Frans-Duitse spanningen rond Pact

De Europese Commissie eist dat alle lidstaten hun begrotingstekort in 2013 hebben teruggebracht tot onder de 3 procent. Frankrijk wil graag meer tijd, Duitsland niet.

De leiders van Duitsland en Frankrijk hebben deze week tweemaal gedemonstreerd dat hun ‘entente’ nog altijd cruciaal is voor een redelijk functionerend Europa: bij de herdenkingen van de val van de Muur in Berlijn en van de wapenstilstand na de Eerste Wereldoorlog in Parijs. Ook kan niemand de eerste Europese president worden als Nicolas Sarkozy en Angela Merkel hem – of haar – niet allebei willen.

Maar op financieel-economisch terrein verschillen Berlijn en Parijs fundamenteel van mening. Dat bleek gisteren weer, precies op het moment dat militaire trompetters zich voor het Brusselse koninklijke paleis warm bliezen, en Sarkozy Merkel aan de arm nam onder de Parijse Arc de Triomphe. Op datzelfde moment maakte de Europese Commissie de termijnen bekend waarop veertien Europese landen hun begrotingstekorten moeten terugbrengen tot onder 3 procent van het bbp. De meeste, waaronder Nederland, krijgen daarvoor tot 2013.

Begrotingstekorten terugbrengen lijkt een technische aangelegenheid. Maar het is politiek van de bovenste plank: de 3-procentslimiet dient om de euro, die door zestien landen wordt gebruikt, stabiel te houden. Als er één uit de bocht vliegt, kan de euro gaan schommelen. Het kan ook het stelsel van onderlinge afspraken (het Stabiliteits- en Groeipact), en dus de coördinatie van een belangrijk aspect van de Europese eenwording in gevaar brengen.

Probleem is dat Frankrijk en Duitsland, dé motoren van de Europese economie, elk iets anders willen met dit systeem. De crisis verscherpt die verschillen. Duitsland wil het Pact handhaven. Frankrijk wil het versoepelen. De Commissie en kleinere landen als Nederland zitten er nerveuzig tussen. Zij zijn afhankelijk van wat de twee grote doen. Die nervositeit uitte zich dinsdag door een officiële, eensluidende waarschuwing aan Griekenland. De vorige regering heeft volgens minister Wouter Bos (PvdA) „de boel belazerd” door te positieve statistieken naar Brussel te sturen. Zo’n waarschuwing kan leiden tot sancties.

Vrijwel elk Europees land maakt nu torenhoge schulden. Overheden redden banken, betalen extra uitkeringen en economische stimuleringsprogramma’s terwijl de belastinginkomsten dalen. Begrotingstekorten lopen zo op dat waarschijnlijk alleen Bulgarije in 2010 aan de eisen van het Pact voldoet. De rest moet aan de ketting: Brussel dwingt overtreders met ‘tekortprocedures’ om de overheidsfinanciën op orde te krijgen.

Dit is een heksentoer. Zelfs in die paar landen waar weer wat groei is, heeft de crisis zulke diepe kraters geslagen dat het tien jaar kan duren voor die weer zijn gedicht. Frankrijk heeft net weer miljarden aan stimulering aangekondigd. Bezuinigingen zijn niet aan de orde, waarschuwde minister van Financiën Christine Lagarde. Voordat gisteren bekend werd dat Parijs tot 2013 krijgt om de tekorten te reduceren (8,4 procent dit jaar), riep zij al dat dit te krap was. Zij wil 2014, met rek.

Maar Duitsland (3,4 procent tekort dit jaar) wil zich aan het Pact houden. Er zijn redenen om de nieuwe Duitse regering te geloven. De 3-procentslimiet is onlangs in de grondwet verankerd. Daarmee wordt een schending van het Pact een nationale overtreding.

Velen betwijfelen of Duitsland 2013 haalt. De liberale coalitiepartij heeft belastingverlaging bedongen. Dinsdag, na beraad met EU-collega’s, zei Bos dat hij de nieuwe Duitse minister Wolfgang Schäuble „vaag” vond over het Pact. Dat baart Bos zorgen. De regels van het Pact kunnen alleen worden versoepeld als Frankrijk en Duitsland, de dominante landen, dat willen – zoals in 2003. Iedereen weet dat Frankrijk dat nogmaals wil doen. Daarom houden de ‘ayatollahs’ van het Pact, waaronder Nederland en de Commissie, Schäuble scherp in de gaten. Zijn opstelling is cruciaal. Hij heeft, kortom, de teugels van het Pact in handen.

Eurocommissaris Joaquín Almunia (Economische en Monetaire Zaken) zei gisteren dat Schäuble tegen hem juist „extreem geruststellend” was geweest. Hoe precies, wilde hij niet zeggen. „Het was een persoonlijk gesprek.” Wat hij wel kwijt wilde, is dat „het onmogelijk is economische politiek te bedrijven in Europa zonder Frans-Duitse coördinatie”.

Als Schäuble zegt dat belastingverlaging ondoenlijk is, blaast hij de nieuwe regering op. Dus moet hij vaag doen. Maar omdat zijn opstelling ten aanzien van het Pact zo bepalend is, heeft hij geweldig veel macht. Die kan hij gebruiken om souplesse voor Duitsland bij Almunia af te dwingen, in ruil voor steun aan het Pact.

Volgens analisten paarde Duitsland drie jaar geleden ook belastingverlaging aan begrotingsdiscipline. Een paar meevallers en een tijdelijke btw-verhoging, en het lukte. Dat waren betere tijden. Maar de episode toont aan dat Almunia misschien meer kans heeft om het Pact te redden als hij Schäuble enige handelingsruimte geeft, dan wanneer hij de Duitser zou bekritiseren over belastingverlaging.

Op de Griekse ambassade in Brussel worden alle zeilen bijgezet om het Europese vertrouwen terug te winnen. Eén ding hebben zij goed begrepen: zolang Frankrijk en Duitsland een clash over het Pact voor zich blijven uit schuiven, kunnen de anderen hun angst en onzekerheid afreageren op Athene.