrentiepositie van ontwikkelingslanden te versterken. Dat je een Chinees gaat betalen om goedkoper te produceren dan jijzelf.

„Daarom is het zo belangrijk om tot een internationale afspraak te komen, waarvan iedereen zegt: wij trekken nu naar vermogen deze kar. Dat betekent dus niet dat iedereen even hard trekt, maar wel dat iedereen trekt.”

Omdat alles met alles te maken heeft, lijkt er geen beweging in de onderhandelingen te komen. Hoe doorbreek je die status quo?

„Rijke landen moeten met ambitieuze doelstellingen komen en geld op tafel leggen. Dan zullen grote ontwikkelingslanden bereid zijn hun plannen te laten zien en zullen kleine ontwikkelingslanden met serieuze reductieplannen komen die geschikt zijn voor internationale financiering. Maar dat moet allemaal zo’n beetje tegelijkertijd gebeuren.

„Europa heeft gezegd: wij willen wel betalen, maar dan willen we eerst doelstellingen van Amerika zien en uitgewerkte plannen van ontwikkelingslanden. Zo creëer je kip-ei-kwesties.”

Dus eigenlijk zou de EU moeten beginnen door te zeggen: hier staan wij voor?

„Precies. En dat betekent niet dat ze een blanco cheque tekenen. Europa had moeten zeggen: wij zijn bereid om dit bedrag op tafel te leggen, als jullie daar het volgende tegenover stellen. Dan ben je niet zomaar je geld kwijt, maar is het verbonden aan voorwaarden.”

Vanaf wanneer kun je van ontwikkelingslanden een bijdrage vragen?

„Dat is een foute vraag. India geeft nu al 2 procent van zijn bruto nationaal product uit aan beleid om zich aan te passen aan de gevolgen van klimaatverandering. Terwijl het daar niks aan internationale steun voor ontvangt. China wil zijn energie-efficiency verbeteren met 20 procent. Niemand betaalt daaraan mee. China is op eigen kosten de nummer één producent van windenergietechnologie. Ik durf zelfs te zeggen dat China, zonder hulp, nu wereldleider is in het tegengaan van CO2-emissies.

„De vraag is: hoe kun je door het creëren van een internationaal speelveld zorgen dat de ambities niet concurrentieverstorend werken? En hoe kun je de financiële hulp gebruiken om te zorgen dat groene technologieën die het anders net niet redden toch toegepast kunnen worden?

Wetenschappers wijzen op de noodzaak van een akkoord. Hoe erg is het dat dat nog niet gaat lukken?

„Dat akkoord gaat helemaal lukken. Maar het akkoord vertalen in een juridische tekst is in Kopenhagen nog niet af. Vergelijk het maar met een wet om vanaf op 1 januari tachtig kilometer per uur te rijden. Maar tot het zover is gaan we alvast tachtig rijden omdat dat beter is voor het milieu.

„Geen politicus zal zich over zes maanden later onder toeziend oog van de wereld durven te distantiëren van toezeggingen die ze eerder hebben gedaan.”

Zullen de VS met een reductiedoelstelling komen, ondanks de strijd in de Senaat over een klimaatwet?

„Ik denk wel dat Obama met een getal komt. En als hij verstandig is, ligt dat niet boven wat de Senaat nu bespreekt. Anders krijg je in Amerika weer dezelfde ontkoppeling van regering en parlement die fataal was voor Kyoto. Ik heb vorige week nog een telefoontje gehad van de Democratische senator John Kerry, waarin hij zei vast te houden aan een reductie van 20 procent ten opzichte van 2005.”

Daarmee vegen de Verenigde Staten het hele Kyoto-protocol onder het vloerkleed.

„Ja, maar Amerika zit op dit moment 14 procent boven het niveau van 1990. Dus als je tegen Obama zegt: ga maar net als Europa 30 procent reduceren in 2020 ten opzichte van 1990, dan zou Amerika in elf jaar 44 procent emissiereductie moeten realiseren. Dat is onmogelijk. De landen zijn waar ze nu zijn. Je kunt niet de geschiedenis herschrijven. Je kunt niet Amerika dwingen eerst het Bush-tijdperk ongedaan te maken.”