Gevoelige man met grillige keeperscarrière

Duitsland heeft geschokt gereageerd op de dood van Robert Enke. Honderden fans tekenden vanmorgen een condoleanceregister.

Robert Enke, een van de beste keepers van Duitsland en doelman van de nationale voetbalploeg, heeft zelfmoord gepleegd. Zijn onverwachte dood heeft de Duitse voetbalwereld in rouw gedompeld. „Het is niet te bevatten”, reageerde vandaag de voorzitter van de Duitse voetbalbond, Theo Zwanziger.

Enke (32) speelde voor Hannover ’96. Het was in kleine kring bekend dat hij aan psychische problemen leed. Volgens de politie heeft hij zich in Eilvese, een plaatsje in de buurt van Hannover, voor een regionale trein geworpen. Volgens een woordvoerder was hij op slag dood. In de buurt van de spoorweg werd Enke’s auto gevonden, met de portieren open en zijn portefeuille op de stoel van de bestuurder. Hij heeft ook een afscheidsbrief achtergelaten.

Alle Duitse kranten brengen het nieuws van Enke’s overlijden vandaag op hun voorpagina. De ochtendjournaals openden ermee. Enke was weliswaar niet zo bekend als Oliver Kahn, jarenlang de eerste keeper van Duitsland, maar hij was met al z’n ups en downs in zijn professionele- en privéleven toch een nationale figuur geworden. In het seizoen 2008/2009 stond hij zes van de elf wedstrijden in het doel van die Mannschaft. Hij had goede vooruitzichten om eerste keeper te zijn voor het WK voetbal in Zuid-Afrika, hoewel hij de concurrentiestrijd daarvoor door ziekte en vormverlies nog niet had gewonnen.

Enke stond bekend als een gevoelige, ietwat labiele man. Geen Grossmaul, eerder wat bescheiden. Een uitstekende keeper; degelijk, betrouwbaar en gedreven. Drie jaar geleden stierf zijn tweejarige dochter aan een aangeboren hartafwijking, een schok die hij met moeite te boven kwam. In een interview zei hij later: „Ik heb veel doorgemaakt. Eén ding weet ik: je kunt het leven niet veranderen. Je moet verlies verwerken”.

De profloopbaan van Enke, die uit een sportief Oost-Duits gezin kwam, begon in 1995 bij Carl Zeiss Jena. Een jaar later kwam hij uit voor Borussia Mönchengladbach, waar hij twee jaar op de bank zat en in zijn laatste seizoen voor die ploeg de sterren van de hemel speelde. Enke’s talenten waren opgevallen. Hij werd gekocht door het Portugese Benfica, mede door toedoen van oud-Gladbachtrainer Jupp Heynckes, die in die tijd coach van Benfica was.

In Lissabon, waar hij drie jaar speelde, beleefde Enke naar eigen zeggen een periode van grote bloei. Hij was vaste doelman, was geliefd bij het publiek en was eigenlijk graag bij Benfica gebleven. Maar het lot wilde anders. Louis van Gaal haalde hem in 2002 naar FC Barcelona. Zijn Spaanse tijd was een verschrikking. De Duitser debuteerde met een nederlaag tegen het nietige Novelda CF. De uitschakeling in de beker werd hem persoonlijk aangerekend. Enke speelde maar één competitiewedstrijd voor Barça. Als invaller maakte de doelman tegen Osasuna twee blunders.

Frank Rijkaard, in juni 2003 aangesteld als trainer van FC Barcelona, zag niets meer in Enke. Hij werd uitgeleend aan het Turkse Fenerbahçe. Ook daar was het kommer en kwel. In Istanbul speelde hij slechts één competitiduel. Hij stond nog korte tijd bij het Spaanse CD Tenerife onder de lat, maar was blij toen hij in 2004 naar Hannover kon.

Als doelman van Hannover ’96 hervond hij zichzelf. Enke werd door het sportblad Kicker twee keer verkozen tot beste doelman van de Bundesliga en veroverde een plaats in de nationale ploeg. Afgelopen weekeinde stond Enke nog in het doel van Hannover ’96 tegen HSV. De Nederlander Arnold Bruggink was ploeggenoot van Enke.

Honderden fans hebben gisteren voor het Hannover-stadion kaarsen voor Enke aangestoken. Vanmorgen stonden er lange rijen voor het condoleanceregister.