De David Beckham van het hockey

Hockeyer Ashley Jackson, die sinds vorig jaar uitkomt voor HGC, wordt langzaam een fenomeen. De jonge Engelsman (22) kan uit het niets een duel beslissen. „Hij kan alles met een bal”, zeggen zijn teamgenoten.

Was Ashley Jackson maar een Nederlander. De verzuchting van Paul van Ass komt diep uit het hart. En de HGC-coach verkeert nog in de luxe omstandigheid dat hij de Engelse hockeyer wekelijks kan opstellen. „Ashley is een ster.”

Ashley Jackson is pas 22 jaar, maar maakte het afgelopen jaar razendsnel furore, niet alleen op de Nederlandse hockeyvelden, ook internationaal. Engeland, dat in augustus Europees kampioen werd, is weer een land om rekening mee te houden, weten Australië, Duitsland, Spanje en Nederland. „Met hem is Groot-Brittannië in 2012 titelkandidaat voor de Spelen in Londen”, zegt Van Ass, die Jackson anderhalf jaar geleden naar Wassenaar haalde.

Sindsdien maakt hij wekelijks indruk in de hoofdklasse. Als jongen van 21 kreeg hij de taak Bram Lomans te vervangen, de international die met zijn dodelijke corner jarenlang dood en verderf zaaide op de hockeyvelden. Maar Lomans had zijn stick nog niet opgeborgen of het publiek op De Roggewoning vergaapte zich al aan de onnavolgbare corner van de Engelsman. In zijn eerste seizoen schoot Jackson 28 keer raak maar moest, doordat hij geblesseerd raakte, Roderick Weusthof boven zich dulden op de topscorerslijst. Dit seizoen staat de teller na elf duels alweer op veertien.

Op het EK in Amstelveen werd hij, onder meer na twee goals in de finale tegen Duitsland, onbedreigd de beste speler van het toernooi. Dat kwam niet alleen door zijn corner, ook door zijn veldspel, zegt Van Ass. „Hij is een ongelooflijk groot talent. Hij heeft een uitzonderlijke oog-hand-coördinatie, een hele goede kijk op de bal.”

Barry Middleton, ploeggenoot van Jackson bij HGC, Engeland en Groot-Brittannië, beaamt dat. „Hij is een natuurlijke sportman. Hij kan alles, mist nooit een bal. Als cricketer speelde hij ook op het hoogste niveau. Daar had hij ongetwijfeld ook de top gehaald.” Guus Vogels, doelman van HGC en Nederland, noemt hem een „eigenzinnige speler” met eigen ideeën. „Hij hockeyt intuïtief. Dat maakt hem ongrijpbaar.”

Jackson werd geboren in Chatham, even ten zuidoosten van Londen, in Kent. Daar speelde hij naar het voorbeeld van zijn opa en een oom vanaf zijn derde ijshockey en kwam drie jaar uit voor de nationale jeugdploeg. Maar hockeyen zonder schaatsen ging hem nog beter af. Op zijn veertiende debuteerde hij in het eerste elftal van Tunbridge Wells, waarna hij werd opgepikt door East Grinstead, een club uit de Premier Division. Hoewel hij tegelijkertijd carrière maakte als cricketer, voor topclub Kent, koos hij voor het hockey. „Dat ik eerder werd geselecteerd voor de nationale hockeyploeg gaf de doorslag”, zegt Jackson.

Zijn balgevoel leverde hem als tiener al de bijnaam ‘Ronaldinho van het hockey’ op, van zijn vriend en toenmalige ploeggenoot Phillip Coote bij East Grinstead. Maar in aanloop naar de Spelen in Peking, waar Jackson de jongste speler van de Britse selectie was, viel hij niet alleen op omdat hij zo makkelijk scoorde. In een fotoreportage met de ploeg in het tijdschrift Esquire werd hij wegens zijn uiterlijk ‘de David Beckham van het hockey’ genoemd.

Aan bijnamen dus geen gebrek – Jackson is hot, al is dat relatief in het Engelse hockey. Jackson heeft een Europese titel op zak, Beckham niet. En ook al draagt Jackson net als de stervoetballer bij voorkeur rugnummer 7, het leven van een tophockeyer in Zuid-Engeland verloopt beduidend rustiger. Jackson kan nog gewoon over straat in zijn woonplaats West Malling, en geeft als beroep trainingen. En wie op het Engelse Wikipedia zoekt naar Ashley Jackson komt alles te weten over de gelijknamige landschapsschilder uit Yorkshire, maar niets over de beste Engelse hockeyer van de laatste decennia. „De meeste Engelsen weten niet eens dat wij Europees kampioen zijn”, zegt hij zelf.

Wellicht verandert dat nog naarmate ‘Londen 2012’ nadert. Mensen die hem dagelijks van nabij meemaken, twijfelen er geen seconde aan dat Jackson de absolute top haalt. Eén van zijn grote kwaliteiten is zijn gevoel voor momenten, vindt zijn coach Paul van Ass. „Hij voelt precies aan wanneer er iets te verdienen valt. Hij geeft vaak een beslissend passje.” Alleen verdedigend was hij niet sterk toen hij bij HGC kwam, zegt Van Ass. „Hij snapte niet dat hij als middenvelder vanuit een verdedigende structuur moest spelen. Dat hebben we hem moeten leren.”

Inmiddels is Jackson niet alleen voor HGC maar ook voor de nationale ploegen van Engeland en – in olympisch verband – Groot-Brittannië een onmisbare schakel. Mede dankzij hun nieuwe sterspeler voelen de Britten zich in niets meer ondergeschikt aan de grote hockeylanden, zegt Barry Middleton. „We hebben de laatste jaren al een sterke nationale ploeg, met jongens die een tijd samen spelen. Maar de topdrie van de wereld heeft altijd een hockeyer die het verschil kan maken op beslissende momenten, zoals Teun de Nooijer of Jamie Dwyer. Zo’n speler scheelt enorm. Die hebben wij nu ook.”

Ook al is hij nog jong, Jackson tilt andere spelers in de nationale selectie naar een hoger niveau, vindt bondscoach Jason Lee. „Hij analyseert zijn eigen spel constant, waardoor er geen training of wedstrijd voorbij gaat waar hij wat van leert”, zei Lee onlangs. „Hij heeft zich snel ontwikkeld tot iemand aan wie anderen vragen stellen over bijvoorbeeld tactiek. Hij houdt zich overal mee bezig.”

Daarnaast hebben de Britten met zijn corner een wapen dat de vergelijking met die van Taeke Taekema kan doorstaan. „Die corner is van wereldniveau”, zegt Van Ass. Opmerkelijk vindt hij dat Jackson een compleet eigen stijl heeft. „Hij is niet iemand die anderen kopieert. Hij heeft zijn corner puur vanuit zijn talent ontwikkeld, zonder hulp van experts.”

Guus Vogels kan er over mee praten. Hij lag jaren onder vuur van Lomans en krijgt nu wekelijks tientallen kogels van Jackson om zijn oren. Vogels: „Ashley heeft weinig kansen nodig om te scoren. Hij heeft een andere techniek, een ander ritme. Voordat hij pusht neemt hij de bal een meter verder mee dan anderen. Daardoor heb je als keeper minder reactietijd en wordt de hoek steiler. Heel lastig te lezen. Daarbij maakt hij een hele korte polsbeweging en kan hij de bal op het laatste moment een andere kant op sturen. Die combinatie is vrij dodelijk.” De corner doet hem een beetje denken aan die van oud-international Taco van den Honert.

En Jackson traint erop alsof het een obsessie is. Misschien niet in de mate van zijn landgenoot Jonny Wilkinson, de rugbyer die een obsessief-compulsieve stoornis had als het ging om het oefenen van zijn kicks, maar Jackson is wel helemaal gek van hockey. „De meest volhardende, toegewijde speler die ik ooit heb ontmoet”, zei onlangs David Faulkner, hockeydirecteur van Engeland en olympisch kampioen in 1988 (Seoul).

Maar zo fanatiek als hij op het veld is, zo ontspannen is hij erbuiten. Vogels: „Zeg maar lui. Als het appartement moet worden gezogen vertelt hij vanaf de bank hoe zijn huisgenoten dat moeten doen.” En doet dat met een eigen gevoel voor humor, zegt één van die huisgenoten, Barry Middleton. „Hij kijkt altijd eerst de kat uit de boom, maar als hij zich thuis voelt neemt hij iedereen in de maling op zijn droge, sarcastische, typisch Engelse manier.”