Het valt allemaal mee

Die foto, vorige week, van minister Ronald Plasterk die omhelsd werd door Rutger Castricum van PowNed, deed me denken aan de vraag of het nou steeds beter of steeds slechter gaat met de maatschappij. Dat komt: Rutger Castricum deed denken aan GeenStijl, GeenStijl deed denken aan reaguurders, en reaguurders deden denken aan de sociologische discussie die ik laatst bijwoonde op een wetenschappelijk congres.

De discussie ging over de vraag of mensen nou écht steeds individualistischer worden en steeds minder voor elkaar over hebben – bijna tien jaar geleden betoogde de Amerikaanse wetenschapper Robert Putnam dat in zijn beroemd geworden boek Bowling Alone. Putnam spreekt graag zinnen uit als: „Americans watch Friends, they don’t have any.” De vraag komt dan al snel op hoe erg het in Nederland is. Uit Utrechts onderzoek blijkt keer op keer: het valt allemaal enorm mee.

Dat was al fijn om te horen, maar wat het genotscentrum in de hersenen nog meer prikkelde was de manier waarop in een ouder Amerikaans onderzoek ‘gemeenschapszin’ werd gemeten: hoe meer ingezonden brieven mensen naar de krant schreven, hoe betrokkener ze bij de samenleving waren.

Trek dat maar eens door naar de huidige maatschappij. Als er iets is wat mede dankzij GeenStijl weer tot bloei is gekomen, dan is het wel de cultuur van ingezondenbrievenschrijvers. Goed, ze hoeven er niet meer voor naar de brievenbus, maar ze moeten wel de moeite nemen om een account aan te maken, met wéér een nieuw wachtwoord. Je zou dus kunnen concluderen dat het steeds beter gaat met onze maatschappij en dan met name met de ‘gemeenschapszin’ daarin.

Je zou trouwens ook allerlei andere dingen kunnen concluderen. Bijvoorbeeld dat iedereen zichzelf tegenwoordig maar zichtbaar twittert en Facebookt en commentaar heeft op iedereen, waardoor de wereld steeds meer een klein dorp wordt, zoals vroeger, toen de kerken nog vol zaten en de sociale controle gigantisch was.

En daar doet die foto van Ronald Plasterk en Rutger Castricum ook aan denken: hier wordt duidelijk iemand gesmoord in zogenaamd goede bedoelingen.

Ieder zijn eigen conclusie. O ja, die van mij is trouwens: er verandert eigenlijk nooit zo veel.

Ellen de Bruin