NSB'er als tragikomische anti-held

Theater De Opportunist, door Het Volk. Gezien: 11/11 in de Toneelschuur, Haarlem. Tournee t/m 29/4. Inl. www.toneelgroephetvolk.nl****

De grootste mislukkeling uit de Nederlandse toneelgeschiedenis moet Jan C. de Vos jr. zijn geweest. Hij was de oprichter en intendant van het Noord-Hollandsch Tooneel dat tijdens de bezetting riant door de foute overheid werd gesubsidieerd (250.000 gulden ’s jaars) om „stukken met nationaal-socialistische strekking” te spelen. Maar de meeste acteurs waren derderangs, de meeste stukken waren lorren en ook in NSB-kranten werd geschreven dat er weinig van deugde. Zelfs de geestverwanten kwamen zelden kijken. En de rest van het toneelvak keek hem met de nek aan. Na de oorlog werd De Vos een beroepsverbod van tien jaar opgelegd. Hij week uit naar Berlijn en stierf daar in 1959.

Toneelgroep Het Volk, vooral bedreven in de droogkomische kanten van het alledaagse, speelt dit seizoen iets heel anders: een min of meer waarheidsgetrouw relaas over opkomst en ondergang van het Noord-Hollandsch Tooneel, met De Vos als vanzelfsprekend middelpunt. De Opportunist toont hem als een ontluisterd man die in 1946 in een Berlijns flatje belandt en daar wrokkig terugkijkt. De flashbacks zijn snel gemonteerde scènes die het echte verhaal compact vertellen zonder er een dorre documentaire van te maken. Daarvoor bieden de subtiele typeerkunst van de spelers (Bert Bunschoten, Joop Kruijver, Wigbolt Kruijver en Minke Kruijver) en de terloopse grapjes in tekst en decor meer dan voldoende tegenwicht. Net als de projectie, waarin authentieke bioscoopjournaals geraffineerd worden afgewisseld met fictieve beelden.

Alleen als in een auditiescène wordt geïllustreerd hoe moeilijk het voor De Vos was om acceptabele acteurs voor zijn gezelschap te vinden, laat regisseur Michael Helmerhorst een stijlbreuk toe in zijn strakke enscenering. Het optreden van een malle mimefiguur en van een ober met een variétéverleden leidt aan gekkigheid die niets verheldert. Terwijl de ware reden – de meeste acteurs trachtten in die tijd bij de bestaande gezelschappen angstvallig neutraal te blijven – onderbelicht blijft.

Of de hoofdpersoon werkelijk een opportunist was, lijkt me twijfelachtig. De Vos was geen windvaan; al in de jaren dertig hing hij de NSB-leer aan. Misschien gaat Het Volk iets te makkelijk voorbij aan de mogelijkheid dat de man een collaborateur uit overtuiging was. Maar verder is dit vooral een lucide voorstelling over een antiheld, wiens toneelcarrière zo’n tragikomische mislukking werd.

De Opportunist is geïnspireerd door het artikel ‘Toneel voor bloed en bodem’ in NRC Handelsblad, 4 mei 2001. Lees de tekst op nrc.nl/kunst