Een fijn opzoekboek

In een bespreking van `50 inzichten genetica` hoopt Djoke Hendriks dat het boek helpt om de discussie over gentechnologie inhoudelijker te maken. Het boek en haar recensie wijzen daar vooralsnog niet op. De bezwaren tegen genetisch gemodificeerde gewassen worden afgedaan als dat `er weinig bewijs (is) dat deze gewassen schadelijk voor onze gezondheid zouden zijn`. Een wereldvreemde argumentatie, omdat dit argument bij de tegenstanders maar zelden een rol speelt. De tegenstanders weten maar al te goed dat de mens zich gemakkelijk aanpast - dat is het wezen van het `succes` van zijn populatiedynamiek - en zich bijvoorbeeld door wereldoorlogen en een wereldwijde vergiftiging met DDT en ander vuil niet uit het veld heeft laten slaan. De zorgen om aantasting van het nabije ecosysteem spelen voor de tegenstanders een veel belangrijker rol. Britse veldproeven van een jaar of vijf geleden duidden er op dat die vrees alleszins gerechtvaardigd is. Bovendien (met dank aan Darwin) is maar al te duidelijk dat de insecten en andere ongewervelden die zich aan de gemodificeerde gewassen te goed willen doen, zich in weinig generaties weten aan te passen aan de opgeworpen menselijke hindernissen, waardoor het modificeren van die gewassen een bij voorbaat verloren race is tegen de natuur. Daardoor is de beperking van bestrijdingsmiddelengebruik, dat de bedoeling heet te zijn van de hele exercitie, illusoir. Een ander, niet ecologisch maar sociaal argument tegen de genetisch gemodificeerde gewassen is dat het de boeren wereldwijd afhankelijk wil maken van de monopolisten die dit genetisch materiaal produceren. Dat is de werkelijke inzet van met name Monsanto, die uit is op de knechting van de voedselproducenten van deze wereld. Maar dat zal ook wel weer een niet-inhoudelijk argument zijn.