De overwerkte accountant

Moet een werkgever voorkomen dat een werknemer zich over de kop werkt? De accountant die stilletjes dóórwerkte tot hij niet meer kon.

De Zaak. Een accountant meldt zich na jaren hard werken ziek. Hij is oververmoeid, gespannen, prikkelbaar, piekert veel, kan zich moeilijk concentreren en voelt zich gedemoraliseerd. Hij werkte 25 jaar bij hetzelfde bedrijf. De helft van het jaar werkte hij structureel 60 uur. De diagnose luidt ‘burn-out’ en de man belandt bijna volledig in de WAO. Na een aantal jaren wordt de keuring herzien en zijn uitkering verlaagd. Daarop spant hij met steun van de FNV een civiel proces aan. Hij stelt zijn kantoor aansprakelijk voor zijn inkomensschade. De kantonrechter geeft hem ongelijk. Het gerechtshof beoordeelt opnieuw.

Wat is de rechtsvraag? Had de werkgever moeten weten en moeten voorkomen dat de accountant veel te hard werkte? Kreeg de man wel de burn-out door zijn werk?

Welke feiten worden betwist? De omvang van het overwerk, de vraag of de werkgever dat kon weten, de eigen verantwoordelijkheid van de werknemer en de praktijk op het kantoor. Was er een urenregistratie? En waren dat de feitelijk gewerkte uren of alleen de declarabele uren? Deed de werknemer meer dan van hem kon worden verwacht? Of „hoorde” overwerken „er bij”?

Hoe bepleit de werknemer zijn zaak? Hij laat getuigen vertellen dat hij in de drukke maanden standaard 60 tot 80 uur werkte, meer deed dan verwacht kon worden en veel waardering oogstte. De overuren werden niet geregistreerd want „die konden toch niet in rekening worden gebracht”. Hij zegt talloze avonden bij zijn cliënten mee te hebben vergaderd en legt verklaringen over van artsen die zijn ziekte toeschrijven aan te veel overwerk.

Hoe verdedigt de werkgever zich? Die laat getuigen uit de bedrijfsleiding verklaren nooit overbelasting te hebben waargenomen. En daar ook van de werknemer zelf geen signalen over te hebben gekregen, ook niet desgevraagd. Van iemand met zijn opleidingsniveau, functie en zelfstandigheid mag verwacht worden dat hij problemen in zijn functioneren zelf aan de orde stelt. Van de gewoonte overuren niet te registreren was de leiding niets bekend. Zijn overspanning kwam voor het management als een verrassing. Toen die klachten naar buiten kwamen heeft het bedrijf zich bovendien voldoende ingespannen om afkeuring te voorkomen.

Hoe oordeelt het Gerechtshof? Die vindt dat de werknemer er in geslaagd is te bewijzen dat zijn burn-out werd veroorzaakt door structureel over te werken. Zijn overbelasting was evident. In de wet (7: 658 BW) staat dat de werkgever bovendien een zorgplicht heeft. Het bedrijf heeft niet onderbouwd hoe ze die zorg voor deze harde werker heeft ingevuld. Het had de klachten moeten voorkomen. Risico’s van een „min of meer permanente werkdruk” mogen niet bij de werknemer worden neergelegd. De werkgever moet een beleid hebben dat juist voorkomt „dat een werknemer door stelselmatige overbelasting klachten gaat ontwikkelen.”

Folkert Jensma