Antichrist

Van de geruchtmakende film Antichrist van Lars von Trier wist ik tevoren alleen dat er tegen het einde een gruwelijke, gewelddadige scène in zat. Die scène zou je leven voorgoed veranderen, begreep ik, als je het al mentaal overleefde. Ik besloot onmiddellijk alle recensies te mijden, want als je weet wat er gaat komen is de aardigheid eraf.

Niemand in mijn omgeving durfde met mij mee naar deze film, uit angst voor latere nachtmerries.

Daar zat ik dan in een nogal lege zaal van Pathé Tuschinski, waar de sfeer er niet beter op werd toen een dronken man binnen waggelde. Hij hield zich overeind door staande met zijn rug tegen een wand te leunen, terwijl hij een fles bier uit een plastic zak haalde en aan zijn mond zette. Af en toe maakte hij mompelend aanstalten om naar een van de hogere rijen te verhuizen, maar telkens riep een man achter mij: „Je blijft daar! Ik wil je hier niet hebben!”

Lars kon beginnen, of was deze man een afgezant van hem die ons alvast in de juiste stemming moest brengen? Niet zo’n gekke vraag, gezien de film die zou volgen. Satan is nooit ver weg bij Scandinavische filmers.

Het begin was al gruwelijk genoeg. Een jongetje valt of springt uit het raam terwijl zijn ouders even verderop de liefde bedrijven. Mijn god, kan het gruwelijker, dacht ik terwijl ik me vastklemde aan mijn stoel.

Gelukkig niet, althans in deze film. Er gebeurde nog wel veel ‘gruwelijks’, maar met de aanhalingstekens wil ik demonstreren dat ik er niet echt van ondersteboven was. Van die hele film niet, eerlijk gezegd.

Dat kwam vooral doordat het hoofdpersonage, gespeeld door Charlotte Gainsbourg, zo weinig interessant was. Zij is een krankzinnige – zo mag ik een moeder die de voeten van haar kind opzettelijk misvormt toch wel noemen? Door die krankzinnigheid verliest haar gedrag iedere relevantie. Krankzinnigen kun je alles laten doen en zeggen – en dat gebeurt dan ook in deze film.

Misschien moet je sjamanist zijn om de film op zijn waarde te kunnen schatten. Onze filmcriticus Coen van Zwol wees erop dat Antichrist wemelt van de sjamanistische motieven.

In het sjamanisme wordt er direct contact gemaakt met de geestenwereld door in trance te raken. Bijna vijftig jaar geleden ben ik van mijn christelijke geloof gevallen, één middagje Pathé Tuschinski met Lars von Trier leidt mij niet naar andere, metafysische paden, waar dieren een ‘zielenreis’ met je maken.

Verder troost ik me met de wetenschap dat ook Charlotte Gainsbourg het script niet begreep. „Maar Lars ook niet, dus was het goed”, heeft ze er raadselachtig bij gezegd.

Nu wil de lezer, slecht en nieuwsgierig mens als hij (en zij!) is, natuurlijk dolgraag van me weten wat die zogeheten gruwelijke, gewelddadige scène aan het einde precies inhoudt. Ik mag dat niet zeggen, vind ik, het is niet netjes tegenover de filmer. Wel kan ik vertellen wat er niet gebeurde.

Na afloop liep ik naast een kleine, mij onbekende man naar de uitgang. Hij keek me plotseling aan en vroeg: „Dacht jij ook dat ze ’m eraf zou snijden bij die gozer?”

Ik knikte. „Het zat er dik in.”

„Ik was opgelucht dat het niet gebeurde”, zei hij, en toen verdween hij in de kille, grijzige stad.