Een beter kapitalisme

Aftershocks. Economic Crisis and Institutional Choice Redactie: Anton Hemerijck, Ben Knapen, Ellen van DoorneUitgever: Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, Amsterdam University Press

Na de val van de Berlijnse Muur in 1989 werd het kapitalisme omhelsd. Twintig jaar later en een kredietcrisis verder hebben nog maar weinig mensen vertrouwen in de vrije markteconomie. 11 procent van de bevolking heeft fiducie in het huidige kapitalisme, blijkt uit een mondiale opiniepeiling van de Britse omroep BBC. Een kwart wenst een ander economisch systeem. Ruim de helft van de bevolking vindt dat het kapitalisme moet worden hervormd. De meeste mensen willen een ‘beter’ kapitalisme, waarin de Staat meer spelregels maakt en de welvaart eerlijker is verdeeld.

Hoe ziet een beter kapitalisme eruit? Dat is een van de centrale vragen die onderzoekers van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) de afgelopen maanden hebben voorgelegd aan 24 prominente internationale economen, sociologen, historici en oud-politici in Europa en de Verenigde Staten.

Het resultaat van deze zoektocht is vandaag gepubliceerd in het boek Aftershocks. Een keur aan denkers als de Duitse oud-bondskanselier Helmut Schmidt, de econoom Stephen Roach, de Franse hoogleraar geostrategie Dominique Moïsi, en vele anderen beschrijven vanuit hun expertise hoe de wereld er na de ernstigste crisis sinds de Grote Depressie (1929) uit zou moeten zien.

De crisis mag nog gaande zijn, maar de naschokken tekenen zich volgens de schrijvers al af. „Wachten totdat de crisis voorbij is, is eenvoudig geen optie voor wie de ambitie heeft onze samenlevingen voor te bereiden op de wereld na de crisis”, schrijft Wim van de Donk, WRR-voorzitter en inmiddels commissaris van de koningin in Noord-Brabant.

De econoom Anton Hemerijck, een van de drie schrijvers van het boek, signaleert verschillende naschokken zoals de oplopende werkloosheid, de pensioencrisis, de torenhoge overheidsschulden en politieke aftershocks. Want het saneren van de overheidsfinanciën vereist pijnlijke bezuinigingen in de diverse sociale stelsels, die politiek diepe sporen kunnen trekken. Alleen al het aanpakken van die naschokken vereist volgens Helmut Schmidt fundamentele hervormingen om de economie weer in het goede spoor te krijgen. Maar dat is niet louter een kwestie van het ‘goede model’ kiezen, waarschuwt hij. Het wilde, neoliberale kapitalisme, zoals Amerika en het Verenigd Koninkrijk dat kennen, mag volgens de oud-kanselier gefaald hebben. Dat betekent volgens Schmidt nog niet dat de ‘welvaartsstaateconomieën’ in Europa zoals Frankrijk, Zweden, Duitsland of Nederland het meest plausibele alternatief bieden. Juist de verzorgingsstaten zijn afhankelijk van de kapitalistische marktsystemen wegens het belang van de particuliere sector. En net als in de rest van de wereld, is de particuliere sector in toenemende mate geglobaliseerd, waardoor deze landen afhankelijk zijn van import en export. Daarom is herstel van de economie volgens Schmidt niet louter een kwestie van het juiste model kiezen. Het begint met de erkenning van de hybriditeit van de Europese verzorgingsstaten. Ingrijpende institutionele veranderingen kunnen volgens hem alleen effectief zijn als ze zowel op mondiaal niveau genomen worden als op nationaal niveau.

Volgens Soskice vereist iedere vorm van kapitalisme een eigen hervorming. In de vrije markteconomieën is hervorming van de financiële sector en verbetering van sociale voorzieningen urgent. De Europese, ‘gecoördineerde’ markteconomieën moeten de toenemende ongelijkheid, immigratie en afnemende kwaliteit van het onderwijs hoog op de hervormingsagenda zetten om te voorkomen dat een onderklasse van slechtopgeleiden ontstaat.

In de speurtocht naar een ‘nieuw’ kapitalisme is het de kunst om internationale economische integratie beter in balans te brengen met de verschillende modellen die op nationaal niveau bestaan. Daarover zijn de meeste internationale denkers het eens. De internationale gemeenschap moet daarom volgens Rodrik de crisis gebruiken om een nieuw internationaal kapitalisme vorm te geven. Terugkeer naar ongebreidelde liberalisering en globalisering is geen optie.