Gentherapie geneest ernstige hersenziekte

Gentherapie heeft twee jongetjes genezen van de hersenziekte adrenoleukodystrofie (ALD). De experimentele behandeling is al twee jaar geleden uitgevoerd en het gaat met beide jongens nog steeds goed (Science, 6 november). Een commentator in Science noemt het experiment een ‘comeback van de gentherapie’.

ALD is een erfelijke stofwisselingsziekte, die het zenuwstelsel aantast. De ziekte ontstaat door een mutatie in het ABCD1-gen dat op het X-chromosoom ligt. De genmutatie verstoort de aanmaak van het eiwit ALD, dat vetzuren afvoert uit hersencellen. Als het eiwit ontbreekt, hopen de vetzuren zich op in de vettige beschermlaag (myeline) rond zenuwbundels, waardoor ontstekingen ontstaan. De getroffen zenuwcellen functioneren hierdoor niet goed meer.

In Nederland worden elk jaar ongeveer tien ALD-patiënten geboren. Vooral jongens worden ziek. De eerste symptomen verschijnen als de kinderen zes tot acht jaar oud zijn. De enige behandeling tot nu toe was een beenmergtransplantatie. Die moest na de eerste tekenen van de ziekte worden uitgevoerd, anders is de neurologische schade al te groot.

De onderzoekers in Parijs behandelden twee jongetjes van zeven jaar oud. Ze namen beenmerg van de patiëntjes zelf af en isoleerden daar stamcellen uit.

Buiten het lichaam werd in deze cellen een werkend ABCD1-gen ingebouwd met behulp van een onschadelijk gemaakt hiv-achtig virus. De jongens kregen de gecorrigeerde cellen terug in hun beenmerg.

De hersenschade bij de jongens herstelde of bleef stabiel. Het resultaat is vergelijkbaar met dat van beenmergtransplantatie.

Het is de eerste keer dat een ernstige hersenziekte met gentherapie wordt behandeld.