Tsjing-boem met Woody Allen

Whatever Works. Regie: Woody Allen. Met: Larry David, Evan Rachel Wood, Patricia Clarckson.In: 21 bioscopen**

Weinig dingen zijn zeker in dit leven. Dat Woody Allen elk jaar een film maakt, is er één van. Maar gezien Whatever Works kan het geen kwaad als hij gewoon eens een jaartje overslaat. Even klarinet spelen. Nadenken.

Whatever Works is Allens terugkeer naar Manhattan na een serie soms zwarte Europese films. De bejaarde, hypochondrische, joodse misantroop Boris Yellnikoff vindt in zijn steeg Melody, een oerdomme, piepjonge southern belle met een hart van goud. Zij valt uiteraard als een blok voor het snerende oudje en trouwt met hem, waarna haar fundamentalistische ouders plots voor de deur staan. In de traditie van de southern gothic blijkt pa latent homoseksueel en ma nymfomaan. Gimmick: de oude Boris, een genie dat „bijna werd voorgedragen voor de Nobelprijs”, weet als enige dat hij in een film speelt en spreekt de zaal soms direct toe, aan het eind met een tenenkrommende monoloog.

Whatever Works kent een iele, rudimentaire verhaallijn en dito moraal en doet soms aan een sitcom denken met al die spelers die via de toneeldeur opkomen en afgaan. De enige charme van deze luie komedie schuilt in de witzen die de spelers op elkaar afvuren: het ontbreekt er nog aan dat je tsjing-boem hoort na weer zo'n gevatte opmerking. Wel fijn dat Woody Allen de seksueel onweerstaanbare oude mopperpot niet langer zelf speelt. Nog fijner ware het als hij dat irritante alter ego helemaal nooit meer opvoerde.