kort

Zonder verbinding bouw je maar elders

In nrc.next van 6 november werd bericht over de bespreking in de ministerraad van het plan om Almere door te laten groeien tot 350.000 inwoners, de zogenaamde Schaalsprong. In dit bericht leek het alsof dit plan is voortgekomen uit de behoefte van Almere om te groeien. En dat het Rijk wil kijken of het daar steun aan kan verlenen.

Bij een voorlichtingsbijeenkomst afgelopen zomer, georganiseerd door de gemeente Almere, werd een andere visie op de Schaalsprong gegeven. Het Rijk wil graag 150.000 extra woningen in de noordelijke Randstad. Omdat men het Groene Hart en Waterland wil ontzien, heeft men Almere gevraagd deze groei grotendeels te realiseren. De gemeenteraad van Almere staat hier welwillend tegenover, mits de huidige, beperkte, verbindingen met de Randstad verbeterd worden. Hiertoe acht zij een spoorverbinding over het IJ essentieel. De boodschap die de Almeerders te horen kregen was dan ook: Geen IJmeerlijn, geen Schaalsprong!

Met enige verbazing heb ik dan ook kennis genomen van de protesten vanuit de provincie Noord-Holland tegen deze IJmeerverbinding. Het is kiezen of delen. Realiseer de groei op het vaste land, of zorg voor goede ontsluiting van de nieuw te bouwen wijken in Almere. Ook het voorbehoud van minister Eurlings komt mij wat vreemd over: ‘Prima, zo'n IJmeer verbinding, maar het mag niks kosten’. Als het Rijk niet wil investeren, zoekt het maar een andere locatie voor de gewenste extra woningen.

Niels Tazelaar

Almere

Studieloon van Dibi

Het plan van GroenLinks-Kamerlid Tofik Dibi om een studieloon en studietaks in te voeren (nrc.next, 9 november) is onuitvoerbaar. De Belastingdienst zou voor een beperkte heffing moeten gaan registeren wie er allemaal heeft gestudeerd. Hiervoor zou een zeer ingewikkelde koppeling nodig zijn van de gegevens van de IB-groep met die van de Belastingdienst. Het verleden heeft uitgewezen dat dit soort koppelingen vrijwel altijd grote problemen oplevert.

Het frappante is dat op een ingewikkeldere manier hetzelfde wordt bereikt als via een sociaal leenstelsel. Immers, ook hier betaalt men naar draagkracht terug. Alleen, in plaats van een helder transparant systeem, waarbij je kunt zien hoeveel schuld je opbouwt, kiest Dibi voor een in nevelen gehuld systeem. Het gebrek aan transparantie zal de remming om te gaan studeren nog veel groter maken dan het geval is bij de de huidige leenangst. Overigens, als we naar het buitenland kijken, dan blijkt dat deze leenangst bij de overgang naar een helder sociaal leenstelsel slechts van korte duur is. Het credo in Nederland is schijnbaar: waarom makkelijk doen als het ook moeilijk kan?

Martijn Paping

Fiscaal econoom en promovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen