'Blackwater wilde Irak omkopen'

De top van het Amerikaanse particuliere beveiligingsbedrijf Blackwater heeft in 2007 circa een miljoen dollar gereserveerd voor steekpenningen aan Iraakse functionarissen. Dit in een poging de officiële protesten in het land te sussen over een incident waarbij werknemers van het bedrijf in september dat jaar 17 burgers doodschoten op een verkeersplein in Bagdad.

Dit bevestigden vier voormalige bewindslieden vandaag anoniem in The New York Times.

Na het incident op het drukke Nisourplein in Bagdad stelde de Iraakse regering dat ze Blackwater het land wilde uitzetten. Ondanks alle ophef is het bedrijf, dat voor het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken diplomaten en hoogwaardigheidsbekleders beveiligt, tot op de dag van vandaag actief in Irak. Blackwater dat inmiddels Xe Services heet, verdient jaarlijks honderden miljoenen dollars met haar beveiligingswerk voor de overheid. Het voert ook opdrachten uit voor het Pentagon en voor de inlichtingendienst CIA.

Onder de Amerikaanse wet zou het omkopen van de Iraakse functionarissen strafbaar zijn. Binnen het bedrijf ontstond dan ook grote onenigheid over de kwestie. Een van de topmannen, de hoge ex-CIA-functionaris Cofer Back, zou het bedrijf hierom hebben verlaten.

Xe Services noemt de berichtgeving in de The New York Times in een reactie tegenover de krant „ongefundeerd”.

Eerdere stukken over Blackwater: nrc.nl/buitenland