Een klassiek staaltje opportunisme

John Malone heeft een klassiek voorbeeld van een opportunistische deal tijdens een recessie uit de hoge hoed getoverd. De firma Liberty Global van de Amerikaanse mediatycoon - in Nederland eigenaar van UPC en Chellomedia - heeft voor 3,5 miljard dollar Unitymedia, de tweede kabelmaatschappij van Duitsland, gekocht. En wat zelden voorkomt bij een dit soort bedrijfsovernames: beide partijen hebben gekregen waar ze op uit waren.

Malone heeft al eerder geprobeerd een vinger in de pap te krijgen in de Duitse kabelsector. Zeven jaar geleden heeft hij getracht het netwerk van Deutsche Telekom te kopen, waar Unitymedia uiteindelijk uit tevoorschijn is gekomen. Maar de toezichthouders hielden die deal toen tegen. Nu krijgt hij een fijne troostprijs. De Duitse markt voor breedbandinternet is met een penetratie van 58 procent nog steeds relatief onderontwikkeld, maar biedt marges van meer dan 40 procent.

Het prijskaartje van 3,5 miljard dollar, inclusief 1,5 miljard euro schuld, bedraagt 7,4 maal de verwachte winst van 472 miljoen euro. Het meervoud daalt naar 6,6 maal als de verhoopte synergievoordelen worden verwezenlijkt. Het is een weinig opmerkelijke prijs, die netjes in lijn ligt met Telenet, de Belgische kabelmaatschappij waarin Liberty een belang van 50 procent heeft, en wiens winstmarge ruwweg gelijk is aan die van Unitymedia. Dat duidt erop dat Malone nauwelijks een overnamepremie betaalt.

Maar BC Partners en Apollo zijn ook niet bepaald beroofd. Zij kunnen zich zonder kleerscheuren uit de voeten maken. Zonder Malone hadden ze een beursgang van de onderneming moeten doorzetten. Dat zou de gebruikelijke korting hebben gevergd en slechts een gedeeltelijke exit hebben opgeleverd. Unitymedia is misschien een ietwat speciaal geval. Weinig private-equitybezittingen hebben te maken met zo weinig vreemd vermogen en bieden zoveel groei. Maar de actie van Liberty duidt erop dat de markt voor fusies en overnames het moment kan hebben bereikt waarop dealmakers tijdens een recessie zitten te wachten: als de prijzen genoeg hersteld zijn om de verkopers tot verkoop te bewegen, maar ook weer niet zoveel dat de kopers niet willen kopen. Dat moment kon wel eens van korte duur zijn.

John Foley