Willen de ware roden opstaan?

In het uitgestelde AOW-debat trokken Balkenende en Bos gisteren alles naar zich toe.

De oppositie was te verdeeld om tegen het voorstel – „een gedrocht” – iets in te brengen.

Je zou bijna denken dat de weigering van premier Balkenende (CDA) en minister Bos (Financiën, PvdA) om naar een AOW-debat in de Tweede Kamer te komen, een slimme strategie was. Er ontstond vorige week een hoop commotie over, waarna het duo alsnog besloot te komen. Daarom stonden gisteren de schijnwerpers op dit debat, en konden kabinet en coalitiepartijen laten zien dat er grote eensgezindheid is over het plan om de AOW-leeftijd te verhogen van 65 naar 67 jaar.

Onder druk van de oppositie zat er gisteren een hele trits bewindslieden in het regeringsvak: Balkenende, Bos, minister Donner (Sociale Zaken, CDA) en diens staatssecretaris Klijnsma (PvdA). In het debat grepen Balkenende en Bos de gelegenheid aan de meest vergaande maatregel van dit kabinet uitvoerig te verdedigen. „Het is onverantwoord om de lasten van de kredietcrisis door te schuiven naar volgende generaties”, zei Balkenende. Bos: „De crisis vraagt van politici dat ze meteen handelen. Dat doen we en op een verantwoorde manier waarbij we ook de rekening betalen.”

Het AOW-plan voorziet in een verhoging in twee stappen: naar 66 jaar in 2020, en naar 67 in 2025. Het levert de schatkist dan circa 4 miljard euro per jaar op. Balkenende zei dat er zeker nog zeven maatregelen zoals de AOW nodig zijn om de overheidsfinanciën op orde te brengen en de vergrijzing het hoofd te bieden. „Ook zonder de economische crisis waren we tegen het vraagstuk van de demografische veranderingen opgelopen.”

Zoals verwacht steunden de coalitiepartijen het voorstel. De oppositie had forse kritiek, maar de partijen waren zo verdeeld dat ze geen vuist konden maken. VVD, GroenLinks en D66 willen wel de AOW-leeftijd verhogen, maar op een andere manier dan het kabinet. Grootste kritiek hadden zij op het plan om werkgevers te verplichten werknemers met een zwaar beroep na dertig jaar een andere baan te bieden. „Wat is een zwaar beroep? In België is daar een commissie mee bezig die er niet uitkomt”, zei Pechtold (D66).

Voor VVD-leider Rutte was dit punt een reden om het kabinetsplan „een gedrocht” te noemen. Hij kreeg nog wel een toezegging van PvdA-fractievoorzitter Hamer los. Rutte zei te vrezen dat de maatregel averechts werkt. Wie neemt nog een werknemer in dienst die 25 jaar een zwaar beroep heeft gehad? Hamer: „Als het averechts werkt, dan schrappen we het.”

SP en PVV willen niet aan de AOW tornen. PVV’er Tony van Dijck, die Geert Wilders wegens ziekte verving, betoogde dat de AOW intact kan blijven als de immigratie uit moslimlanden stopt. Hij werd een half uur onder vuur genomen.

CDA’er Van Geel vroeg of dat ook 4 miljard euro oplevert. Volgens een ruwe berekening zou de immigratie nu 13 miljard euro kosten, zei Van Dijck. Als je stopt met immigratie uit moslimlanden dan moet dat op lange termijn wel 4 miljard opleveren. Dat zei hij zeker te weten, maar een berekening had hij niet. VVD’er Rutte probeerde de PVV op één lijn te zetten met de SP en vakcentrale FNV. „De PVV is niet extreem-rechts, maar extreem-links.”

PvdA-leider en minister Wouter Bos ging hard in de aanval tegen Agnes Kant. De SP-leider verweet de PvdA de AOW-maatregel te hebben genomen terwijl die niet in het verkiezingsprogramma van 2006 stond. „Als je onverdroten je verkiezingsprogramma blijft voorlezen terwijl de hele wereld verandert, dan moet je in de oppositie blijven”, sneerde Bos.

Ook Balkenende kwam even in aanvaring met Kant, toen zij hem voorhield dat er in de samenleving geen draagvlak is voor de AOW-maatregel. De FNV had vooraf op het Plein nog gedemonstreerd, maar daarvan had D66-leider Pechtold al geconstateerd dat dat niet veel voorstelde. Er waren circa 250 FNV’ers. Balkenende wees er op dat de vakbonden CNV en MHP niet pertinent tegen zijn en de werkgevers het plan grotendeels steunen. „Ik geloof dat veel Nederlanders zien dat dit nodig is.”

Kant vroeg toen of hij het plan niet een half jaar wil parkeren en wachten tot het kabinet klaar is met een discussie over forse bezuinigingen voor de lange termijn. Balkenende verwierp die suggestie. „Dan krijgen we weer kritiek: u heeft geen daadkracht.”