Canada wil geen Mexicanen meer

Tot voor kort was Canada een laatste toevluchtsoord van Mexicanen op de vlucht voor drugsgeweld. Nieuwe regelgeving leidt nu tot vele schrijnende gevallen.

Te midden van een groepje Spaanstalige kinderen in een buitenwijk van de Canadese stad Toronto houdt Pedro Ochoa een honkbal omhoog tussen zijn duim, wijsvinger en middelvinger. „Zo houd je de bal vast”, zegt de 50-jarige honkbaltrainer op een veldje aan de voet van enkele mistroostige flats. En, legt hij in het Spaans uit aan de jongens uit immigrantengezinnen, „werpen doe je vanuit je schouder”.

Ochoa, een Mexicaan op de vlucht voor het drugsgeweld in zijn land, heeft een rol gevonden als honkbalmentor voor minderbedeelde Latino-jongens in Toronto, zijn toevluchtsoord. Twee jaar geleden ontvluchtte de oud-profspeler zijn stad Veracruz, na dreigementen van drugshandelaren. Zijn leven liep gevaar na ruzie met dealers bij het honkbalveld waar hij trainde, zegt hij. Hij werd in elkaar geslagen en kreeg een vuurwapen tegen zijn slaap. Hij vluchtte naar Canada, „het enige land waar ik heen kon zonder visum”.

Ochoa maakt deel uit van een golf van Mexicanen die naar Canada zijn gevlucht wegens de bloedige drugsstrijd in Mexico. Vorig jaar vroegen bijna tienduizend Mexicanen politiek asiel aan in Canada, een land dat relatief toegankelijk voor hen was omdat ze er naartoe konden zonder visum – in tegenstelling tot de Verenigde Staten. Wie voet zet in Canada heeft bovendien recht op een asielprocedure. Het aantal asielaanvragen van Mexicanen in Canada is sinds 2005 verdrievoudigd, en Mexico is uitgegroeid tot de grootste bron van vluchtelingen in het land.

Tot voor kort, althans. Want de Canadese regering heeft een einde gemaakt aan de toestroom door een visumplicht voor Mexicanen in te stellen. De maatregel was volgens premier Harper nodig omdat het vluchtelingensysteem te open zou zijn. Wegens het automatische recht op een procedure van een paar jaar zou het stelsel ‘nepvluchtelingen’ in staat stellen voor te dringen bij de normale Canadese immigratiestroom, meent Harper. „We hebben legitieme asielzoekers, maar besteden veel geld aan nepclaims, die door ons systeem worden aangemoedigd.”

Coach Ochoa staat nu op het punt om te worden uitgezet. Twee maal faalde hij de Canadese immigratierechters ervan te overtuigen dat hij in aanmerking komt voor politiek asiel. Hij is in afwachting van een laatste beroep. „Ik wil de wet naleven, maar ik wil niet terug naar Mexico”, zegt hij stellig. „De situatie in Mexico is erg moeilijk, drugskartels hebben er meer macht dan de regering. Ik vrees dat de dealers hun dreigement zullen waarmaken.”

Mexico, een partner van Canada in het Noord-Amerikaanse vrijhandelsverdrag NAFTA, beschouwt de visumplicht als een „vernedering”, zei de Mexicaanse senator Rosario Green Macías vorige maand in Toronto. Om naar Canada te komen moest ze bewijs van huisbezit overleggen, haar laatste zes bankafschriften, een brief van haar werkgever, en persoonlijke informatie over familieleden, verklaarde ze verontwaardigd. „Dit moet ophouden”, aldus Green Macías, een voormalige minister van Buitenlandse Zaken. Ze vergeleek de Canadese maatregel met de muur die de Amerikanen bouwen aan hun zuidgrens om illegale immigranten buiten te houden.

De visumplicht heeft echter het beoogde resultaat: het aantal asielaanvragen door Mexicanen in Canada is gekelderd van zo’n 7.000 in de eerste acht maanden van dit jaar, tot tientallen sinds die tijd, zegt Richard Goldman van het Hulpcomité voor Vluchtelingen in Montreal. Hij is fel tegen de tactiek. „Het is ongepast om een visumplicht in te stellen om een stroom te stoppen van mensen die veelal echt bescherming nodig hebben”, zegt hij.

Volgens Goldman gaat de visumplicht voorbij aan het reële gevaar dat asielzoekers uit Mexico lopen. Het land wordt geteisterd door een bloedige strijd tussen drugskartels en het leger. Sinds eind 2006 zijn ruim 14.000 mensen omgekomen. „Vele mensen die hier komen vanuit Mexico ontvluchten echt levensgevaar”, aldus Goldman. „De visumplicht ontzegt velen van hen bescherming in Canada – of elders, want ze kunnen nergens anders naartoe.”

Vluchtelingen uit Mexico hebben echter een lage acceptatiegraad in Canada: slechts 11 procent krijgt asiel. Dat heeft te maken met twee belangrijke criteria: kans op bescherming door de autoriteiten van het land van herkomst, en de mogelijkheid om in eigen land een veilig heenkomen te zoeken. Hoewel sommige waarnemers twijfelen aan het vermogen van Mexico zijn eigen burgers te beschermen tegen drugsgeweld, oordelen Canadese immigratierechters over het algemeen dat Mexicanen binnenlandse beschermings- of vluchtopties hebben.

De asielaanvraag van Ochoa is om die reden geweigerd – en er zijn andere schrijnende voorbeelden. Deze maand verwierp een vluchtelingentribunaal de asielaanvraag van Gustavo Gutiérrez Masareno, een politieman uit het Mexicaanse Ciudad Juárez met een reputatie als voorvechter van mensenrechten. Gutiérrez vluchtte vorig jaar met zijn gezin naar Canada omdat hij met de dood werd bedreigd na kritiek op vermeende mensenrechtenschendingen door het leger. Gewapende mannen verschenen bij zijn huis, en Gutiérrez ontving sms-berichten als „jij bent de volgende”.

Politiebescherming bleek een illusie in Juárez, een van de meest gewelddadige steden in Mexico aan de grens met Texas: Gutiérrez moest onderduiken omdat de deelstaat Chihuahua zijn veiligheid niet kon garanderen. Daarom klopt de redenering van de rechters niet, meent Mordechai Wasserman, de advocaat van Gutiérrez. Volgens hem negeren zij de ernst van de situatie in Mexico.

Enrique Rivera, een Mexicaanse vluchteling in Montreal, deelt die mening. „Mexico is in een staat van oorlog”, betoogt hij. Rivera, een politieke activist uit San Luís Potosí, verblijft sinds 2007 in Canada na bedreigingen. Canada was voor hem een land met respect voor mensenrechten, maar nu is het veel moeilijker er een veilig heenkomen te zoeken. „Want Harper heeft gezegd: we willen geen Mexicanen meer.”